Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘hondje’

Advertenties

Read Full Post »

Het is zaterdag, eind van de ochtend. Vriend is even boodschappen doen. Ik ben niet mee want ik dacht vanmorgen dat het wel weer een beetje ging met mijn schouder en heb enthousiast een was in de machine gedaan omdat de wasmand begon uit te puilen. Nou, dat heb ik geweten: nog geen uur later springen de tranen me in de ogen vanwege de pijn in mijn nek en schouders. Dus blijf ik maar even thuis. Met een uilenkruik op mijn schouder en een boek op schoot. Hondje zit naast me op de bank.
En dan gaat het weer mis. Ik zie ineens naast me een hondje met een vertrokken bekkie. Snel doe ik mijn boek dicht, zet mijn kop thee op tafel en sla mijn dekentje van me af, maar ik ben al te laat: Roemer valt van de bank af en stuitert over de vloer. Ik sta op en met één hand houd ik mijn uilen-kruik op z’n plek en met de andere houd ik mijn hond vast. Hij piept en ik zeg ‘Ja, dat is niet leuk hè ventje?’ Met zijn achterpoot is hij in zijn drinkbak terecht gekomen die hij nu vakkundig leegschopt.
Omdat hij zo piept, ik pijn in mijn schouder heb en in een half-staande, half-hurkende houding verkeer voel ik me iets minder rustig dan de vorige keer. En als hij een beetje bij komt wil hij gelijk lopen waardoor hij me ontglipt, wat erin resulteert dat hij, als een koe die de wei in mag na maandenlang op stal te hebben gestaan, een rondje rond de eettafel stuitert.
Uiteindelijk heb ik ‘m weer te pakken en weet ik hem te kalmeren. Zodra de aanval over is is hij opvallend fris. En ik heb geleerd van de vorige keer dus ik loop gelijk naar de kast om een kuipje vlees voor hem te pakken wat hij met smaak opeet. Zijn waterbak vul ik bij en die drinkt hij ook leeg. Ik droog hem af met een handdoek en dirigeer hem naar zijn plaats zodat hij daar even kan slapen. Maar daarna begint hij te piepen. Roemer is een kooikerhondje dus we noemen hem ook wel eens ‘piepbeestje’. Meestal betekent het piepen dat er een speeltje buiten bereik ligt maar nu kan ik niets anders verzinnen dan dat hij nog meer honger heeft. Gelukkig hebben we nog een heleboel lekkers in de kast dus open ik een blik met stukjes kip voor hem en doe dat in zijn bakje. Hij ruikt eraan en likt zijn lippen af maar begint daarna gelijk weer te piepen.
Ik besluit om even snel naar boven te lopen, een joggingbroek aan te trekken en dan bij hem op de grond te gaan zitten. Stel dat hij een aanval voelt aankomen of pijn heeft omdat hij van de bank is gevallen? IMG_20150222_123634
Als ik weer beneden kom staat Roemer me onderaan de trap op te wachten. Hij kijkt een beetje schuldbewust. Maar hij is wel opgehouden met piepen. Als ik binnenkom zie ik waarom: op zijn handdoek ligt een flinke drol. Dat was er dus.
Deze ontdekking is niet alleen voor Roemer maar ook voor mij een hele opluchting.  En volgende keer dus kuipje vlees geven en daarna even mee naar buiten nemen. We leren het wel.

Read Full Post »

Het is zondagmiddag en Arjo is net de deur uit om te gaan hardlopen in de duinen. ik zit op de bank met een kop thee en een stapel boeken over de Gouden Eeuw. Als de thee op is rol ik mijn yogamat uit. Maar voordat ik daar aan toe kom hoor ik Roemers nageltjes op een rare manier over de vloer krassen en zijn kop beweegt alsof hij in een rap tempo naar denkbeeldige vliegen aan het happen is.
Oh, hij krijgt een epileptische aanval. Twaalf weken eerder (ook op zondag) kreeg hij er voor het eerst één, dus ik weet wat ik kan verwachten. Gelukkig staat hij vlak bij zijn ‘plaats’ (een postzak gevuld met kussens) zodat hij daar op neer ploft. bijna tegelijkertijd raakt de zak doorweekt: hij laat zijn plas lopen. Ik plaats mijn handen op zijn schouder zodat hij een beetje stil blijft liggen en verschuif hem een beetje als hij door het schokken met zijn neus tegen de poten van een tafeltje dreigt te komen. ‘Rustig maar jochie’, zeg ik tegen hem. Het scheelt dat ik zelf ook rustig ben dus wie weet gelooft hij me ook.
Voor mijn idee komt hij sneller bij dan de vorige keer en in een soort Cobra-houding (voorpoten uitgestrekt, achterpoten nog plat op de vloer) hijgt hij wat na, het schuim nog op zijn bek. Hij wil lopen maar zijn achterpoten werken nog niet mee. Zijn broek (de haren aan zijn achterpoten) is nat van de urine. Ik zit naast hem en kriebel hem over zijn borst, daar wordt hij rustig van. En hij kijkt me moe aan. Zijn ademhaling voel ik kalmer worden en het duurt niet lang of hij staat op en loopt naar zijn drinkbak. De vorige keer had hij ook dorst maar toen duurde het langer voordat hij goed kon lopen.
Omdat hij in zijn etensbakje snuffelt vermoed ik dat hij honger heeft dus ik geeft hem een klein handje brokjes, die hij opeet. Intussen haal ik de kussens uit de postzak en kijk ik wat er nat is, dat breng ik naar boven en stop het in de wasmachine. Als ik weer beneden kom zit Roemer verbaasd op de overgebleven kussens. hij kijkt alsof hij zeggen wil: ‘Ik moet wel wennen aan deze nieuwe inrichting’. Roemer
Terwijl ik yoga doe wil Roemer steeds bij me op de mat, maar hij stinkt zo… Ik ben blij als vriend thuiskomt en hem onder de douche zet (ik kan zelf niet met Roemer de trap naar de badkamer op). Als vriend ons hondje naar appels geurend beneden heeft gezet gaat hij zelf nog even in bad. In smeer boterhammen voor ons, zet ze op de salontafel en zoek daarna een nieuw boek van mijn inmens hoge stapel. Achter me hoor ik een raar gesmak. Roemer heeft een boterham met cranberrypaté in zijn bek. En ik zie dat er van een andere boterham een plak worst ontbreekt.
‘Los!’ roep ik. Maar hij doet het niet. Dit is hoogst ongebruikelijk. Ik moet zelfs mijn vingers in de hoeken van zijn kaken steken om de boterham te kunnen loswrikken.
Het stelen van een boterham mag dan heel normaal gedrag zijn voor een hond, dat is het niet voor Roemer. Hij is duidelijk nog even zichzelf niet.

Read Full Post »

Ik loop met om mijn éne schouder een tas met nasi van de toko en om mijn andere arm mijn handtas (borsa in het Italiaans, zover ben ik al) en in mijn hand de riem van een onwillige hond op weg naar huis. Ik moet een beetje opschieten want ik moet die nasi opwarmen, eten en goed mijn tanden poetsen voordat ik zo naar de tandarts ga. En zoals altijd is dít het moment waarop Roemer even uitgebreid zijn behoefte gaat doen. Laatste zakje van de rol ook nog, dus het is te hopen dat hij er niet twee etappes van maakt zoals hij in het bos steevast doet.
Maismeelzakje erom en even een straatje om om het warme pakketje in een vuilnisbak te kunnen deponeren. We hebben er flink de pas in en willen een slenterende vrouw met larvenbak passeren als haar kleuter (die ze dus ook nog heeft) de weg voor ons verspert en ‘howwntje’ roept terwijl zijn handen als grijparmen richting Roemer gaan. Ik verwacht nog half dat ze de zin zegt die ik tegen Roemer zo vaak bezig ‘Ga eens opzij, laat die mevrouw er eens door’, maar niets van dat al. Dan maar via de straat een boog om het koter heen, maar het ergert me dat sommige mensen te lui zijn om hun kind op te voeden. Als je daar geen energie aan wil besteden, begin er dan ook niet aan.

Ga eens weg met die grijphandjes!

Ga eens weg met die grijphandjes!

Ik gooi de dampende drol in een groene bak en draai me om. Na een halve straat komen we het kind weer tegen en het blokkeert weer de hele stoep. De grijpgrage handjes gaan weer richting hond en weer zegt moeder niets. Ik denk bij mezelf: ‘ga eens uit de weg en hou je klauwen bij je’, maar ik zég: ‘dat lijkt me geen goed idee’.
En nu komt er wel geluid uit moedertjelief: een gepikeerd ‘nou zeg’. Dat is dan mijn beloning voor het wijselijk niet zeggen wat ik denk. Het is ook nooit goed.
Nou prima domme doos, als jij je kind wil leren dat hij zijn grijpgrage klauwtjes naar een onbekende hond uit mag steken dan leer ik mijn hond dat hij zulke kinderen mag bijten. Of beter nog: zulke ‘moeders’, om te voorkomen dat ze kinderen produceren die een gevaar zijn voor de samenleving omdat hen niet geleerd is wat dom gedrag is. Darwin zou het begrijpen.

Read Full Post »

Hondje

Ik hoor hem al als ik nog aan de balie sta waar het boek, dat uit een andere bibliotheek is gekomen, op mijn pas wordt gezet. Een hoog klagelijk geluid. Hieuw, hiew, hieuw HIEUW. Alsof hij ‘hier, hier, hier, hier ben ik, je bent me vergeten’, wil zeggen. Door de grote glazen ramen zie ik hem zitten: het is een markiesje en hij heeft een rood tuigje om. Markiesjes lijken veel op kooikerhondjes maar zijn net iets kleiner. En zwart, vaak met ergens een wit plekje, vaak op de borst.
Lieve, pientere hondjes, maar dit snapt hij niet. En ik kan hem geen ongelijk geven: ik snap het ook niet. Hij mag de bibliotheek niet in. En dat vind ik op zich al raar: wat denken ze dat hij daar gaat doen? Boeken opeten? Tegen de stellingen plassen? En drol draaien in de voorleeshoek? Of vermoeden ze dat hij in dat tuigje een schaar heeft zitten en dat hij alle plaatjes van leuke teefjes uit de encyclopedie gaat knippen? Het is me een raadsel: gillende kinderen zijn geen probleem, maar de hond moet buiten blijven (terwijl hij in boekhandels, waar ze de boeken ook nog moeten kunnen verkópen, gewoon welkom is).

Wat? Ik mag de bibliotheek niet in? Maar ik wil een cursus aporteren gaan volgen!

Wat? Ik mag de bibliotheek niet in? Maar ik wil een cursus aporteren gaan volgen!

Maar wat ik nog vreemder vind dan dit verbod is het feit dat iemand zijn lieve hondje ook aan een fietsenrek bindt en de bibliotheek in gaat. Je laat je baby toch ook niet allen buiten liggen? En voor een hond is het nog veel erger want die heeft er ook echt lást van dat hij alleen gelaten wordt. Het Hieuw, hiew, hieuw HIEUW gaat me dan ook door merg en been als ik langs hem loop. Arm hondje. Eigenlijk zou ik hem willen aaien en hem de hondenkoekjes willen geven die ongetwijfeld in mijn tas rondslingeren, maar dat moet je natuurlijk niet doen met een onbekende hond. Misschien is hij bang en bijt hij en misschien mag hij wel helemaal geen koekjes. En wellicht denkt de baas (die hem hopelijk vanachter het raam goed in de gaten houdt) dat ik hem wil stelen. dat zou dus mijn ergste nachtmerrie zijn: dat iemand mijn hond steelt.
Hu, niet aan denken, snel doorlopen en in gedachten een aai naar het hondje sturen. En dan kom ik langs de dierenwinkel. Op koningsdag is ons eigen beste vriendje jarig. ‘Ik stel voor dat we hem gruwelijk verwennen’, zei vriend. Dat gaat vast lukken, ik heb mijn schuldgevoel over andermans hond afgekocht.

Read Full Post »

hamletbook1

Waarom lees je niet gewoon een boek?

In een column voor Dierenpraktijken heb ik al eens geschreven over het kijkgedrag van onze jonge mijnheer de Kooiker. Mijnheer kijkt namelijk tv. Dat wat er op het scherm verschijnt, dat gebeurt in zijn huis. Dus is hij er niet van gediend dat katten in televisiereclames olijk van muurtjes afspringen. Hij is namelijk bepaald géén voorstander van katten in zijn huis. Het intro van de serie Downton Abbey weet Roemer dan weer wel te waarderen: een oude, blonde labrador die gemoedelijk door een groene omgeving sjokt met zijn baas, dat is leuk, daar gaat hij wel even rechtop voor zitten. Net als voor Sesamstraat, daar komt van allerlei leuks voorbij, met vrolijke geluidjes en hoge stemmetjes. Als er Sesamstraat op tv is dan heb je geen kind meer aan Roemer. Hij is dan ook drie: precies de doelgroep. Maar programma’s van omroep Max weet hij soms ook wel te waarderen: Met het mes op tafel is leuk als Mylou gaat zingen. Maar het belletje van de shout-out-vraag doet hem blaffend naar de voordeur rennen. Soms wel drie keer in een aflevering.
Als ik alleen thuis ben (nou ja, met Roemer dan, dus dat is nooit echt alleen) dan kijk ik graag naar langzame series of films waar stuiter-ram (beter bekend als vriendlief) zijn aandacht niet bij kan houden. Naar Mr Selfridge, Endeavour of Lewis. Het nadeel van het kijken van detectiveseries met mijn hond op schoot, is dat er altijd een moment komt waarop hij tegen de tv gaat grommen. Heel even maar: hij kijkt op, doet grrr en legt dan zijn kop weer op schoot. Maar voor mij is het dan al klaar: ik weet wie de dader is. Daar heeft mijn viervoeter me even op gewezen. En het probleem is: hij heeft ook altijd gelijk. Zelfs die keer dat ik zéker wist dat hij er naast zat. Toen had hij toch gelijk. Die mijnheer van Midsommer Murders heeft toen haarfijn uitgelegd waarom. Maar Roemer wist het eerder. Er zou een waarschuwing op die Kooikerhondjes moeten staan: spoiler-alert!
Voor afgelopen vrijdag had ik iets op de harddrive staan waar ik me al een paar dagen op zat te verheugen: een drie uur lange opname van het toneelstuk Hamlet door the Royal Hamlet Shakespeare Company. En hier kan Roemer niets aan verklappen: ik weet toch al wie het gedaan heeft. Jaren geleden heb ik een keer een toneelbewerking van Hamlet bijgewoond (onder de titel Who goes there?)-nou ja, bijgewoond…het was iets meer dan dat: het bracht ons van de kelder naar de zolder van de oude Toneelschuur-en ik blijft het een geweldig en intrigerend verhaal vinden. Misschien wel omdat Hamlet het archetype Atlas-man is.
K-9 en Dr. WhoHeerlijk, drie uur op de bank met Shakespeare op de beeldbuis en een vredig hondje op schoot. Ik ga er in ieder geval vanuit dat er geen springende katten of alarmerende belletjes voor de  shout-out-vraag.Bovendien wordt de titelrol gespeeld door David Tennant en die kent hij nog van doctor Who. En dan vooral van die aflevering met K9, de robothond. Want robot of geen robot, een hond op tv is leuk.
Het begint goed, kopje thee, de eerste paaseitjes van het jaar binnen handbereik en een tevreden hond op schoot. En de prins van Denemarken wordt op elegante maar niet te missen wijze steeds gekker.
De prince of DenmarkMaar dan komt de wereldberoemde scène waarin hij tegen Yorick praat met diens schedel in zijn hand. De scène waarin Shakespeare een vanitas-schilderij tot leven lijkt te willen wekken. Die Scène dus. En David, ehm…Hamlet begint aan de onsterfelijke zinnen: ‘Alas, poor Yorick! I knew him, Horatio; a fellow of infinite jest, of most excellent fancy; he hath borne me on his back a thousand times; and now, how abhorred in my imagination it is! My gorge rims at it. Here hung those lips that I have kissed I know not how oft. Where be your gibes now? Your gambols? Your songs? Your flashes of merriment, that were wont to set the table on a roar?’, maar ik versta er niets van want Roemer is in volle ‘er-is-ineens-iets-in-mijn-huis-verschenen-wat-ik-niet-pik-modus gegaan.
Blijkbaar had de regisseur niet mogen inzoomen op de schedel die ineens levensgroot in beeld kwam. Later las ik ergens dat de gebruikte schedel, in tegenstelling tot wat ik dacht, wel degelijk een menselijke schedel was. Te weten die van pianist en Shakespeare-liefhebber Andre Tchaikowsky. Toen hij in 1982 op 46-jarige leeftijd overleed was het zijn wens dat zijn schedel ooit zou figureren in een stuk van Shakespeare. Hamlet was zijn favoriete stuk. Sinds de 19e eeuw waren er geen echte schedels meer gebruikt op toneel, maar voor Dr. Who is natuurlijk niets te gek. Zou Roemer het geweten hebben en het er niet mee eens zijn geweest?

Hamlet is gek en Roemer wordt het ook

Hamlet is gek en Roemer wordt het ook

Geen idee, maar de cameo van Andre Tchaikowsky is hier in huis in ieder geval niet onopgemerkt gebleven. Het lijkt mij op zich ook wel fijn om vastgehouden te worden doorDavid Tennant, maar dit gaat me wel wat ver. En ik denk niet dat mijn hond het goed vindt .

Dít is het moment om tv te gaan kijken

Dít is het moment om tv te gaan kijken

Read Full Post »

“Wanneer gaan jullie eigenlijk trouwen?”, vraagt vriendin Roos terwijl ik het haar, haar mensen-puppy en hond Roemer door Elswout loop, de plek waar zij en haar man hun feest vierden.
“Nou…ehm, geen idee. Misschien wel nooit. Het zal in ieder geval geen sjiek feest worden met mij in een witte jurk en een draaiboek en stress enzo. En ook geen sprookjeslocatie zoals dit.”
“Nee? Heb je nooit gedroomd van trouwen in een witte jurk”, vraagt Roos.
En ik moet zo hard lachen dat Roemer even geen interesse meer heeft in de wortels die voor de herten over het hek zijn gegooid. Nee, daar heb ik nou nog nóóit van gedroomd. Gelijk komt de wansmaak-winkel weer in mijn gedachten: een bruidszaak die vroeger op de Gedempte Oude Gracht zat waar enge poppen met citroengele getoupeerde pruiken en gekleed in helwitte suikertaarten in de etalage stonden. Mijn moeder wist hoe vreselijk ik dat vond, dus elke keer als we die winkel passeerden greep ze me bij mijn arm en zei ‘Oóóh, kijk nou wat moooi! Je zou me zóóó’n plezier doen…’. ‘Mam, doe normaal, ik wil naar de bibliotheek’, zei ik dan. Want tja, waar droomde ik van? Niet van witte jurken maar van Oscars (voor de hoofdrol natuurlijk), van een Gouden Griffel en van het worden van de eerste vrouwelijke Minister President.
Nu zijn al deze dingen nog net zo ver van mijn bed als ‘de mooiste dag van je leven’, ik ben inmiddels wel bezig met het schrijven van mijn 4e boek (nog geen roman helaas, maar wie weet belt er morgen een uitgever omdat ze me willen hebben, je moet blijven dromen) en als je in Haarlem woont kun je tijdens de komende gemeenteraadsverkiezingen op me stemmen. Ik ben namelijk gevraagd om lijstduwer te worden voor de SP. Dus mocht je het niet weten op 19 maart…lijst 5, nummer 25! verkiezingen
Dan droom ik nog even verder…maar eigenlijk hoop dat er binnenkort een andere capabele vrouw minister president van Nederland wordt…dan kan ik me richten op die Libris Literatuurprijs (je moet je dromen af en toe bijstellen)…

Read Full Post »

Older Posts »