Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘#vrijdagcolumndag’

Vroeger, als ik in de zomer bij mijn nichtje logeerde en we na een dagje strand, gedoucht en wel in onze pyjamaatjes klaar zaten om naar bed te gaan, hoopten we dat het zou onweren. Want dat was zo ‘gezellig’. Volgens mij vonden we het vooral een hele goede reden om ons bed weer uit te gaan om naar het schouwspel te kijken.
Nog steeds vind ik het bijzonder om het gerommel in de lucht te horen en de flitsen te zien maar de laatste tijd gaat het zó heftig tekeer dat er weinig ‘gezelligs’ meer aan is. Afgelopen nacht waren de knallen zó hard en onverwacht dat slapen geen zin had. We slapen onder een schuin dak dus de regen en hagel die tegen de pannen knallen klinken alsof ze tegen je hersenpan slaan.
Menig hondenmoeder en -vader heeft de nacht doorgebracht naast een bibberende viervoeter en ook ik zei na de eerste hagel-aanval tegen de mijnheer dat hij het hondje maar even naar boven moest halen omdat ik het zielig vond dat hij beneden alleen was.
Toen de mijnheer weer boven was met Roemer op zijn nek zei hij (de mijnheer dus, Roemer kan alleen gebarentaal en geluiden die nog net geen spreken zijn) ‘Hij lag dus gewoon te slapen hè?’
Dat verbaasde me eerlijk gezegd niet zo erg, het was ook eigenlijk een kwestie van ‘mijn moeder heeft het koud dus ik moet een vestje aan’. Ik wilde hem gewoon bij me hebben. Toch dat knusse gevoel van samen op een kamertje, gewikkeld in een slaapzak en met het gerommel op de achtergrond.
En het kàn ook zijn dat hij het helemaal niet zo leuk vond, die knallen, maar dat hij maar deed alsof het hem niets kon schelen, zo is ie ook wel weer. Toen hij eenmaal boven lag te slapen wist ik in ieder geval zeker dat hij zich écht veilig voelde. Vanaf dat moment hoefde ik me alleen nog maar zorgen te maken of die éne rijpe aardbei in de tuin het natuurgeweld wel zou overleven.

Advertenties

Read Full Post »

Onlangs las ik ‘Mamma’s last hug’, het nieuwste boek van primatoloog Frans de Waal. Je zou het kunnen samenvatten als één lang pleidooi voor het serieus nemen van gevoelens en emoties bij dieren. Net als vele andere hondenmoeders was ik allang overtuigd van het bestaan van een scala aan emoties in het dierenrijk, maar desalniettemin vond ik het een onderhoudend en leerzaam boek.
Zo kennen we allemaal de chimpansee (al was het maar van de film van Bert Haanstra) en weten we dat we zeer nauw aan hen verwant zijn. En de bonobo kennen we ook wel, dat zijn die apen die alles oplossen met seks. Maar aan hen zijn we net zou nauw verwant als aan die chimpansees. En zeg nou zelf, als je naar het park of bos zou gaan met je gezin en je komt daar (voor jou onbekende) soortgenoten tegen, val je die dan aan? Loopt dat onherroepelijk uit op matten? Of is de kans groter dat je elkaar begroet en dat, als ze kinderen bij zich hebben, je het compleet normaal vindt dat jouw kinderen bij hen in de buurt komen om te gaan spelen? En zou het zelfs zo kunnen zijn dat jullie eten met elkaar gaan delen?
Want dat is wat er met bonobo’s gebeurt: als die onbekende soortgenoten tegenkomen dan loopt dat bijna altijd uit op een picknick. En soms een orgie inderdaad, dat ook.
Frans de Waal suggereert in zijn boek dat het daarom bést wel eens zou kunnen dat onze voorouders bonobo’s zijn en niet hun agressievere grote broer de chimpansee. En dat is interessant want bonobo’s leven in een matriarchale samenleving. Met andere worden: de vrouwen zijn de baas. Als een jong bonobo mannetje zich misdraagt wordt hij door een groepje ‘tantes’ terechtgewezen en zo nodig in elkaar geslagen. Het lijkt me wel een verfrissend idee voor onze samenleving. Dat er bij zo’n gast als Holleeder wordt aangebeld en dan staat daar een groepje invloedrijke grande dames voor de deur. Bijvoorbeeld Khadija Arib, Eva Jinek, Sonja Barend en Neelie Kroes, en die vragen dan ‘Klopt het dat jij allemaal mensen hebt laten vermoorden?’ En ik stel me zo voor dat hij dan iets zeer éloquents zegt als ‘ja nou eh..’ En dat ze dan zeggen dat hij dat direct me op moet houden, eventueel gevolgd voor wat gemep met handtasjes.
En daarna gaan ze gezellig picknicken met Angela Merkel.

Read Full Post »

If you have not yet watched the last episode of Game of Thrones yet, stop reading now. Seriously, Ron Weasley would tell you to check out your priorities.

If you háve watched it you’ll probably agree with me that it’s not a victory for feminism. For years we have been applauding a strong female character or two. One who has said she will not knit by the fire while men fight for her (Lady Mormont) and another even wants to claim the throne for herself (the mother of Dragons). Neither of them made it. Especially the last death was difficult to swallow because the aftertaste is one of ‘she was a woman so she was unfit to rule, see she became hysterical so she had to die.’ And what do we say to that? Fuck that shit.
It has been very obvious that 6 episodes was not enough to get us, viewers, on the same page. The episode contained very few dialogue so we just had to take it from the men close to Daenerys that she was indeed going mad.  We would have liked to see some more proof of that. On the whole this season was rather lacking in dialogue. Which is a pity because the cast is excellent. In fact I was only starting to really liking the show again when the new ruler of Westeros was bickering with the hand of the king. So here’s how the showrunners can make it up to me: a comedy series. 20 minutes per episode, mainly consisting of Bran the Broken squabbling with his hand. Because, face it, that verbal chess between the two of them was the best part of the last episode.
I also thought about a title: ‘Talk to the hand’. Maybe the sister of the king can also make appearances in between her journeys to the far ends of the world. And maybe, maybe she’ll also visit Storm’s End at some point. Or am I asking for too much now?

Read Full Post »

Ze zeggen niet voor niets dat honden en bazen op elkaar gaan lijken (of kiezen we -onbewust-voor een huisdier dat op ons lijkt?). En ik weet wel dat anekdotisch bewijs geen bewijs is, maar ik ken geen enkel hondenmens die deze wijsheid tegenspreekt.
Zo trok ik afgelopen zaterdag met een vriendin de stad in. Ze had haar teckel-meisje niet meegenomen. ‘Nee, dat zijn te veel indrukken voor haar en dan raakt ze overprikkeld en wordt ze dwars. Net als ik eigenlijk. We lijken nogal op elkaar.’ Ons eerste gezamenlijke doel was de boekhandel. Vriendin woont in een kleinere plaats en had aan mij gevraagd of er in Haarlem een goede boekhandel te vinden was. Jazeker, meerdere, ik kan zo drie goede opnoemen, maar we gingen eerst naar de mooiste.
In deze boekhandel werkt een mijnheer die daar al heel lang werkt en deze mijnheer heeft smaak, dus hij vindt Roemer erg leuk. Alleen hangt Roemer steevast de verlegen deerne uit als de mijnheer hem aaien wil. En dat vind ik nogal suf want zo lijkt het net alsof Roemer hem niet vertrouwt en daar lijkt me geen reden toe.
Afgelopen zaterdag was het weer precies hetzelfde liedje: de mijnheer ging netjes door de knieën, liet Roemer aan zijn hand snuffelen en wilde hem aaien (op de borst, de plek waar hij dat ook het liefst heeft). Maar Roemer dook weer eens weg achter de benen van ‘mamma’. Ik besloot een trucje toe te passen dat prima had gewerkt bij de glazenwasser waar hij als pup zo bang voor was geweest. Ik was toen met de doodsbange Roemer en een handvol koekjes naar buiten gelopen en had aan degene die zo brutaal was om aan onze ramen te zitten gevraagd of hij de pup even een koekje wilde geven. Dat wilde hij wel en bij zijn volgende bezoek stond Roemer hem kwispelend op te wachten. Maar wat bij een pup van een paar weken werkt, daar trapt een hond van 8 nog niet in. Hij wilde wel een koekje aannemen van de boomlange boekwinkel-mijnheer maar hij kijk direct daarna mij aan met een blik die leek te zeggen ‘Ik weet heus wel dat dat koekje gewoon van jou afkomstig was, hoor mens.’
Vriendin en ik trekken verder na onze boekenbuit te hebben afgerekend. Eenmaal weer buiten zeg ik ‘Ik durfde vroeger niet tegen hem te praten.’ ‘Hoezo?’ “Tja, ik weet niet, ik was voor niets en niemand bang, maar tegen een jongen van mijn eigen leeftijd praten die er zo uitzag en ook nog eens van boeken hield, nee, dat kon ik niet. Als hij gedag zij dan dook ik achter een boekenkast. Maar dat is wel al zo’n 20 jaar geleden hoor.’ En ik kijk naar Roemer die vrolijk met ons mee wandelt. Dan pas valt het kwartje. Zo hondenmoeder zo zoon. Over een jaar of 20 is hij vast de beste maatjes met de mijnheer…

Read Full Post »

In mijn studententijd werkte ik in het bekendste kaasrestaurant van Haarlem (voor zover ik weet hebben we maar één kaasrestaurant). Als de kok me vanuit het piepkleine keukentje dan een caquelon aanreikte zei hij er vaak bij ‘Hij is niet heet’. Na het uitserveren van het pannetje met fondue liet ik hem dan mijn vingertoppen zien: stuk voor stuk voorzien van een mooie witte blaar.
Ik moest daar vorige week weer aan denken toen ik een stukje had gelopen met mijn hondje op Palladiums die niet zo heel erg lekker zaten. Toen ik de volgende ochtend mijn sportschoenen aan trok om naar essentrics te lopen, zaten die ook niet lekker. Eenmaal weer thuis zag ik wat de oorzaak was: ik had een enorme blaar op mijn rechterhiel. En dat van een stukje lopen op schoenen die ‘niet zo heel erg lekker’ zaten.
Zou ik een dunnere huid hebben dan andere mensen?
Dat dat figuurlijk zo is wist ik al: dingen raken me meer dan ze andere mensen doen. Ik hoef geen in-your-face beelden te zien om me in te kunnen leven in anderen (mens, kind, dier). Sterker nog, als die dingen toch in mijn gezicht gesmeten worden, wordt ik daar letterlijk onpasselijk van. Sommigen noemen dat laf (degenen die beelden van gemartelde dieren het internet opsmijten), ik noemde het hoogsensitief, maar misschien is het wel autistisch. Misschien hebben wij, mensen op het spectrum, wel geen filter. Zitten we daarom het liefst onder een (zware) deken die fungeert als extra laag tussen ons en de buitenwereld. Misschien kan ik daarom, ook als de mussen dood van het dak vallen, niet slapen zonder laken over me heen. Kan ik me niet ontspannen als ik met mijn rug naar een open ruimte zit en heb ik daarom het liefst hele lange nagels, om een buffer te creëren tussen mezelf en alles wat er is. En die blaren, die zijn er om mijn huid te beschermen en te vertellen dat ik nu wel ver genoeg gelopen heb. Nu nog een ‘blaar’ tegen beelden van verdronken kinderen, gekooide honden die een bontkraag gaan worden en oerang oetans die het tegen een graafmachine op willen nemen.

Read Full Post »

Volgens mij was het op één van de eerste pagina’s van ‘de Griezels’ van Roald Dahl waar ik een wijsheid las die me altijd bij is gebleven. Dahl schrijft daar dat iemand die goed en aardig van aard is, nooit echt lelijk kan zijn omdat hun mooie gedachten als een soort zon naar buiten stralen. Daaronder stond een door Quentin Blake getekend portret van een obese mevrouw met vooruitstekende tanden en een wortelneus in een vriendelijk gezicht.
Ik moet er steeds aan denken als ik Stephen Fry zie, niet echt een hele mooie man, maar hij heeft die liefste ogen ter wereld en daardoor toch heel fijn om naar te kijken. Volgens de theorie-Dahl heeft hij dus hele mooie gedachten. Het omgekeerde komt helaas ook voor. Zo was er ooit een hele knappe schrijver die mooie boeken schreef maar blijkbaar is er iets misgegaan in zijn brein want hij is al 20 jaar niet mooi meer en uit zijn pen komt ook voornamelijk gif. Deze week schreef hij bijvoorbeeld klimaatactivist Greta Thunberg ‘een lange geschiedenis van mentale stoornissen heeft’. En ‘haar ziektes hebben haar de perfecte voedingsbodem gegeven om als klimaatprofetes op te treden’. Allereerst: Greta heeft geen ziekte, ze heeft Asperger. En ik geef toe dat Asperger is bepaalde situaties een belemmering kan zijn, een ‘ander’ brein kan er ook voor zorgen dat je de dingen helderder kan zien. Als de poolkappen smelten dan is het belangrijk om daar iets aan te doen in plaats van je zorgen te maken over een schoolfeest of een proefwerk of denken ‘wat kan ik daar aan doen?’ Greta ziet haar autisme ook niet als een beperking maar als een gave en vindt ook niet dat ze ‘gek’ is maar dat neurotypische mensen eerder raar zijn. En daar zit ook wel iets in als je de stukjes leest van klimaatontkenners of de smoesjes hoort van wereldleiders die er nog steeds niet in geslaagd zijn om CO2-uitstoot te verminderen. Verder schrijft de lelijk geworden man dat Greta’s angsten, onrust, fobieën en eetstoornissen niet langer de kenmerken zijn van haar mentale ziektes maar (ze) hebben een externe rechtvaardiging gevonden: het klimaat. Dit is ongetwijfeld cynisch bedoeld, maar bevat wellicht meer waarheid dan de schrijver bedoeld had: mensen met Asperger kunnen dingen niet makkelijk naast zich neerleggen of denken ‘ach, het zal mijn tijd wel duren’. Elk verdronken kind, elke vergiftigde bij, elke vermoorde koe, dat voelen we, en daar willen we iets aan doen. En ja, dat geeft stress. Maar alleen een echt zieke geest ziet dat als een reden om iemand de mond te snoeren.
Ik geef toe, het is een moeilijke tijd voor oude mannen die niet in staat zijn om jonge vrouwen serieus te nemen. Greta is de  Arya Stark van de klimaatdiscussie en nu is het tijd om te beslissen wie je zelf wil zijn. Ben je Ser Davos die het van een afstandje goedkeurend aanziet, ben je Melissandre die haar bemoedigend toespreekt of ben je Cersei die zich terugtrekt in haar toren en denkt ‘ik moet het nog zien allemaal’. Ik weet wel welke rol Roald Dahl had gekozen in dit verhaal.

Read Full Post »

Over ongeveer een maand, op 23 mei, mogen we weer stemmen. Dit keer voor het Europees parlement. En ik ben benieuwd of de usual suspects dan óók weer met hun bakkes op de verkiezingsposter zullen verschijnen terwijl ze helemaal niet verkiesbaar zijn.
In de aanloop naar de verkiezingen voor de Provinciale Staten kwam ik ze namelijk op zo’n beetje elke straathoek tegen: die ene met dat rare haar en die andere die zo graag wil laten merken dat hij gestudeerd heeft dat hij niet normaal meer kan praten. Beiden zitten ze, tot schande van velen, nu in de Tweede Kamer en waren derhalve NIET verkiesbaar voor de Provinciale Staten. Maar dat weerhield hen er niet van om met hun ijdele hoofden op een verkiezingsposter te gaan staan. En ik verbaasde me erover dat dat mag. Ik vind het namelijk een vorm van kiezersbedrog.
En ik kan me voorstellen dat je nu denkt dat kiezers heus wel weten dat leden van de Tweede Kamer niet verkiesbaar zijn voor de provincie, maar ik zou wíllen dat dat zo was. Ik koester weinig illusies sinds ik een vrouw heb horen zeggen dat ze op (de partij van) de klimaatontkennende lavendelsnuiver had gestemd omdat ze vond dat er wel veel geld naar het milieu enzo ging en dat kon beter aan de zorg besteed worden. ‘En heeft hij daar ook iets over gezegd, over de zorg?’, vroeg de interviewer. Het bleef even stil. ‘…eh…nee, dat niet’, zei de vrouw. En nu blijkt ook nog dat de mensen die wél op de lijst stonden van wat Pieter Derks heel passend ‘Democratie voor de Vorm’ noemt, helemaal niet van plan zijn om naar de desbetreffende provincie te verhuizen, terwijl ze dat wel beloofd hadden. Nog meer kiezersbedrog dus. Zullen we gewoon afspreken dat mensen die met hun hoofd op hun verkiezingsposter gaan staan dat alleen in een gestreept shirt mogen doen, met een bordje in hun handen met daarop een cijferreeks en dat er dan een grote stempel met het woord LEUGENAAR over hun gezicht geplaatst wordt?
Maar ik ben bang dat er dan ook nog genoeg simpele zielen zijn die dat wel ‘lekker anti-establishment‘ vinden en dan alsnog op die kneuzen gaat stemmen.

Read Full Post »

Older Posts »