Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘feminisme’

De afgelopen twee weken heb ik in Italië doorgebracht (waar het qua corona stukken veiliger toeven is dan hier, maar dat terzijde). Nieuws over ons ‘lekker eigenzinnige’ landje bereikten ons mondjesmaat via social media.
Wat we wel mee hebben gekregen is de rel rondom een aantal ‘bekende’ Nederlanders die beweerden dat ze ‘niet mee mee’ zouden doen met de corona-maatregelen en #friedepiepel riepen. Ik dacht eerst nog dat het iets met ‘ein bißen Friede’ te maken had (tja, we hadden onderweg naar Italië in Zwitserland overnacht), maar het moest free the people zijn.
De ‘bekende’ mensen wilden de vrijheid om zich aan de regels te onttrekken en zo anderen de ultieme vrijheid te geven: de dood. Want als er één manier is om je aan alle maatschappelijke regels te onttrekken dan is het wel door er gewoon tussenuit te knijpen. En die kans is best groot als je covid-19 krijgt.
Er kwam behoorlijk wat kritiek op de friedepiepel-people, maar die leek zich vooral te concentreren op Famke Louise. Ik heb het filmpje vluchtig langs zien komen en volgens mij was ze de jongste en één van de weinige vrouwelijke deelnemers. De ideale zondebok dus. Vrouwtjes wegzetten als dom en labiel kent namelijk een eeuwenoude traditie (en ik weet hoe dol velen zijn op traditie). En intussen blijven Mentaal instabiele Theo en Thomas Berggeit lekker buiten schot.
En je zult mij niet horen beweren dat Famke Louise het buskruit heeft uitgevonden maar velen kunnen nog wel iets van haar leren. Zodra haar wordt uitgelegd dat ze het bij het verkeerde eind heeft en dat haar acties negatieve gevolgen hebben dan zegt ze ‘sorry’ en zet ze zich in voor de goede zaak. Dat was zo na haar verkiezing tot ‘Dom Bontje’, ze maakte een documentaire in samenwerking met de Bont voor Dieren en dat is nu ook weer zo.
Arjen Lubach had misschien nog wel de beste analyse: het filmpje bewees maar weer hoe slecht het gesteld is met het onderwijs maar voor Famke Louise is het in ieder geval niet te laat om te leren en dat geeft ze zelf ook toe.
Wat ik nou nog graag zou willen weten; is het nou Fèmke of Fàmke?

Read Full Post »

Vorige week was de finale van de zomereditie van ‘De slimste mens 2020’ te zien. Een vrouw (Marieke de Zilver) gaf de trofee door aan een andere vrouw (spoiler: Astrid Kersseboom). Beide nieuwslezeressen, beide leuke en sympathieke vrouwen. Goed voor de emancipatie zou je zeggen dus dat ‘De slimste’ scoort lekker hoog op de schaal van feminisme, zou je denken…
Nou, ik heb nog wel wat vragen hoor. Want waarom wordt Francis van Broekhuizen (op twee na slimste van dit seizoen) op haar vingers getikt als ze in haar enthousiasme al antwoord wil geven voordat Phillip de vraag helemaal gesteld heeft en mag Huub Stapel ongestraft hetzelfde doen? Moeten meisjes nog steeds bescheiden en timide zijn? Ook als ze in de 40 zijn en het fokking 2020 is?
Waarom zit er tussen de 8 Nederlandstalige romans die worden weergegeven door middel van emoji’s geen enkel werk van een vrouwelijke auteur? Denkt de redactie nog steeds dat cultuur alleen door mannen wordt gemaakt? De romans ‘De wetten’, ‘Het meesterstuk’ en ‘De heren van de thee’ lijken me prima in emoji’s te vatten. Volgend seizoen graag dezelfde vraag maar dan met uitsluitend werk van vrouwelijke auteurs. En dan niet erbij zeggen ‘werk van schrijfsters’, maar gewoon ‘acht romans uit de Nederlandse literatuur’.
Maar het misogyn dieptepunt kwam in de finale-aflevering: ‘wat weet je over Connie Palmen?’ waarbij twee van de antwoorden de namen van mannen waren met wie ze een relatie heeft gehad. Want ja, een vrouw is natuurlijk op wiens piemel ze gezeten heeft. Alsof er niets anders over haar te vermelden valt. Ja, de titel van haar debuutroman was één van de antwoorden en het feit dat ze de Libris Literatuurprijs kreeg in 2016, maar ‘katholieke opvoeding’, ‘St Odieliënberg’ of gewoon ‘Limburg’ had ook een antwoord kunnen zijn. Of wat dacht je van ‘boekenweekgeschenk’? Die eer valt maar weinig vrouwen ten deel dus dat is zeker noemenswaardig. Of anders wellicht dat ze filosofie heeft gestudeerd (ja dat mogen vrouwen ook), of misschien de zin ‘verslaving is een vriendschap zonder vriend’, misschien wel de mooiste uit haar oeuvre. Van mannen moeten we toch ook altijd weten wat ze gezegd of geschreven hebben?
Op twitter schrijven veel mensen dat ze hopen dat Francis van Broekhuizen vanaf het komende seizoen sàmen met Maarten de jury gaat vormen. Dat lijkt mij een heel goed idee, dan kan ze misschien gelijk ook even de vragen langs de feministische meetlat leggen.

Read Full Post »

Sinds een aantal weken ben ik weer een beetje juf. Een juf op afstand.
Het begon met het wekelijks voorlezen van een prentenboekje aan de dochters van een vriendin. Daarna werd het voorlezen van een prentenboekje met daaraan gekoppeld een opdracht (zoals Aap en Mol in het Rijksmuseum) en inmiddels ben ik overgestapt op een groot, overkoepelend doel: het kweken van een feministje (of twee).
Ik had een boekje in de kast staan uit de reeks ‘Van klein naar groots’ over het leven van Frida Kahlo. Dat heb ik dus voorgelezen en toen hebben de meisjes (7 en 5 jaar) samen met hun moeder daar wat opdrachtjes over gemaakt: Frida herkennen in een gezinsfoto, schilderijen op chronologische volgorde leggen en een zelfportret Frida-stijl maken. Toen ik een week later via FaceTime een pakje servetten liet zien en vroeg ‘Weten jullie wie daar op staat?’ zeiden ze in koor ‘Dat is Frida Kahlo!’
Tussenstap één geslaagd: ze herkennen één van de meest iconische gezichten uit de kunstgeschiedenis. Inmiddels (her)kennen ze ook ‘Jane de apen-mevrouw’ (en heeft de oudste een afbeelding van haar op haar magneetbord hangen), hebben ze van Maya Angelou gehoord en zelf ook een gedicht geschreven over de relatie met hun moeder en ook Audrey Hepburn is aan bod gekomen.
De boekjes koop ik in het Engels en vertaal ze zelf in het Nederlands (je bent vertaler of niet), en soms voeg ik er ook iets aan toe, zoals bij het boekje over Audrey. Want er stond wèl in dat ze veel honger had gehad tijdens de oorlog, maar niet dat ze in die tijd ook balletvoorstellingen gaf waarvan de opbrengst naar het verzet ging. Dat heb ik er dus maar zelf bij verteld.
En ook dat ze een hert als huisdier had, wat op bijzondere belangstelling van mijn publiek kon rekenen.
Vorige week was het verhaal van Anne Frank (met de mooiste illustraties van de serie tot nu toe als je het mij vraagt) aan de beurt. Voor de broodnodige afwisseling heb ik daarna maar even een avontuur van Dikkie Dik voorgelezen.
Onlangs kocht ik een boek met de titel ‘A history of the world with the women put back in’. Ik hoop dat dat voor de kleine meisjes van mijn vriendin de normaalste zaak van de wereld zal zijn tegen de tijd dat ze (écht) groot zijn.
Voor volgende week heb ik al een mooi verhaal klaar liggen: dat van architect Zaha Hadid, en als opdracht mogen de meisjes dan zelf een gebouw ontwerpen.

Read Full Post »

Rob en zusters

Afgelopen zondag was het de internationale dag tegen homofobie. Deze term is niet geheel correct, want zoals Morgan Freeman ooit zei: ‘Je bent niet bang, je bent gewoon een asshole.’ Daarnaast gaat het niet alleen over homohaat maar ook lebienne, bi- en transhaat.
Maar dat zijn voor veel mensen wel heel veel woorden om te onthouden. Dus daarom maar de Internationale dag tegen homohaat. Om deze heugelijke dag te vieren las politicus Rob Jetten voor uit andermans werk. In het filmpje van nog geen twee minuten overheersten termen als stinkhomo (al dan niet met incorrecte spatie) en flikker. Proza dat dagelijks tot hem komt via twitter.
Menigeen reageerde geschokt en verbijsterd. Ze dachten dat dat in het tolerante Nederland niet gebeurde. Want ze waren zelf witte heteroseksuele cis-mannen. Niet dat vrouwen dit geen vreselijk filmpje vinden. Ze zijn alleen niet verbaasd: dit is ook voor hen dagelijkse realiteit.
Een vrouw (of persoon van kleur) met een publieke functie (of anderszins een mening) krijgt dit soort dingen ook dagelijks over zich heen via ‘sociale’ media. Je moet je bek houden, dood of er moet een piemel in. In willekeurige volgorde.
Het is walgelijk en treurig en bewijst maar weer eens dat de emancipatie van iedereen die geen witte hetero man is nog een lange weg te gaan heeft.
Dus daarom is feminisme een mensenrecht en is ‘dat gedans op die boot’ nodig. En daarom moeten we gewoon luisteren als mensen het uiterlijk van de beste vriend van Sinterklaas wil aanpassen. Want de boze witte man (ja, de tweets die tegen Rob Jetten waren gericht waren afkomstig van kaaskoppen) heeft het gewoon niet meer voor het zeggen hier.

Read Full Post »

Er waren eens twee meisjes, die zaten samen in het park. Ze hadden samen een gezellige avond gehad en zaten nog wat na te kletsen en licht aangeschoten met foute muziek mee te galmen. Ineens gaat het lied over in een gil van schrik als er een naakte man voor hen staat.
Ze schrikken zich de tering (hun woorden, maar ik had het niet beter kunnen omschrijven). Een verschrikkelijk nare ervaring die nare psychische gevolgen kan hebben (dat hoeft niet, maar het kàn).
Een ervaring die volgens sommige leden van een Facebookgroepje speciaal voor Haarlemmers, gemakkelijk voorkomen had kunnen worden. Want, wat doe je ‘als meisje zijnde [sic]’ ’s nachts in het park? Dat er iemand bloot in het park liep was volkomen normaal want ‘hij had het warm‘ of ‘bij hem thuis was de wc verstopt‘ Gut wat een lol en wat een inlevingsvermogen.
Ik vroeg aan de mevrouw (want het was een mevrouw!) die vond dat meisjes ’s nachts niet in een park hoorden te komen of ze vond dat jongens dat wel mochten en sloot af met de mening dat meisjes (en jongens) altijd en overal veilig moeten zijn.
Haar antwoord: tegenwoordig kan dat niet meer. Lees en luister t nieuws maar. Dus vandaar.. wat doen ze in t park (gebrek aan hoofdletters en interpunctie zijn van haar hand).
Waarop ik schreef: ‘Het zou moeten kunnen. Nu leg je de schuld bij hen. Dat heet victim shaming. Heel kwalijk. Waarom zouden er voor meisjes andere regels moeten gelden?’

Hierop antwoordde ze dat ze ‘de discussie niet aan ging’ (nee, je gaat ‘m wel aan, maar je kunt ‘m niet winnen omdat de jaren ’50 hebben gebeld en ze hun seksistische mening terug willen) maar dat ze haar dochter op d’r flikker zou geven als die ’s nachts het park in zou gaan.
Ik hoop van harte dat de meisjes uit het nieuwsbericht empathischer ouders hebben.
Er klopt overigens nóg niets niet aan haar redenering (voor zover we daarvan kunnen spreken), en dat is het woord ‘tegenwoordig’. Dit soort verhalen is van alle tijden. Ik herinner me nog een lieve gymjuf die met ons hierover sprak en vertelde dat zij zelf ooit bijna van schrik met haar brommer in de berm was gereden omdat ze schrok van een potlootventer. Door middel van haar eigen verhalen maakte ze ons weerbaar en mondig.
Dus hoe goed de opmerkingen als ‘het is een rare tijd’ ook bedoeld zijn, het klopt niet. Het verschil is dat we het niet langer pikken (no pun intended), dus we gáán naar het park en we hebben camera’s op onze telefoons dus het wordt nu nieuws én het wordt serieus genomen.
En dat is het goede nieuws.

Read Full Post »

‘Je wordt niet als vrouw geboren, je wordt tot vrouw gemaakt’, schreef Simone de Beauvoir 70 jaar geleden en ik ben benieuwd wat ze van deze tijd zou hebben gevonden.
Aan de éne kant staan er meer smaken op het menu: zaken als homo- en biseksualiteit, transgender en two-spirit (mensen die zowel mannelijke als vrouwelijke eigenschappen in zich hebben) raken steeds bekender en worden in het grootste deel van de westerse wereld (in ieder geval wettelijk) geaccepteerd.
Aan de andere kant heb ik het idee dan meisjes veel sneller en dwingender ‘tot vrouw worden gemaakt’ dan in de jaren ’80 waarin ik opgroeide. Zodra de sekse* van een baby bekend zijn (vaak al ver voor de geboorte) wordt er door de ouders kleur bekend. Voor een meisje is dat roze (vóór de Tweede Wereldoorlog zou dat blauw zijn geweest, Hitler heeft roze tot ‘meisjeskleur’ bestempeld, misschien even een gezellig weetje ter overweging), en vanaf dat moment zal ook alles roze zijn, van de muisjes voor op het beschuit tot aan de slinger die de jonge ouders voor het raam hangen en de kleding die ze cadeau krijgen aan toe.
En als het meisje ouder wordt zal de speelgoedzaak haar ook duidelijk maken in welke schappen ze haar vertier kan zoeken: ‘meisjesspeelgoed’, dat zijn poppen en een speciaal soort LEGO.
Even ter vergelijking: ik werd na mijn geboorte in een kamertje gelegd met blauw en groen behang en een merklap met boerderijdieren erop aan de muur. Voor mijn eerste verjaardag kreeg ik een loopauto (groot succes, toen ik er te groot voor was geworden nam ik met pijn in mijn hart afscheid), een jaar later kreeg ik een pop. Die heb ik ter adoptie aan een vriendin gegeven die wèl wist wat ze met poppen aan moest. De bijbehorende buggy vond ik reuze handig om mijn beer in te vervoeren.
Een vriendin van mij speelde het liefst met een rode kruiwagen en hark en gebruikte de poppenwieg die ze had om haar blokken in op te bergen.
Omdat mijn moeder zelf kleding maakte, had ik een aantal hele mooie jurkjes, maar in mijn herinnering draag ik meestal een blauw-wit gestreept tuinbroekje van het merk OshKosh. Het zoontje van mijn moeders vriendin droeg dezelfde. En als we bij hen thuis waren speelde ik met zijn racebaan of gingen we tafeltennissen.
En mijn favoriete T-shirtje was wit met blauwe strandhuisjes erop (misschien was het ook favoriet omdat mijn moeder had gezegd dat ‘pappa dat zo’n leuk shirt vond). Toen ik eruit was gegroeid ging het naar mijn neefje.
Op het werk van mijn vader was er op een gegeven moment vraag naar een groepje kinderen dat voor een promotie van LEGO  even leuk in een hoekje met het speelgoed kon spelen. KINDEREN, niet JONGETJES. Dus mocht ik samen met mijn neefjes en nichtjes komen opdraven. De boot (die echt kon drijven) mocht na afloop mee naar huis.
Het gevolg van die genderneutrale opvoeding? Ik had geen wiskunde-angst. Ik had de tijd op de videorecorder al aangepast toen mijn toenmalige vriend nog aan het uitleggen was dat dat zo’n gedoe was. En ik heb ook nooit geleerd om me bescheiden op te stellen of mijn mening in te slikken. Misschien zouden meer meisjes baat hebben bij zo’n tuinbroekje en een bak met LEGO.

sekse wil zeggen: de uiterlijke geslachtskenmerken die de persoon bij de geboorte heeft meegekregen, gender wil zeggen hoe iemand zich van binnen voelt.Bij sommige mensen komt sekse en gender niet overeen.

Read Full Post »

If you have not yet watched the last episode of Game of Thrones yet, stop reading now. Seriously, Ron Weasley would tell you to check out your priorities.

If you háve watched it you’ll probably agree with me that it’s not a victory for feminism. For years we have been applauding a strong female character or two. One who has said she will not knit by the fire while men fight for her (Lady Mormont) and another even wants to claim the throne for herself (the mother of Dragons). Neither of them made it. Especially the last death was difficult to swallow because the aftertaste is one of ‘she was a woman so she was unfit to rule, see she became hysterical so she had to die.’ And what do we say to that? Fuck that shit.
It has been very obvious that 6 episodes was not enough to get us, viewers, on the same page. The episode contained very few dialogue so we just had to take it from the men close to Daenerys that she was indeed going mad.  We would have liked to see some more proof of that. On the whole this season was rather lacking in dialogue. Which is a pity because the cast is excellent. In fact I was only starting to really liking the show again when the new ruler of Westeros was bickering with the hand of the king. So here’s how the showrunners can make it up to me: a comedy series. 20 minutes per episode, mainly consisting of Bran the Broken squabbling with his hand. Because, face it, that verbal chess between the two of them was the best part of the last episode.
I also thought about a title: ‘Talk to the hand’. Maybe the sister of the king can also make appearances in between her journeys to the far ends of the world. And maybe, maybe she’ll also visit Storm’s End at some point. Or am I asking for too much now?

Read Full Post »

Als ik iets kritischer naar het omslag zou hebben gekeken dan had ik het boek misschien niet gekocht: achter de grote witte letters gaat een echo-foto schuil, en ik heb nu eenmaal niets met baby’s. Maar ‘gelukkig’ was het warm en luidruchtig in de Torontese (?) boekwinkel waarin ik me bevond en was ik allang blij dat ik in ieder geval één boek had kunnen vinden dat op mijn wensenlijstje stond, want ‘Future home of the living god’ is de moeite waard.
Hoofdpersoon Cedar Hawk Songmaker is geadopteerd door linkse witte ouders maar native-American van geboorte. Nu ze zelf in verwachting is (iets wat haar ouders niet weten) is ze op zoek gegaan naar haar biologische moeder. Vlak voordat ze op het punt gaat af te reizen naar het reservaat waar Mary Potts (de biologische moeder) woont, probeert haar adoptiemoeder haar daarvan te weerhouden. Omdat het gevaarlijk is, nu, gezien de situatie.
Als lezer denk ik dat het een verwijzing is naar de protesten tegen pijpleidingen die dwars door native-American leefgemeenschappen gelegd zouden worden, maar gaandeweg de roman blijkt dat er meer aan de hand is. Als jonge vrouw is het voor Cedar gevaarlijk om naar buiten te gaan: een kleine overtreding kan haar al in de gevangenis doen belanden en als bekend zou worden dat ze in verwachting is dan loopt ze helemaal gevaar. Er is namelijk een nieuwe wet van kracht, female gravid detention, die sterk doet denken aan de omstandigheden in de klassieker ‘The handmaid’s tale’.
Hoewel de thematiek sterk doet denken aan de beroemde roman van Margaret Atwood is de stijl van Erdrich anders. ‘Future home of the living god’ is geschreven in de vorm van een dagboek die de hoofdpersoon aan haar ongeboren kind schrijft en is ondanks de omstandigheden minder deprimerend dan de roman van Atwood. Iets wat vooral komt door de vele ongebruikelijke en sympathieke bijfiguren. Een aanrader voor liefhebbers van ‘The handmaid’s tale’ en ‘Red Clocks‘.  

Read Full Post »

Vlak na terugkomst van vakantie in Engeland las ik het 100e boek van dit jaar uit en behaalde daarmee de Reading Challange die ik me op GoodReads had gesteld al in oktober (wat overigens niet wil zeggen dat ik daarmee voor dit jaar klaar ben, stiekem hoop ik de 150 te halen al weet ik dat dat niet gaat lukken). Het 100e boek was zeker niet het minste: Red Clocks van Leni Zumas.
Ik had het boek gekocht tijdens ons verblijf in Toronto (maart/april dit jaar) en het lag dus al een tijdje op me te wachten. Toevalligerwijs las ik het in de dagen waarin het nieuws werd gedomineerd door het belachelijk maken van een vrouw die zo dapper was om een getuigenis af te leggen tegen een witte man met een opgeblazen ego die op het punt stond om aangesteld te worden als lid van het Amerikaanse Hooggerechtshof. Diverse beschuldigingen van aanranding en het stelselmatig ondermijnen van ‘a woman’s right to choose’ stonden een benoeming niet in de weg.
De dystopie die in Red Clocks wordt geschetst komt (net als die uit Margaret Atwoods ‘The handmaid’s tale’) met rasse schreden dichterbij.
Red Clocks volgt het leven van vier vrouwen (docente Roberta Stephens die wordt beschreven als ‘The Biographer’ omdat ze in haar vrije tijd een biografie schrijft van een historische ontdekkingsreizigster, Gin Percival die wordt omschreven als ‘The Mender’ omdat ze natuurgeneesmiddelen verstrekt aan vrouwen, Susan Korsmo, omschreven als ‘The Wife’ en Matilda Quarles, leerlinge van Roberta, omschreven als ‘The Daughter’) in een nabije toekomst waarin The Personhood Act van kracht is. Dit betekent dat abortus en IVF verboden zijn en dat vrouwen na een miskraam een begrafenis moeten betalen voor de foetussen.
Voor de alleenstaande Ro, die graag moeder wil worden, is dat al lastig genoeg (ze ondergaat nu extreem dure behandelingen met donorzaad), maar binnenkort gaat ook nog ‘Every child needs two’ in, waardoor ze deze behandelingen niet meer mag ondergaan én niet meer in aanmerking komt om adoptie-ouder te worden.
Voor Gin en Matilda heeft de wet weer andere consequenties…
Red Clocks is een aanrader voor liefhebbers van romans met maatschappelijke thema’s zoals ‘the Handmaid’s tale’ en ‘The Power’. 

Read Full Post »

Top of the bill

De uitdrukking ‘top of the bill’ komt uit de filmwereld en betekent letterlijk: de naam die als eerste getoond wordt aan het begin van de film.
Tijdens de opnames van ‘Roman Holiday’ belde Gregory Peck met zijn impresario en vroeg hem ‘who’s top off the bil?’ De man was verbaasd want zijn client maakte zich over het algemeen totaal niet druk over dat soort dingen. ‘Why, Gregory, you off course!’ Maar dat was niet naar zijn zin: volgens Peck was debutante Audrey Hepburn ‘the real star of this film’ en dus vond hij dat haar net zoveel eer moest toekomen. Dat leverde een hoop gesteggel op met de producenten, maar hij zette zijn hakken in het zand en het resultaat was shared billing. 
Uitzonderlijk, voor een debutante, maar Peck was dan ook een uitzonderlijke man. Ik ben benieuwd wat hij van de van de ongelijke honoraria van vandaag de dag zou hebben gevonden.
Bij de Pathé bioscoop is iets raars aan de hand met de billing op de bordjes naast de zalen. Het viel me voor het eerst op toen ik naar Molly’s Game ging: een film met Jessica Chastain in de hoofdrol. Op het bordje naast de zaal stond: Idris Elba, Kevin Costner en oh ja…ook nog een actreuteltje, hoe heet ze ook alweer…Jessica nog iets.
Kevin Costner, met zijn piepkleine bijrolletje, wordt dus eerder genoemd dan de hoofdrolspeelster. En nu zal hij, voor een oudere generatie, misschien iets bekender zijn dan Jessica Chastain, maar dat geldt niet voor de doelgroep van de film. Om het nog iets gekker te maken staat zijn naam ook eerder dan de hare genoemd op de Nederlandstalige editie van het boek…
Maar het kan nog erger: afgelopen zondag was ik met de mijnheer naar de nieuwe film van Spike Lee (voor wie het weten wil: fantastisch goede film, gaat dat zien). Op het bordje naast de deur stond als eerste de naam Adam Driver. Ok, dat is wellicht de grootste naam en zijn rol is bijna net zo groot als die van de hoofdrolspeler. Daaronder stonden nog twee namen (Topher Grace herinner ik me-iemand die pas in de tweede helft van de film ten tonele verschijnt, en nog iemand). Maar niet de naam John David Washington: die van de hoofdrolspeler. Hij speelt de rol van Ron Stalman, de man zonder wie het hele verhaal niet bestaan had.
Hoewel déze telg misschien nog niet zo heel bekend is (en dat ook niet wordt als zijn naam niet vermeld wordt), Washington is toch niet de minste naam in de filmwereld, dus moeten toch weten hoe je dat schrijft.
Nu staan er dus drie namen van witte mensen op het bordje onder de filmtitel ‘Blackkklansman’, dat lijkt me op z’n minst een beetje pijnlijk.

Read Full Post »

Older Posts »