Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘#leesgekleurd’

Slechts één weekend. Als lezer maak je hoofdpersoon Wallace slechts één weekend mee, van vrijdagmiddag tot en met maandagochtend, maar ik zal me nog lang zorgen over hem blijven maken.
Wallace is een jonge zwarte man uit Alabama die biochemie studeert aan een universiteit in het Midwesten van de Verenigde staten. Het grootste deel van de tijd is hij het buitenbeentje: alleen de conciërges hebben dezelfde huidskleur als hij.
Zelfs in de vriendengroep, van wie de meesten net als hij homosexueel zijn, hoort hij er niet helemaal bij. Hij wordt niet voor alle gezamenlijke afspraken uitgenodigd.
Een aantal weken geleden is zijn vader overleden, maar hij is niet naar het zuiden afgereisd en heeft het ook met geen van zijn vrienden besproken. Als hij op een zomerse vrijdagmiddag een vriendin in vertrouwen neemt gaat het nieuws als een lopend vuurtje door de vriendengroep en wordt Wallace geconfronteerd met herinneringen aan zijn liefdeloze jeugd. Intussen verandert de verstandhouding met Miller, het lid van de vriendengroep van wie Wallace dacht dat hij een hekel aan hem had. Ook Miller heeft wat lijken in de kast en is ontsnapt aan een jeugd die zonder perspectief leek.
Deze roman heeft de sfeer A little life bij vlagen had (voordat het uit de bocht vloog en kitsch werd) en een thematiek die doet denken aan I know why the caged bird sings. Er gebeurt in feite vrij weinig in de roman: Wallace is bezig in het lab, heeft mot met één van zijn mede-studenten (van wie je je langzaamaan af gaat vragen of ze misschien niet tòch een punt heeft…), speelt een potje tennis, verveelt zich op een feestje, maar Brandon Taylor weet toch zo’n sfeer te scheppen dat het onderhuids steeds kriebelt. Gaat dit vreselijk slecht aflopen of weet Wallace toch zijn draai te vinden, krijgt hij meer zelfvertrouwen en weet hij de demonen uit zijn verleden van zich af te schudden?
Terecht op de shortlist van de 2020 Booker Prize gezet.

Read Full Post »

In mijn blogpost ‘Drie boeken’ beloofde ik om binnen een half jaar het boek ‘All American boys’ te lezen omdat één van de leescoaches de Nederlandse vertaling had gekozen als één van zijn drie boeken.
Ik wist dat het onderwerp aan zou sluiten bij ‘The hate U give’ en ‘Dear Martin’, twee boeken die ik zelf erg goed vond en elke jongere (van 14 tot 140) aan zou raden.
Er zijn twee grote verschillen met die twee titels en deze: ‘The hate U give’ en ‘Dear Martin’ vond ik vanaf bladzijde 1 heel erg mooi en ik kon niet stoppen met lezen. Dat had ik met ‘All American boys’ niet, ik moest er echt een beetje inkomen, de hoofdpersonen spraken me niet erg aan in het begin.
Het tweede verschil is dat deze roman twee hoofdpersonen heeft en daardoor twee visies. Rashad is de African American jongere die door een agent in een winkel tegen de grond gewerkt en mishandeld wordt op verdenking van diefstal, Quinn (die wit is) is getuige van de mishandeling en tegelijkertijd bevriend met de agent. ‘Paul was just doing his job‘, wordt hem thuis verteld. Maar is dat wel zo?
En daar zit ‘m de kracht van deze young adult novel, het laat niet alleen de ervaring van een zwarte jongen met racial profiling en police brutality zien maar ook de spagaat waarin witte jongeren zich bevinden als ze zich realiseren dat racisme niet altijd gekleed gaat in een wit laken en een puntmuts maar soms schuilt in een vriend. Zeggen dat iets je probleem niet is, de andere kant op kijken of denken ‘ja maar hij ziet er ook uit als een schoffie, wat verwacht hij dan?’ zijn ook allemaal vormen van racisme.
Een goed boek dat terecht een New York Times bestseller werd en bekroond werd met de Coretta Scott King honor.

Read Full Post »

Alleen om het omslag al zou je dit boek moeten willen hebben: een indringend en levendig portret dat je bijna kunt ruiken vanwege alle ingrediënten die om de hoofdpersoon heen dansen: vanillebloemen, bloedsinaasappels, takjes lavendel mango’s en muntblaadjes. En het leuke is: die komen ook allemaal terug in het binnenwerk.
Het verhaal is net zo bruisend en innemend: Emoni is een Puerto Ricaans-Amerikaanse scholier van 17 met een grote liefde voor koken en voor haar 2-jarige dochtertje…
Ze woont samen met haar oma ‘Buela’, haar moeder is overleden en haar vader woont ‘op het eiland’ en komt zo af en toe eens aanwaaien. Net als de vader van haar dochter overigens die om de week een weekend voor Emma zorgt. Samen knopen ‘Buela’ en Emoni de eindjes aan elkaar met veel liefde en een snufje kaneel (zoals Emoni de emails aan haar tante steevast ondertekent).
In ‘With the fire on high’ zoekt Emoni een manier om haar droom, chef worden, te verwezenlijken zonder zich aan haar verplichtingen tegenover Emma te onttrekken.
Een bruisende young adult novel voor liefhebbers van de romans van Angie Thomas, Nic Stone en Jenny Han.

Read Full Post »

Toen ik in groep 8 de topografie van ‘de rest van de wereld’ leerde, kwam ik tot de ontdekking dat Suriname in Zuid-Amerika ligt. ‘Wat raar’, dacht ik, ‘waarom zien Surinamers er dan Afrikaans uit?’ Toen ik iets ouder was kwam ik tot de ontdekking dat ‘Surinaams’ ook kan betekenen dat iemand er eerder Indiaans uit kan zien, of Javaans, maar eigenlijk nooit Zuid-Amerikaans. Waar zijn de first nation Surinamers? Bestaan die eigenlijk?
Ik realiseerde me dat ik eigenlijk vrij weinig over Suriname weet, en dat ik het weinige dat ik weet zèker niet op school heb geleerd. Daarom heb ik vorige maand, op Keti Koti, een boek aangeschaft van de Surinaams-Nederlandse auteur Astrid Roemer. Misschien kon zij me iets meer vertellen over het land dat zo lang verbonden is geweest aan Nederland.
‘Gebroken Wit’ is het verhaal van de familie Vanta, die bijna geheel uit vrouwen bestaat. Oma Bee kwakkelt met haar gezondheid maar wandelt nog bijna dagelijks naar de kerk om daar te poetsen. Heli, de oudste kleindochter is naar Nederland vertrokken om daar haar opleiding te vervolgen. Dat leek moeder Louise verstandig omdat ze in een relatie verwikkeld is met een getrouwde man. Louise’s andere dochter, Babs, heeft verkering met een moslim en in al haar kinderen, de verschillende vaders hebben, is de verscheidenheid aan culturen die in het kleine land aan de kust bijeenkomen terug te zien.
Wellicht ben ik als bakra (witte) geen goede verstaander, want ik kon me maar geen beeld vormen van hoe de kinderen van moeder Louise eruit zagen: wie is er licht-getint, in wiens gezicht zijn Aziatische invloeden te zien en wie is er bijna wit? En wat zegt dat? Voor opheldering over het mysterie dat Suriname heet moet ik duidelijk niet bij dit boek zijn. Voor kleine inkijkjes (de roman wisselt voortdurend van perspectief, soms ben je maar één bladzijde lang bij een bepaald personage en moet je daarna weer gissen met wie je nu weer meekijkt) in het leven van een grote samengestelde familie wèl.

Read Full Post »

Er zijn weinig mensen witter dan Reese Witherspoon. Toch is zijn het die me op het bestaan van dit boek wees: ‘I’m still here, Black dignity in a world made for whiteness’, geschreven door Austin Channing Brown. Op basis van de naam dacht ik dat de auteur een man zou zijn (net zoals ik dacht dat Robin Diangelo, auteur van ‘White fragility’ een zwarte man wa, bleek een witte vrouw te zijn), maar Austin is een jonge zwarte vrouw.
Haar ouders gaven haar deze verwarrende naam om twee redenen: het was de achternaam van haar oma en zo bleef deze naam toch in de familie en als ze later zou solliciteren had ze alvast een streepje voor omdat menigeen zou denken dan ze (inderdaad) een witte man was.
Austin was geen getuige van een murder by cop, zoals Starr in ‘The hate U give’, ze stond niet vooraan tijdens protesten, ze is geen publiek figuur dat op televisie impopulaire meningen verkondigt en vervolgens lynch-filmpjes over zich heen krijgt. Austin schrijft over alledaagse microaggressions. Over het ongemak als je ergens de enige person of colour bent, over de handen die je moet ontwijken van mensen die ongevraagd aan je haar willen zitten. En later op het matje worden geroepen door je baas omdat je ‘geen teamplayer’ zou zijn omdat de handtastelijke persoon zich ongemakkelijk voelde en is gaan klagen.
Austin Channing Brown werkt als anti-racisme trainer voor bedrijven en heeft met dit boek een toegankelijk kijkje in haar leven geschreven. Het laat zien hoe ook de levens van zo-goed-als-heilige zwarte mensen (Austin is zeer christelijk) geraakt worden door racisme en police brutality (extreem politiegeweld ten opzichte van zwarte mensen) en buiten-proportionele gevangenisstraffen.
Bedankt Reese, voor het selecteren van deze titel voor Reeses Bookclub.

Read Full Post »

Een Costa-award-sticker op een boek staat meestal garant voor lichtvoetig vermaak waar nog wel een laagje of twee onder zit. Romans die je een jongere aan zou kunnen raden maar zelf ook met plezier leest, zoals Eleanor Oliphant is completely fine en Normal People. Dat is Queenie ook.
Queenie is een vrouw van midden 20, dochter van een moeder met Jamaicaanse roots -met wie ze overigens nauwelijks contact heeft- die woont en werkt in Londen. Aan het begin van de roman is ze net on a break met haar grote liefde (of toch niet) Tom.
In Flashbacks komen we te weten waar het mis ging tussen hen, flashbacks die bol staan van everyday racism die Queenie voor haar kiezen kreeg van Toms witte familie maar die ook laten zien dat Queenie geen model-jeugd heeft gehad.
‘Queenie’ leest als een heerlijke Britse dark comedy, alsof je luistert naar die ene vriendin die altijd verkeerde beslissingen neemt (vooral als het over mannen en seks gaat) en daar dan heel smakelijk over kan vertellen. Maar je tegelijkertijd ook een beetje ongerust maakt.
Het boek leest een beetje als de dagboeken van Bridget Jones, maar dan met heel veel foute seks, een vleugje ‘The Hate U Give’ en tegen het einde een scheutje ‘Eleanor Oliphant is completely fine’. Grappig, bitter en stiekem veel diepgravender dan je aan het begin verwacht. Een prachtig debuut van Candice Carty-Williams.

Read Full Post »

Naomi Alderman is naar mijn mening één van de beste auteurs van dit moment. Dus toen ze tijdens een interview een aantal namen noemde van auteurs die haar geïnspireerd hebben, heb ik die ergens op een verlanglijstje genoteerd gelijk aangeschaft.
De eerste naam uit het lijstje was die van Octavia E. Butler (1947-2006), auteur van science-fiction romans en winnaar van diverse awards en de MacArthur Fellowship Genius Grant. Ik moet eerlijk toegeven dat ik nog nooit van haar had gehoord, maar na het lezen van ‘Kindred’ zal ik haar nooit meer vergeten. Als ik de roman samen zou moeten vatten zonder spoilers te geven zou ik zeggen: een mengelmoes van ‘Outlander’ en ‘Twelve years a slave’ met de ‘kruipt onder je huid-schrijfstijl’ van ‘The handmaid’s tale’.

Het verhaal speelt zich af in 1976 (de roman kwam voor het eerst uit in 1979), de Afro-Amerikaanse Dana gaat samenwonen met haar vriend. Op het moment dat ze samen hun boekenkasten inrichten (beiden zijn auteur) voelt ze zich duizelig worden en voordat ze weet wat er precies gaande is ziet ze een kind verdrinken in een meer. Zonder verder na te denken haalt ze het kind uit het water en eenmaal op de kant past ze mond-op-mond-beademing op hem toe.
Zodra ze opkijkt ziet ze de loop van een geweer dat op haar gericht is en de man die het vasthoudt schreeuwt het n-woord naar haar.
Het volgende moment ligt ze, gekleed in drijfnatte kleren op de vloer van haar huis waar ze in eerste instantie haar eigen man niet herkent.
Niet veel later gebeurt het weer: Dana is weg uit haar eigen omgeving en terug bij de jongen, die nu enkele jaren ouder is. Dana komt tot de ontdekking dat de wereld van de jongen een hele andere is dan de hare: hij leeft in het eerste kwart van de 19e eeuw.
‘Nineteen seventy-six’, said the boy slowly. He shook his head and closed his eyes. I wondered why I had bothered to try to convince him. After all, how accepting would I be if I met a man who claimed to be from eighteen nineteen-or two thousand nineteen, for that matter.’

Ik ben benieuwd wat de auteur zou hebben gezegd als ze zou weten dat haar boek in 2019 nog gelezen zou worden en het nog niets aan actualiteit zou hebben ingeboet. Over het algemeen blijven dikkere boeken me beter bij omdat ik langer over het lezen heb gedaan en het idee heb dat ik de karakters beter ken, maar Octavia Butler slaat daar moeiteloos in met een niet-zo-heel-dik boek. Ongetwijfeld één van de beste boeken die ik dit jaar heb gelezen.
Oh ja, lees vooral het voorwoord niet, dat zit vol met spoilers.

Read Full Post »

Als er een prijs zou bestaan voor de meest memorabele romantitel dan zou de debuutroman van Oyinkan Braithwaite grote kans maken. Ook stond ‘My sister, the serial killer’ dit jaar op de shortlist van de Women’s Prize for fiction (samen met The Silence of the girls-die ik nog moet lezen-,Normal People, Milkman, Circe, en de uiteindelijke winnaar An American Marriage).
Hoofdpersoon Korede is een hardwerkende verpleegkundige in een ziekenhuis in Lagos (een stad in Nigeria), ze woont samen met haar moeder en haar jongere zus. Haar vader, die tien jaar geleden overleden is, was een gewelddadige en gewetenloze man. En ze heeft het vermoeden dat haar zus een seriemoordenaar is.
Het gebeurt namelijk opvallend vaak dat zusje Ayoola zich moet verdedigen tegen vriendjes die ‘ineens’ agressief werden en vervolgens in haar mes liepen. Drie keer, om precies te zijn. En de trouwe Korede komt weer opdagen met een fles bleek om alle sporen uit te wissen.

Voordat ik aan deze roman begon was ik stellig van plan om de kant van het zusje te kiezen dat afrekent met agressieve mannen, Towanda! Maar Braithwaite heeft een heel ander verhaal gesponnen dan ik van tevoren verwachtte. Zusjelief is eerder een vrouwelijke Blauwbaard die alles en iedereen om haar vinger weet te winden en alles een draai geeft waardoor iedereen behalve zijzelf in een kwaad daglicht komt te staan. Grote zus vervult met verve de rol van Assepoester: ze kookt en bakt terwijl zusje met de eer gaat strijken en lucht haar hart alleen bij de comapatiënt die geen bezoek meer krijgt (Doornroosje?).
En dan laat zusje Ayoola haar oog vallen op de man waar Korede heimelijk verliefd op is. Zal deze Prince Charming de betovering weten te verbreken of zal hij het volgende slachtoffer worden?

Oyinkan Braithwaite heeft een heel prettige vertelstijl en de roman is opgebouwd uit korte hoofdstukjes zodat het boek ook voor minder geoefende lezers een aanrader is. Het is spannend en geestig en ik hoop in de komende jaren nog meer van haar te lezen.

Read Full Post »

‘I can understand it’, she said. ‘Imagine if you lived here. And millions of people from allover the world suddenly arrived.’
‘Millions arrived in our country’, Saeed replied. ‘When there were wars nearby.’
‘That was different. Our country was poor. We didn’t feel we had as much to lose.’
Verder dan de shortlist van de Man Booker Prize is Exit West (2017) niet gekomen (Lincoln in the Bardo won dat jaar), maar het zal zeker niet in de vergetelheid raken. Exit West vertelt het verhaal van twee jongwerkenden die elkaar leren kennen tijdens een avondstudie: zij heet Naima en hij Saeed. Het klinkt als een sprookje en dat lijkt het ook even te zijn: de heimelijke manier waarop ze af moeten spreken, het elkaar leren kennen, het delen van hun wensen voor de toekomst. Maar dan verandert hun stad langzaamaan in een oorlogsgebied en besluiten ze door één van de deuren te stappen. Ze komen aan op een Grieks eiland waar ze een plek vinden in een tentenkamp. Daar voelen ze zich niet echt veilig en hebben ze alleen maar het idee dat hun leven op pauze staat, dus gaan ze nog een deur door en komen ze aan in Londen. Een stad die meer en meer bevolkt wordt door mensen zoals zij: stateloze burgers afkomstig uit alle windstreken waar het voor velen onveilig is.
Ze vinden een kamer in een gekraakte villa, maar de ontheemde Saeed zoekt zijn heil steeds meer bij een groep landgenoten terwijl Naima juist blij is verlost te zijn van elke connectie met de cultuur waarin ze is opgegroeid.
Exit West is een prachtig geschreven roman over hedendaagse problematiek en een absolute aanrader voor liefhebbers van ‘Home Fire’ 

Read Full Post »

Op de valreep werd het nog even het bestverkochte boek van 2018 (in de Verenigde Staten): ‘Becoming’, de autobiografie van Michelle Obama. De vrouw die een graag geziene en sprankelende gast was in menig praatprogramma, er geen geheim van maakte dat ‘First Lady’ worden nou niet echt haar ambitie was geweest en in haar laatste toespraak in die functie weldenkend en links Amerika nog even een vaak herhaald mantra meegaf: ‘when they go low, we go high’.
Maar wie was ze nou eigenlijk zelf? Wat waren dan háár ambities. Want dat ze die had dat kan geen twijfel leiden als je weet dat ze afgestudeerd is aan Princeton én Harvard.
Zoals het hoort in een goede biografie wordt er een levendig beeld geschetst van het gezin waarin Michelle Robinson opgroeit en het kind dat ze was (leergierig, standvastig en niet bang om haar mondje te roeren). Ze beschrijft haar vriendschappen en haar eerste stappen op de carrièreladder, hoe ze Barack leerde kennen en de fouten die ze heeft gemaakt in haar jong-volwassen leven (soms moet vriendschap vóór het werk gaan, ik denk dat ze dat met me eens is).
In het gedeelte over haar tijd in het Witte Huis vind ik de passages over haar dochters, en dan vooral de observaties van Sasha veruit de beste stukken. Haar opstel ‘what I did last summer’ deed me huilen van het lachen. Wat mij betreft had er wel meer Sasha in ‘Becoming’ gemogen, maar ik begrijp ook wel weer dat ze haar dochters zo veel mogelijk buiten de publiciteit wil houden.
Wie hoopt op een onthullend tell-all boek komt bedrogen uit met deze biografie. Ook iedereen die nog steeds hoopt op ‘Michelle 2020’ zal dit boek teleurgesteld dichtslaan: Michelle Obama houdt helemaal niet van politiek dus zal ze er nooit voor kiezen om zelf de arena in te stappen. Maar wie vooral meer wil weten over het leven van Michelle Robinson én dat van van Michelle Obama en wil weten hoe ze zich ermee heeft kunnen verzoenen om ‘in de schaduw van’ te leven terwijl ze zelf zoveel in haar mars heeft, die kan ik van harte aanraden dit boek te lezen. En ik ben heel benieuwd wat ze nu gaat doen, nu haar dochters volwassen zijn en ze zich niet steeds hoeft te omringen met ‘the secret people’ (term verzonnen door Sasha), want dat heb ik er eigenlijk niet zo goed uit weten te halen. 

Read Full Post »

Older Posts »