Feeds:
Berichten
Reacties

Het is me sinds mijn kindertijd niet meer gebeurd dat ik na het uitlezen van een boek onmiddellijk weer opnieuw wilde beginnen, maar Jessie Greengrass kreeg het voor elkaar: na het laatste hoofdstuk las ik het eerste nog een keer.
De roman stond in 2021 op de shortlist van de Costa Book Awards en was een jaar later genomineerd voor de Orwell Prize for Political Fiction. En, misschien wel de beste aanbeveling: het heeft een blurb van Esther Freud die de roman ‘subtle and affecting, tender and terrifying’ noemt.
De roman begint met Sally die vertelt hoe zij en Pauly en Caro leven, wat ze hebben en wat ze niet hebben omdat Francesca daar niet aan heeft gedacht (badjassen) en dat ze nog een deel van het dorp kan zien vanaf waar ze wonen.
Na die introductie begint deel 1 van het boek waarin we kennismaken met Caro, die vertelt dat the high house eigenlijk toebehoorde aan de oom van Francesca (de nieuwe partner van Caro’s vader). De oom stierf kinderloos en liet het huis na aan zijn nichtje. Caro en haar ouders kwamen er wel eens met vakantie. Later ook met halfbroertje Pauly. Nog weer later ging Francesca (bekend klimaatactivist) er in de weekenden alleen naartoe, zoontje Pauly achterlatend bij zijn grote zus. Waarom weet ze niet. Tot op een dag het telefoontje van haar vader komt die, vanuit de Verenigde Staten, tegen Caro zegt dat ze met Pauly de trein moet nemen naar Suffolk en naar The High House moet gaan. Op de achtergrond hoort ze haar stiefmoeder zeggen ‘there is no time..’
Aangekomen bij het huis treft ze Sally en haar grootvader, Grandy, die caretakers zijn van het huis, en nu ook van Caro en Pauly. Het huis ziet er anders uit dan het deed toen ze het voor het laatst zag: geen vochtplekken op de muren meer, een uitgebreide moestuin en een molen die kan zorgen voor elektriciteit. En bovenal: een schuur gevuld met schoenen en kleding voor jaren (maar geen badjassen dus). Kleding voor Caro, Pauly, Sally en Grandy. Maar niet voor Francesca en Caro’s vader.

Ik kan dit boek niet beter omschrijven dan Esther Freud al heeft gedaan (wat ik overigens pas las toen ik het boek uit had). Het is mooi, heel mooi, het is verdrietig, het maakt je angstig maar je gaat ook heel veel houden van de personages (ik wil vooral meer weten over Grandy en the vicar-die houden van elkaar, toch, of heb ik te veel tussen de regels door gelezen?). En het is een heel belangrijk boek. Ga dit lezen mensen.

De strip of het ei?

Wat was er eerder, de stip of het ei? Bij mij thuis was dat de strip, maar ik probeerde het ei eerder uit en daar ben ik nog steeds het meest enthousiast over. Waar ik het over heb? Over de was. De was die altijd is. Maar soms wel schoon, dankzij de strip. Of het ei. Je leest er alles over in mijn nieuwe blogpost voor EcoGoodies.

kort verhaal- uit werken

Gekleurde bliksemafleider

Op social media zag ik het bericht voorbij komen dat Qatar ‘bij een volgend toernooi regenboogvlaggen niet zal verbieden’. Een mededeling die mij op z’n zachtst gezegd nogal verwarde: hoezo een volgend toernooi? Vind je zelf dat het lekker gaat? En ik ben heel benieuwd wie die mensen zijn die nog enige waarde hechten aan beloftes van Qatar. Het ‘zakgeld’ dat voetbalfans zouden krijgen in ruil voor positieve berichten over Qatar en het Wereldkampioenschap werd ineens ingetrokken. De belofte dat mensen een biertje met alcohol konden drinken tijdens het WK werd teruggedraaid en zo zijn er nog wel meer ‘haha, lekker toch niet’-voorbeelden te noemen. Niet in de minste plaats het salaris dat arbeidsmigranten beloofd werd.
De media bericht uitgebreid over alle protesten: de zwarte trainingsshirts van de Deense ploeg (om de overleden bouwvakkers te gedenken), het Duitse team dat met afgedekte mond op de teamfoto staat om te laten zien dat ze monddood zijn gemaakt (omdat het hen verboden werd de OneLove band met regenbooghartje te dragen), en onze aanvoerder Virgil van Dijk die in plaats van de OneLove band een band droeg met de tekst ‘no discrimination’ (waar je natuurlijk ook lhbti+-discriminatie onder zou kunnen verstaan). Het toppunt was het hele ‘doet ze het wel of doet ze het niet’ omtrent het OneLove speldje van minister Helder. Ze deed het uiteindelijk wel, maar wat een minimaal ‘statement’ was dat. Als het aan mij lag zou ik lekker een regenbooghoofddoekje om hebben gedaan. ‘Kijk, ik pas me netjes aan aan uw cultuur, maar niet ten kosten van mensenrechten.’
‘En intussen’, zegt de mijnheer die hier in huis woont, ‘hoor je niemand meer over de dode bouwvakkers en hun familie.’ En even vraag ik me af of het expres is. Of ze daar in Qatar hebben gedacht ‘laten we gaan rellen over die regenboogvlaggen en ze afpakken, dan zorgt dat voor #ophef en zeurt niemand meer over het betalen van het achterstallig loon van de bouwvakkers. Dood of levend.’ Het zou me niet verbazen.
‘De shirts van Denemarken’, zeg ik. ‘Die verwijzen naar de overleden bouwvakkers’.
Intussen rent er een held het veld op met een regenboogvlag in zijn handen en een T-shirt aan dat aandacht vraagt voor de strijd van Iraanse vrouw én het door oorlog geteisterde Oekraïne. Benieuwd of we ooit nog taal of teken zullen vernemen van Mario Ferri Falco.
We hopen hardop dat één van de teams die in ieder geval een poging tot protesteren heeft gedaan, zal winnen. Maar die kans is klein want de Noord-Europese teams presteren niet zo best. Misschien zit er dan toch iets in de kritiek van sommige arseholes: dat de voetballers zich bezig moeten houden met spelen en niet met ‘politiek’ (mensenrechten zijn niet politiek, maar daar schermen rechtse dummies graag mee)’. Ik denk eerder dat het komt omdat het klimaat in Qatar niet te harden is voor mensen bij wie het thuis nu bijna winter is. De Denen én de Duitsers kunnen in ieder geval naar huis om de juletræ op te zetten en de Belgen zijn nog vóór ’t heerlijck avondje thuis.
Tegen beter weten in blijf ik hopen op een finale Nederland-Engeland en dat aan het einde, in plaats van netjes handjes schudden, Virgil van Dijk en Harry Kane even flink gaan tongen op de middenstip. En dat alle andere spelers, als ze shirts gaan ruilen, ondershirts blijken te dragen in alle kleuren van de regenboog. Wat ga je me maken Qatar? Krijg ik een gele kaart? Gooi maar in die beker, die gaan we thuis helemaal vullen met bier.

kort verhaal-oorlog

The Guncle-Steven Rowley

Het is een gouden regen in de film- en televisiewereld: werk nooit met kinderen, dieren of water. Gelukkig kunnen auteurs al die regels aan hun laars lappen want op papier kan alles. En dat wordt in ‘The Guncle’ een vrolijk geheel dat uit een Hollywoodfilm lijkt te komen en toch net niet te zoet wordt.
Hoofdpersoon Patrick was ooit een ster in een sitcom maar heeft zich jaren geleden teruggetrokken in de woestijn van Palm Springs waar hij zijn dagen slijt in een luxe huis met zwembad in de tuin en een Golden Globe op een boekenplank. Ooit had hij een geliefde en een beste vriendin, maar dat was ooit. Zijn beste vriendin trouwde met zijn broer en Patrick ziet haar, zijn broer en hun kinderen alleen als ze op bezoek komen vanuit Connecticut, en dat is niet zo heel vaak. Maar dan komt zijn beste vriendin Sara, te overlijden en doet zijn broer een beroep op hem (tot ongenoegen van hun zus Clara).
Ineens moet Patrick van einzelgänger in full Guncle (gay uncle) modus. Hij heeft geen idee waar hij moet beginnen met twee kinderen onder de tien jaar die hun moeder hebben verloren. Hij begint met het geven van Guncle-rules en verklaart later aan zijn broer ‘I gave them an edu-gay-tion‘. Een van de regels is dat er geen jongens-dingen of meisjes-dingen bestaan en dat iedereen gewoon aan moet kunnen trekken waar ze zin in hebben. Dat zijn regels waar ik wel naar kan leven.
En natuurlijk is ‘The Guncle’ zo’n verhaal waarin iemand gevraagd werd een ander te helpen en dat het er uiteindelijk op uitdraaide dat die ander de hoofdpersoon óók hielp. En de thema’s zijn natuurlijk familie, vriendschap en zorgen voor elkaar en jezelf, maar toch kon deze kritische lezer het goed hebben. Misschien ook wel omdat ik het helemaal voor me zag als een tv-serie met Neil Patrick Harris in de rol van Guncle Patrick. It will be legen-wait for it-dary. It will be legendary.

Met of zonder koala?

De populairste kalender ter wereld is weer beschikbaar (en als je er nu drie of meer koopt krijg je 20% korting). En dit jaar heb je een extra goede reden om de brandweermannen koala’s en geitjes in huis te halen: de Australian Firegighter’s Calendar viert zijn 30e verjaardag. Net als andere jaren kun je weer kiezen tussen de classic calendar (brandweermannen zonder iets, zelfs zonder shirt), brandweermannen met hondjes, brandweermannen met katjes, brandweermannen met paarden (en één ezeltje) of brandweermannen met ‘mixed animals’ (waar altijd minstens één koala bij zit- zodat je weet dat ze Australisch zijn. Dit jaar is er ook een speciale jeans-editie met brandweermannen in spijkerbroek (waarvan de meesten gelukkig ook hun shirt kwijt zijn).
Voor het geval Sinterklaas er niet helemaal van overtuigd is dat zo’n kalender een geschikt cadeautje is, is het wellicht verstandig om nog eens te herhalen dat de opbrengsten in de afgelopen 30 hebben bijgedragen aan onderzoek op het gebied van brandwonden bij kinderen. Op de hondenkalender poseren de helden met honden van Safe Haven Animal Rescue en All Breeds Canine Rescue. Op de paardenkalender staan therapiepaarden van Healing Hooves model en de katten zijn asielkatten afkomstig van Best Friend Felines. En de populairste kalender? Dat is elk jaar de ‘mixed animal’ kalender, die met de koala natuurlijk. Wat mij betreft is ‘met of zonder koala’ nooit de vraag, altijd mèt. En ook één mèt hondjes graag.

Je zou denken dat ‘brandwacht’ al heldentitel genoeg zou zijn, maar menig firefighter die op de kalender te vinden is, vecht niet alleen tegen bosbranden maar heeft er nog een verhaal naast. Een leuke gelegenheid om ‘wie van de vier?’ te spelen.

-Welke brandweerman is een veteraan afkomstig van het eiland Badu (onderdeel van de Torres Strait eiladen tussen Australië en Nieuw-Guinea) die strijdt tegen zwerfplastic dat zeedieren bedreigt. Samen met bewoners van het eiland recyclet hij wegwerpplastic om er flippers van te maken: ‘Our hope is that by promoting indigenous artists on our flippers that we can share our connection to nature with the world.’ Oh ja, hij stond ook ooit op de World Ranking als Muay Thai fighter.
-Welke brandweerman studeerde ooit finance and commerce aan de universiteit en werkte voor een grote Australische bank totdat hij besloot om het grote geld vaarwel te zeggen omdat hij iets wilde doen waar de gemeenschap profijt van had: ‘…it was well worth the effort. In the fire service I have found a more community focused and fulfilling career.’
-Welke brandweerman is ook een army veteran en heeft in Afghanistan een school voor meisjes gebouwd en de meisjes beschermd tegen de Taliban zodat ze naar school konden.
-Welke brandweerman is 23 jaar lang surf lifesafer geweest en is sinds zijn 8e jaar al fanatiek surfer? ‘The most rewarding part of being a surf lifesafer was rescuing people from a potentially life-threatening event and that’s why I wanted to continue serving the community by joining the fire service.’
(de antwoorden vind je onder de foto)

Laat me weten wie je favoriete held is en maak kans op een echte Australische brandweermannenkalender!



De Muay Thai fighter die nu flippers maakt van zwerfplastic is Dennis Fay (met paard)
De bankjongen die zijn stropdas aan de wilgen heeft gehangen is Matt Ross (met koala)
De voormalig soldaat die een school bouwde is Ben Wallace (met cypers-grijs katje op zijn arm)
De surf-enthousiast die al 30 jaar levens redt is Ricky Smith (met lapjeskat op zijn schouder)

kort verhaal-one love

Oogappels

Ik sta mijn tanden te poetsen en tegelijkertijd te What’sAppen met vriendin R, een fijne vorm van multitasken. Ze heeft net een aflevering van Oogappels gekeken en is nu ‘bij’ dus kunnen we uitgebreid bespreken wie wat heeft gedaan en wat we daarvan vinden. Ik vind bijvoorbeeld dat Lieke bij ‘stiefopa’ Lodewijk moet intrekken: dan hoeft zij niet met die kinderachtige huisgenoten te wonen en hoeven ze voor minder uren verpleging voor hem te regelen. Ik ben heel goed in het oplossen van de problemen van andere mensen. Ook van niet-bestaande (mensen dus, ik weet niet of ik niet-bestaande problemen kan oplossen). We hebben het nog even over onze lievelingspersonages. R. vindt Jeroen Spitzenberger erg leuk maar is minder gecharmeerd van wat zijn personage (Tim) allemaal aan het uitspoken is. ‘Hij deed in deze aflevering ook weer heel stom.’
Mijn favoriet is Ramsey Nasr. In alles. Dus ook in Oogappels is hij mijn favoriet: Erik en zijn zoon Chris. En terwijl ik mijn houtskool-tandpasta uitspuug bedenk ik dat vriendin R. en ik wel heel lief zijn geweest dit jaar (wie zegt het even tegen Sinterklaas en die piet die laats van het dak was gevallen?): we roddelen alleen maar over mensen die niet bestaan.
Een dag later bel ik mijn vader, die is in de leeftijd van de grootouders van Oogappels maar is nog vitaal als de vader van Tim, niet hulpbehoevend zoals die van Erik. Hij is bezig met het uitscheppen van zijn vijver, want daar moet een nieuwe bedekking in. Hij doet het, heel verstandig, stukje bij beetje. Maar de bodem komt in zicht.
‘En gisteren boog ik zo ver voorover dat ik erin kukelde’, vertelt hij. ‘Ik zat onder de modder en er was niemand in de buurt om me uit te lachen, dus toen heb ik dat zelf maar gedaan. Daarna ben ik gaan douchen.’
‘Zeg pap, als je dat soort dingen gaat doen hè…’
‘Ja, even telefoon in mijn zak doen. Moet van Chris, van Oogappels.’
‘Precies, als er dan iets mis gaat, en je kunt er niet zo om lachen, dan kun je altijd even bellen.’
Toch wel fijn om te weten dat er nog steeds educatieve programma’s op tv zijn. En dat je nooit te oud bent om te leren.

Meestal loop ik tegen nieuwe ‘te-lezen-titels’ aan als ik op Instagram kijk. Bijvoorbeeld omdat Reese Witherspoon iets tipt of als auteurs van wie ik graag boeken lees delen wat ze zelf graag lezen. En soms komt het door een plaatje. Vanessa Kelley is een illustrator die veel ‘fanart’ maakt. Bijvoorbeeld voor Boyfriend Material , The Charm Offensive en Red White and Royal Blue. Van die laatste titel is nu een hardback special edition verschenen met illustraties van haar op de endpapers.
Dus toen ik op haar pagina een illustratie zag die gebaseerd was op ‘The Sun and the Shadow’, heb ik dat boek gelijk besteld. ‘Pan grew up. Then he went missing’, staat op de achterkant.
Ik wist niets van dit boek, behalve de mooie quote die Vanessa Kelley op Instagram plaatste bij haar illustratie. Al snel werd me duidelijk dat het verhaal zich afspeelt in Neverland, jaren na het laatste boek dat J. M. Barrie, geestelijk vader van Peter Pan, over zijn beroemde personages schreef. Ene Raesh is koning en regeert met ijzeren hand. Elfjes leven nog. Hoofdpersoon Nathaniel is ongelukkig en mist zijn grote liefde Pan die ongeveer veertig jaar geleden verdween.
Iedere tien jaar worden er een soort ‘Spelen’ gehouden om te bepalen wie de heerser over heel Neverland zal worden. Delegaties komen vanuit alle uithoeken naar Spire in de hoop dat hun deelnemer zal winnen. Maar de kans is klein want koning Raesh speelt niet eerlijk. Maar wie is toch die figuur die zijn kap steeds ver over zijn hoofd houdt en waarom heeft hij voor Nathaniel iets bekends?

In tegenstelling tot de andere boeken die ik aan het begin van dit stuk noem, is ‘The Sun and the Shadow’ self published, door een auteur van wie naar mijn idee Engels niet hun eerste taal is. Dat betekent dat er soms taalfouten in staan. Een woord verkeerd gespeld, een zin die niet loopt en een grammaticafout. Daar mag je een verhaal niet op afrekenen, maar ik vind het wel jammer. Het idee voor het verhaal is mooi en origineel: Pan die ouder wordt, een strijd tegen een gecorrumpeerde machthebber. Maar ik had toch het idee dat ik wat informatie miste. Misschien is het te lang geleden dat ik Peter Pan heb gelezen, maar van the Lost Boys herinner ik me niet zo veel.
Voor liefhebbers van alle Peter Pan verhalen, films en bewerkingen zal ‘The Sun and the Shadow’ een welkome aanvulling zijn. Het leest fijn weg maar wat mij betreft beloofde de illustratie meer dan het boek kon waarmaken.