Feeds:
Berichten
Reacties

Luster-Raven Leilani

Net als veel mensen neem ik advies van Oprah altijd ter harte, dus toen ik een bespreking van ‘Luster’ in O magazine zag staan heb ik het boek gelijk besteld. En nu ik uit heb weet ik eigenlijk nog steeds niet goed wat ik er van moet vinden. Maar dat is geen diskwalificatie, in tegendeel, de beste boeken laten je een beetje nadenken of laten je in verwarring achter.
Hoofdpersoon Edie heeft een saai baantje bij een uitgeverij waar ze een beetje met haar pet naar gooit. Eigenlijk wil ze voltijds als kunstschilder werken maar ze is net niet goed genoeg. En geld verdienen moet ze, want ze moet de huur van haar door muizen bevolkte flatje in New York kunnen betalen. En dan is er ook nog Eric, een witte man van in de 40 met wie ze al maandenlang berichten uitwisselt en die ze nu eindelijk gaat ontmoeten. Hij is getrouwd en zegt een open huwelijk te hebben, zij is een jaar of 23 en vermoedelijk hebben ze elkaar leren kennen via zo’n sugar daddies site maar dat weet de lezer niet heel zeker.
Na de introductie van Eric vermoedde ik dat het verhaal een ‘My dark Vanessa’ wending zou krijgen, maar afgezien van wat rare kinks is Eric verwarrend normaal. Misschien wel iets te normaal voor Edie, die onverwacht in zijn huis opduikt en zijn vrouw en dochter ontmoet. Door omstandigheden brengt ze steeds meer tijd door met de andere vrouwen in zijn leven. Een vervreemdende situatie waarvan ik als lezer verwachtte dat die op een ‘Little fires everywhere’-manier uit de hand zou lopen. Ik zal niet verklappen of dat ook gebeurt.
‘Luster’ is een aanrader voor iedereen die houdt van verhalen over mensen die hun weg in de wereld zoeken buiten de gebaande paden. Ik vond het niet zo grappig en mooi als ‘Queenie’ , een roman waar ‘Luster’ veel mee vergeleken wordt, maar wel de moeite waard.

We kijken er maanden naar uit: dat moment dat alles weer begint te groeien en bloeien. Waarom hebben dan toch zo veel mensen een ‘tuin’ die meer op een parkeerplaats lijkt? Het veroorzaakt verarming in biodiversiteit, draagt bij aan opwarming van de aarde (het wordt steeds warmer in steden) en bemoeilijkt de afwatering. En het is niet zo heel moeilijk om je tuin (en de rest van je omgeving) groener te maken.
Voor EcoGoodies besprak ik een boek dat je goed op weg kan helpen.

kort verhaal-Moderna

Voor de vrouwtjes

Afgelopen dinsdag was het zover, we moesten er de stad voor uit, een half uur rijden richting de Bazaar in een kustdorp, maar daar kreeg ik ‘m dan, in een soort festivaltent: mijn eerste covid-19 vaccin. ‘Welke is het vandaag?’ vroeg ik aan de prikmevrouw (voor wie onder een steen gelegen heeft: er zijn er vier: Pfizer, Moderna, Astrazeneca of Jansen).
‘Moderna’, zei de mevrouw.
Ik was blij want die wilde ik ook. Het is toch net alsof de Sorting Hat je in een Hogwarts house indeelt en Moderna is Ravenclaw, dat weet iedereen.
‘Waar was u bang voor?’, vroeg de mevrouw. Ik was nergens bang voor maar ik wilde gewoon graag Moderna omdat dat het vaccin is waar countryzangeres Dolly Parton een flinke financiële injectie heeft gegeven (pun intended).
Ik denk dat er in het geheel weinig is om bang voor te zijn. Ik hoopte op weinig bijwerkingen, dat wel. Ik had geen zin in een stijve arm maar had die wel ingecalculeerd (ik: het voelt alsof ik de hele dag zo’n bloeddrukmeter om mijn arm heb. De mijnheer hier in huis: ja, alsof iemand een vaccin in een spier heeft gespoten… #dusdat). Ik hoopte dat ik geen griepverschijnselen zou krijgen, maar echt bang was ik er niet voor (ik heb ze ook niet gekregen gelukkig).
En ik wist dat ik geen Astrazeneca zou krijgen (die wordt alleen aan mensen boven de ’60 jaar gegeven als ik me niet vergis) en zelfs al zou ik die gekregen hebben dan wist ik dan de kans dat ik er trombose van zou krijgen heel erg klein was. Echt heel erg klein.
En daar wilde ik het nog even over hebben.
De kans om trombose te krijgen van het Astrazeneca vaccin was enorm klein. Het risico om trombose te krijgen na een vliegreis (zelfs een relatief korte vlucht binnen Europa) is vele malen groter. En het risico om trombose te krijgen van de anticonceptiepil is nog veel groter. Kun je nagaan hoe groot het risico is als je net bent begonnen met het slikken van de pil en daarna op het vliegtuig stapt naar Salou of Chersonissos. Geen ondenkbaar scenario.
Volgens mij kent iedereen ook wel een verhaal van een jonge vrouw die na een vliegreis last kreeg van trombose die terug te leiden was naar het gebruik van de pil (ik kende het verhaal het nichtje van een collega van mijn moeder, mijn man dat van een vriendin van zijn zusje).
En ik weet niet precies hoe gevaarlijk trombose is, maar blijkbaar gevaarlijk genoeg om tijdelijk te stoppen met het gebruik van Astrazeneca nadat enkele mensen op de vele miljoenen die gevaccineerd zijn, last kregen van trombose. Het vaccin is nu aangepast en zou veilig zijn maar hoe zit dat met de pil?
Het is tijd dat daar eens een alternatief voor komt. Kan mijn nichtje over tien jaar tenminste veilig naar Salou.
Ik wil niet die persoon zijn die in een paarse tuinbroek ‘seksisme’ schreeuwt maar het begint wel aardig op te vallen dat de medische wetenschap behoorlijk achter loopt als het gaat om ontwikkelingen waar alleen vrouwen van zouden profiteren. De tietenbus bijvoorbeeld. Of de pil. Zodra boomers heel heel misschien trombose kunnen krijgen moet het vaccin worden teruggeroepen, maar die pil? Ach, dat is maar voor de vrouwtjes dus wat maakt het uit…
Experimenten met een pil voor mannen zijn gestaakt want de mannen die de pil op proef probeerden kregen last van precies dezelfde bijwerkingen als vrouwen al vijftig jaar ondervinden: gewichtstoename, stemmingswisselingen en acne (of ze ook een verhoogd risico op trombose hadden kon ik nergens vinden). En dat trokken ze niet.

Spotify kent mij maar slecht. Ik kreeg ooit een opgetogen berichtje van ze met de mededeling ‘populair bij jou in de buurt…André Hazes’. Ja bedankt, dat weet ik. daarom wil ik ook verhuizen. Ik wil graag naar een buurt waarvan je me kunt vertellen dat Janine Jansen en Giovanca er populair zijn.
Netflix kent me stukken beter, die raadt me series aan die ik ook echt wil kijken, meestal in het genre spooky/historisch (The Alienist is één van mijn favorieten, the Irregulars vind ik leuk, het eerste seizoen van The Witcher ook en ik hoop tevergeefs dat Timeless nog een nieuw seizoen krijgt). Dus raadde Netflix me hun nieuwe serie ‘Shadow and Bone’ aan. Maar voordat ik me in een acht uur lange binge stortte deed ik even een check die me deed denken aan afleveringen van Hints (dat was vroeger op tv): ‘Is het een boek?’
Ja, het was een boek. Het eerste van een reeks van drie boeken waarvan het eerste deel in 2012 uit kwam.
Het begint veelbelovend: met een geïllustreerde kaart van een fantasiewereld all the best books have maps in them. Hoofdpersonen Alina en Mal zijn wezen die dankzij Duke Keramsov een huis hebben om in te wonen. Als ze nog klein zijn komt er een groepje Grisha op bezoek om te controleren of de kinderen aanleg hebben voor the small science. Dit lijkt niet zo te zijn dus gaan ze als ze eenmaal volwassen zijn het leger in. Alina als cartograaf, Mal als tracker.
Maar als het leger the Unsea (een gevaarlijke plek beheerst door duistere wezens) oversteekt en haar beste vriend in gevaar komt, blijkt Alina wel degelijk over krachten te beschikken. Zulke sterke dat ze onmiddellijk aan het hof ontboden wordt en nauw gaat samenwerken met ‘the Darkling’, degene die aan de touwtjes trekt in het koninkrijk.
Aan het hof krijgt ze te maken met paleis-intriges en wordt er van alles van haar verwacht terwijl ze moeite heeft om haar kracht de vrije loop te laten. Intussen maakt ze zich zorgen over Mal van wie ze niets meer gehoord heeft.

Voor de gemiddelde geschiedenisliefhebber zal het niet moeilijk zijn om in de wereld waarin Mal en Alina leven een verwijzing naar Rusland te zien met the Darkling als een interpretatie van Rasputin die een bom legt onder de macht van het koninklijk huis. Toch miste ik diepgang en ik merkte dat mijn gedachten tijdens het lezen mijn gedachten met regelmaat afdwaalden, ook tijdens passages die heel spannend zouden moeten zijn. En toen ik het uit had vroeg ik me af: ‘ken ik ze? Heb ik het gevoel dat ik Mal en Alina heb leren kennen?’ Nee, eigenlijk niet. Het voelt een beetje alsof de redacteur alle passages die een kijkje geven in de belevingswereld van de hoofdpersoon eruit heeft geknipt.
En dat maakt het boek eigenlijk ideaal voor verfilming: vaak zijn liefhebbers van een boek teleurgesteld als ze de film of serie zien die erop gebaseerd is omdat het de gedachten en drijfveren niet kan laten zien. Daar zal in dit geval geen sprake van zijn. Ik ga de serie in ieder geval kijken, of ik deel twee ook ga lezen weet ik nog niet.

Plaatje opzetten

‘Zal ik even een plaatje opzetten?’, vroeg mijn oma vroeger wel eens.
‘Je bedoelt een cd, mam’, zei mijn moeder dan. Ze vond dat ‘plaatje’ vreselijk ouderwets. Maar zo ouderwets was mijn oma niet, ze had immers vrij vroeg al een cd-speler. Ik vond het wel een knus woord ‘plaatje’. Misschien kwam dat omdat ik in die tijd, als ik voor de verandering eens netjes gewerkt had, een plaatje in mijn schrift kreeg van de juf. Bijvoorbeeld van David de kabouter.
Als ik bij mijn oma logeerde mocht ik vaak kiezen welk ‘plaatje’ ze op zou zetten. Vaak koos ik iets van planfluitmuziek. Maar ze had ook de Dublinners en Nigel Kennedy (die violist met het punkkapsel).
Tegenwoordig hebben we nauwelijks nog cd-spelers nodig, muziek afspelen kan op mijn computer via spotify en als ik wil kan ik het vanaf daar of vanaf mijn telefoon ook naar diverse Sonos-speakers in huis sturen. Behalve als we geen wifi hebben natuurlijk.
Toch doe ik het nog met enige regelmaat, een cd kopen. Op vakantie in het buitenland bijvoorbeeld kom ik altijd de supermarkt uit met een album in het Frans/Spaans/Italiaans (afhankelijk van waar we zijn), waar we de rest van de vakantie mee mee kunnen zingen. Songteksten zijn altijd mijn favoriete manier geweest om een andere taal te leren.
Roemer heeft ook zo zijn muziekale voorkeuren (geen idee wat hij van panfluitmuziek vindt overigens), Morning mood van Edvard Grieg vindt hij heel mooi, de Goldberg Variations vindt hij vreselijk. Maar hij is pas écht een fanboy van de band ‘Radio Company’. Als ik dat opzet maakt hij een tevreden geluidje en gaat met zijn oren flapperen. Het kan komen omdat hij de stem van één van de twee zangers herkent als die van iemand die hij ook met regelmaat op tv ziet, maar het kan ook zijn dat hij net als zijn mensenmoeder stiekem heel erg veel van country/rock houdt.
Dus hebben we de limited-edition dubbel cd besteld in de Verenigde Staten. Het was de collector’s edition stond er op de website.
En het was even wachten, maar we hebben ‘m in huis. Kunnen we we als we willen een plaatje opzetten…

Even goede vrienden

Ik heb Arie Boomsma jarenlang in dezelfde categorie als Prem: irritant om naar te luisteren, maar als ik goed let op wàt ze zeggen kan ik geen hekel aan ze hebben want ze zeggen vaak zinnige dingen.
De mijnheer hier in huis is iets uitgesprokener: ‘Ik heb niks met die Arie maar ben hem wel dankbaar voor wat hij heeft gedaan voor de sportscholen.’ Om even later te zeggen ‘WTF die Arie is bevriend met Thierry Baudet!’
En ja hoor: ze hebben samen een boek geschreven of iets dergelijks (de bibliotheek is een half jaar dicht geweest dus mijn algemene kennis is blijkbaar hard achteruit gegaan’.
De mijnheer weet ook nog te vertellen dat er een hele lange, behoorlijk onleesbare blogpost bestaat waarin wordt uitgelegd hoe dat te rijmen valt: de knuffelchristen met zijn ‘kumbaya-houding’ die bevriend is met een extreem rechtse politicus die tegen het vermengen van rassen is.
Volgens de mijnheer hier in huis kwam het neer op ‘je kunt vrienden zijn met mensen die er andere denkbeelden op na houden’.
Ja ja, andere denkbeelden.
Nu weet ik ook wel dat mijn vrienden niet over alles precies hetzelfde denken als ik. Sommigen eten (nog) dieren terwijl ik dat al jaren niet meer doe, dat is anders. Maar de meesten reageren wel heel positief op het feit dat ik alleen maar plantaardig eet (en willen ook best wel wat recepten hebben). En ze gaan ook niet zeuren als mijn Facebookpagina weer vol staat met vegan memes. Dat is een voorbeeld van ‘anders zijn, maar toch even goede vrienden’.
Sommige mensen uit mijn vrienden- en kennissenkring worden door de mijnheer hier in huis bestempeld als ‘complot wappies’. Ik ben dat zelf niet, maar ik snap het wantrouwen tegenover de overheid wel (dat heeft de overheid ook aan zichzelf te wijten) als zou ik iedereen die covid-19 ‘een griepje’ noemt wel een corrigerende tik willen geven.
Maar zolang ze geen mensen in elkaar gaan slaan bij prik-locaties of met een gele ster op gaan lopen omdat ze vinden dat ze het overheidsbeleid met jodenvervolging door nazi’s mogen vergelijken, laat ik het maar gaan. Dit waait wel weer over, net zoals een echte griep.
Maar daar, bij die gele ster, ligt wel een hele harde grens: bij fascisme. Ik kan me namelijk niet voorstellen hoe je als zelfrespecterend mens bevriend kunt zijn met een fascist. Met iemand die van mening is dat de Westerse cultuur superieur is. Die vindt dat het geen goed idee is om het witte ras ‘homeopatish te laten verdunnen’. Met iemand die in corona-tijd (terwijl jóuw bedrijf dicht is) zonder mondkapje op, met jan en alleman gaat staan knuffelen terwijl verplegend personeel op hun tandvlees loopt.
En ik ben misschien wat rigide in mijn opvattingen: ik zou er al moeite mee hebben als een vriend of kennis van mij VVD zou stemmen want dan zou ik óf twijfelen aan hun verstand of moreel kompas óf het zien als een verkapte afwijzing van wat ik ben. Ik ben namelijk een chronisch zieke multi-culti-knuffelaar die kunst ziet als een eerste (of op z’n minst tweede) levensbehoefte. En die moeten van de VVD natuurlijk gewoon dood.
En Arie kan nóg zo vaak zeggen dat je bevriend kunt zijn met iemand die een andere mening heeft dan jij, maar fascisme is geen andere mening maar een hele andere wereldvisie. Dit klinkt als struisvogelvriendschap, lalala ik stop mijn vingers in mijn oren en trek mijn mondkapje over mijn ogen zodat ik later altijd kan zeggen dat ik niet door had dat mijn vriend een racist was.

Onlangs las ik eindelijk eens een boek dat ik twee jaar geleden op vakantie in Bath had gekocht. De titel luidde ‘What would Boudicca do?’ en bevatte beknopte biografieën van memorabele vrouwen uit de geschiedenis en de levenslessen die we daaruit zouden kunnen trekken. Eén van de vrouwen die de revue passeerden was ‘Catherine the Great’, keizerin van Rusland. En toen dacht ik ‘volgens mij heb ik over haar ook nog ergens een boek liggen’.
En dat klopte natuurlijk. ‘The imperial wife’ beloofde me een mix van kunst en -geschiedenis, iets waar ik altijd wel oren naar heb.
Deze roman van Irina Reyn bleek er eentje te zijn in de categorie ‘twee vrouwelijke hoofdpersonen elk in een andere tijd met een voorwerp dat hun levens verbindt’. In het geval van Tanya Kagan, specialist op het gebied van Russische kunst voor veilinghuis Worthington’s, en Catherina de Grote is dat een onderscheiding die zij, als vrouwelijk lid van het Russische vorstenhuis ooit heeft gedragen.
Voor deze onderscheiding zijn al snel vele gegadigden die van Tanya de zekerheid willen dat hun bod het hoogste is. Intussen is de man van Tanya, zoon van een beroemde welgestelde familie en auteur van een redelijk succesvolle roman over Catherina de Grote en universitair docent, vertrokken uit hun huis. Hij heeft wat tijd nodig. Het is voor Tanya en de lezer een beetje onduidelijk waarom maar het lijkt iets van doen te hebben met het boek dat hij geschreven heeft en het feit dat iedereen vraagt wanneer er een volgende roman komt.
De hoofdstukken over Tanya worden afgewisseld met die over Catherina, die uit het boek van Carl (Tanya’s man) lijken te komen. En die hoofdstukken zijn….mwah.
De delen over Tanya zijn wel vlot geschreven en spannend, maar het historisch deel van deze historische roman ging niet echt voor me leven en dat had ik wel gehoopt want Catherina de Grote lijkt me een interessante figuur, mede omdat ze kunst verzamelde. Na het lezen van dit boek weet ik niet echt veel meer van haar, behalve dan dat ze een buitenlandse was die haar man, zoon van een invloedrijk geslacht, overschaduwde en op zijn troon ging zitten.
Ook het einde is een beetje vergezocht en liet bij me de ‘oh, is dit nu eind goed al goed?’ gedachte na. Het is een aardige roman maar wat mij betreft geen die-moet-je-lezen aanrader. Zou het wellicht wel leuk doen als suspense-verfilming met in de rol van Carl Chris Evans en Goran Višnjić als Igor Yardanov.

In mijn nieuwe blogpost voor EcoGoodies schreef ik over het bedrijf dat vooral plastic produceert (en nog een paar dingetjes) en hoe je deze onderschatte grootmacht uit je huis en je leven kunt bannen.