Feeds:
Berichten
Reacties

Heeft u klachten?

Ze blijven het maar vragen tijdens die persconferenties: ‘Heeft u klachten?’
Nou die heb ik wel. Ik vind dat de taal die gebruikt wordt in de persconferenties onduidelijk is. Ik vind dat er wel een paar minuten besteed had mogen worden aan het juist en hygiënisch gebruik van een ‘neus-mondmasker’: sommigen dragen het ding onder hun neus wat natuurlijk geen zier helpt en stoppen het na gebruik in hun jaszak waar het natuurlijk lekker kan gaan zitten broeien tot de volgende keer dat ze het er weer uittrekken (tenzij ze het verliezen en het zwerfafval wordt), waarbij ze met hun handen natuurlijk alle kanten aanraken, ook die kant die mogelijk is blootgesteld aan het virus.
Ik heb ook een klacht over de slordige dictie van Rutte. Hij heeft het vaak over ‘nuuwe’. Dan hoor ik ‘nu we maatregelen’ en verwacht ik nog een rest van een zin in de trant van ‘gaan invoeren’. Maar hij bedoelt ‘nieuwe’. Maar dat kan hij na een jaar nog steeds niet uitspreken. Lekker verwarrend.
Verder heb ik ook klachten over het feit dat een groot deel van Nederland nog steeds van plan is om over iets meer dan twee weken op de corrupte kapitalistenbende van Rutte te gaan stemmen. Daar heb ik heel veel klachten over.
En ik heb dus ook een klacht over de terugkerende zin ‘Hebt u klachten’, meestal uitgesproken door Hugo de Jonge. Die zin is vaag en multi-interpretabel.
Op de brief die bij het stembiljet zit dat ik van de week in de bus kreeg staat het duidelijker (en met verduidelijkende pictogrammen) ‘heeft u last van’ : hoesten, verkoudheid, verhoging of koorts, benauwdheid, niet goed kunnen ruiken of proeven? Laat dan een ander voor u stemmen.
Gebrek aan empathie verlies van uw moreel kompas of een raar spraakgebrek waardoor u de ‘ie’ niet meer uit kunt spreken zijn geen probleem, daar kunt u gewoon VVD mee stemmen.

Polariserend

Het was een sprankelende kop boven het artikel (te lezen op Reddit en Open Democracy): Meet the first to found a political party in Europe. Erbij een foto van de vrouw in kwestie, een regenboogvlag in haar handen, tijdens een demonstratie. Ze ziet er veel jonger uit dan haar 50 jaar. In het artikel vertelt ze over de kwesties die leven in het Noord-Europese land waarin ze woont. Het heeft het imago progressief te zijn maar als je het vernislaagje eraf krabt dan valt dat best tegen. Ze noemt gevallen van police brutality (overmatig geweld gebruikt door politie, meestal tegen mensen van kleur), racial profiling (het stelselmatig zonder gegronde reden aanhouden van mensen van kleur) en het feit dat mensen van kleur ondervertegenwoordigd zijn in het parlement.
Deze voorbeelden -en de vrouw in kwestie- kunnen je bekend voorkomen. De vrouw in kwestie is namelijk niemand minder dan Sylvana Simons die in maart 2016 de politieke partij Artikel 1 oprichtte. Deze partij heet nu Bij1 en maakt grote kans om na de komende verkiezingen deel uit te gaan maken van de Tweede Kamer.
Als dat zo is dan is dat louter te danken aan de oprichters, leden en sympathisanten. Van de Nederlandse media hoeft Bij1 het namelijk niet te hebben.
Het kieskompas laat ‘Bij1’ niet zien als mogelijk resultaat omdat, zo zeggen ze, ze alleen partijen meenemen die al in de kamer zitten. Waarom staat JA21 (een neo-nazi-afsplitsingspartijtje dat pas is opgericht) er dan wel bij?
Ruud de Wild (dj en kunstschilder) interviewt in de aanloop naar de verkiezingen lijsttrekkers in zijn atelier. Maar niet Sylvana Simons want die is te polariserend, zei hij. Tja, er was een periode waarin de Partij voor de Dieren ook ver gek werd uitgemaakt, dus misschien moet hij nog even wennen, dacht ik. Maar vervolgens zag ik op social media dat Thierry Baudet en Geert Wilders wèl welkom waren.
Dan heb je wel een heel vreemde opvatting van de term ‘polariserend’. Volgens het woordenboek is de niet-natuurkundige betekenis van polariseren: het doen ontstaan of vergroten van tegenstellingen tussen mensen. Het uitvergroten van tegenstellingen tussen mensen van verschillende religies, bijvoorbeeld (PVV). Het vergroten van inkomstenverschillen (VVD). Het tegen elkaar opzetten van mensen die zich zorgen maken over klimaatverandering en mensen die gewoon heng-heng met een trekker willen doen (de nieuwste hobby van Thierry).
Als er één kieslijst is die zegt ‘iedereen hoort erbij’, dan is het wel die van Bij1. De partij voor de Dieren maakt zich sterk voor een Nederland dat goed toegankelijk is voor mensen in een rolstoel, Bij1 heeft een vrouw in een rolstoel op de kieslijst staan.
Bij1 staat voor radicale gelijkwaardigheid. En dat is misschien even schrikken voor sommige mensen na jarenlang aan de lippen te hebben gehangen van populistische engnekken. En dus doet de media hetzelfde met Sylvana als met bewijs dat er wel degelijk racisme bestaat in Nederland: vingers in de oren en zingen ‘la la het is er niet want ik kijk de andere kant op dus ik zie het niet’.
Gelukkig heeft Vrij Nederland het niet alleen aangedurfd om een groot interview met haar te plaatsen, maar haar ook omslagmodel gemaakt. Jarenlang was dit een no go in bladenland want een zwart model op de cover zou niet verkopen (ik weet het, dit gold vooral voor dames- en modebladen). Om het tegendeel te bewijzen heb een exemplaar gekocht. Noem me maar polariserend.

Ik kende hem nog van DWDD, waar hij vertelde over zijn roman Fretz2025, en van een vrij succesvolle deelname aan De Slimste, vorig jaar. Omdat ik Fretz2025 een lekker vlot leesbare en geestige roman vond kon ik ‘Onder de paramariboom’ natuurlijk niet laten liggen, de laatste keer dat ik fysiek aanwezig was in een boekhandel. Vooral niet omdat het boek de Boekhandelsprijs 2019 had gekregen.
Net als bij ‘Fretz 2025’ weet ik niet zo goed waar de waarheid ophoudt en de roman begint, maar dat maakt niet uit, het boek is in ieder geval sterk autobiografisch te noemen. Als klein jongetje zei Johan, zoon van een Fries-Frans-Canadese vader die nazi-Duitsland was ontvlucht en vooral niet Duits genoemd wil worden en een Surinaamse moeder, dat zijn moeder ‘uit de paramariboom’ kwam, daar kwamen zwarte mensen vandaan zoals zijn moeder en Ruud Gullit. Toen hij ouder werd wist hij wel dat het ‘Paramaribo’ moest zijn en dat het de hoofdstad was van een klein land in Zuid-Amerika, maar veel affiniteit met zijn moeder’s land had hij niet. Sterker nog, hij had bijna alle landen op het continent bezocht (waar niemand ooit van ‘Surinam’ had gehoord), behalve Mama Sranan.
Maar nu, nu hij bijna dertig is, komt daar verandering in. Hij wordt uitgenodigd om op de vooravond van de verkiezingen een toespraak te houden bij een bijeenkomst, dus vliegt hij naar Paramaribo. Zijn moeder zal hem enkele dagen later achterna vliegen. ‘Onder de paramariboom’ is het verslag van die kleine week waarin Johannes alle ‘tori’s’ (verhalen) over zijn familie zal horen, het huis zal zien waarin zijn moeder is opgegroeid en flink veel sambal bij de pom eet om te bewijzen dat hij geen bakra is. Het heden wordt afgewisseld met flashbacks naar Johannes’ kindertijd die allesbehalve zorgeloos was: zijn moeder was van de paramariboom geplukt en terechtgekomen in Veenendaal. Ze wilde naar de kunstacademie, maar haar broers en zussen besloten dat dat geen geaccepteerd carrièrepad was. Ze worstelde met een depressie in een land waar ze niet aarden kon. En toen leek het de behandelend arts een goed idee dat ze een kind kreeg, het kind met wie ze nu door de straten van haar jeugd loopt.
Het is knap hoe geestig en luchtig ‘Onder de paramariboom’ is ondanks het ‘ach jochie toch’ gevoel dat mij als lezer meerdere malen bekruipt en gelukkig ook tweemaal door een personage wordt uitgesproken.

That’s not all, folks

Veel bekende mensen, en vooral politici, kunnen worden samengevat met één woord. Een woord dat hun wereldbeeld symboliseert. Als er weer een VVD-er fraude pleegt of een vervuilende multinational miljoenen euro’s aan steun krijgt terwijl kleine ondernemers niet weten hoe ze het hoofd boven water moeten houden, zeggen wij hier in huis met zo bekakt mogelijk accent ‘supergaaf’. U kunt zelf wel invullen wiens wereldbeeld (zonder visie) we hiermee bedoelen.
Het woord van Joe Biden is als je het mij vraagt ‘folks’. Joe (voor zijn ouders en broers en zus Joey) is een folksy man, hij groeide op als zoon van een autoverkoper en een moeder die hem altijd vertelde dat hij nooit moest denken dat hij méér was dan een ander. Maar ook niet minder.
Als ik folks zou moeten vertalen naar het Nederlands zou ik uitkomen op iets als ‘jelui’. Biden begint een toespraak vaak met folks, of gebruikt het halverwege als hij de mensen direct wil toespreken. En het leuke van folks is dat het genderneutraal en inclusief is. Veel beter dan ladies and gentleman and non-binary people. Ook beter dan ‘my fellow Americans‘ want dan kun je je nog afvragen ‘heeft hij het wel tegen mij als ik geen United States paspoort heb?’ Joey heeft het tegen iedereen die wil luisteren.
Zijn inauguratie liet al doorschemeren dat inclusiviteit zeg maar best wel zijn ding is: daar stonden op het podium een homo-icoon (Lady Gaga), een latina (Jennifer Lopez) een jonge zwarte dichter (Amanda Gorman) en een witte countryzanger (Garth Brooks) kortom: folks from all walk of life.
En daarna ging hij met vliegende vaart van start: de ene na de andere executive order werd getekend om lgbtq- en trans folks te berschermen. En hij is nog maar net begonnen.

short story-lockdown #3

Witte lijst met nummer 37

Nee, dit is geen zogenaamd grappig ‘moet kunnen’-stukje over Chinese Nederlanders. Dit stukje gaat over de verkiezingen. Want nadat je als betrokken kiezer een politieke partij hebt gekozen die bij je wereldbeeld en toekomstvisie past (in het kort: wil je meer asfalt of wil je van dat mondkapje af en schone lucht en gelijkere kansen voor iedereen op deze aarde?), dan komt de vegan hamvraag: wie op de lijst?
Sinds jaar en dag stem ik op een vrouw. Omdat ik vind dat er meer vrouwen in de Tweede Kamer moeten en omdat vrouwen doorgaans harder hebben moeten werken voor het behalen van een positie en dus zeer waarschijnlijk competenter zijn dan de mannen die een soortgelijke positie bekleden. Maar welke vrouw dan? Dat hangt af van de partij die je op het oog hebt en hoeveel zetels die volgens de peilingen zal krijgen. Zeggen de peilingen 12 zetels, kijk dan naar de nummer 13 op de kieslijst. Is dat een vrouw, dan kies je die. Is dat geen vrouw, kijk dan naar de nummer 14. Is dat een vrouw, stem dan op haar. Als ze genoeg voorkeursstemmen krijgt kan zij namelijk de nummer 13 en 12 passeren en in de kamer terechtkomen.
Zo ging het vorig jaar met de vrouw op wie ik mijn stem had uitgebracht. Bijkomend voordeel van mijn keuze toen: ze kwam uit Friesland. Als je naar de kandidatenlijst van de Tweede Kamer kijkt zou je denken dat Nederland voor 70% uit Amsterdam bestaat en de rest van Nederland ook grotendeels randstad is. Geen wonder dat de problemen in Groningen ver van hun bed zijn. Die verdeling mag ook wel iets gelijkmatiger.
Maar als we het over ongelijkheid in de Tweede Kamer hebben is er één ding dat vooral in het oog springt. Het is er witter dan op de toppen van de Kilimanjaro. Sinds 2017 zit er geen enkele volksvertegenwoordiger van Surinaamse of Antilliaanse afkomst meer in de kamer. Turkse- en Marokkaanse Nederlanders zijn gelukkig goed vertegenwoordigd, maar als er wordt gesproken over de Pietenkwestie is er niemand meer aanwezig die er (wellicht) persoonlijk door geraakt wordt.
Dat zie ik graag anders. Maar de partij waar ik lid van ben heeft een behoorlijk witte lijst op de website staan. Alleen de nummer 37, één van de bekendere Nederlandse lijstduwer, heeft een Marokkaanse naam. GroenLinks doet het beter met op nummer 13 een man met Afrikaanse roots (en, leuk voor Arjen Lubach: ervaring in de ICT). Maar ja, wel een man. De nummer 18 dan, een Groningse met Afrikaanse roots? Maar komen er wel 18 mensen van Groen Links in de kamer? Misschien moet ik me toch maar eens gaan verdiepen in de lijst van Bij1, die is zonder twijfel kleurrijk…

Het was ongetwijfeld één van de duurste boeken van het afgelopen jaar (vooral in de Nederlandse vertaling), maar je kreeg er dan ook wel heel veel bladzijdes voor. En dat was dan nog maar het eerste deel van wat samen de autobiografie van voormalig president van de Verenigde Staten Barack Obama moet vormen. Dat hij van plan is een hele boekenkast te vullen met zijn memoires is niet zo vreemd, hij mag eindelijk weer uitweiden zonder dat een campagneleider of chief of staff ‘korter!’ roept als Maxime Hartman tegen een mijnheer met een aardewerken broodmandje.
Want Obama is niet van de quick and dirty oneliners, Obama is van het ‘aan de ene kant’ en ‘aan de andere kant’ en de hele voorgeschiedenis van meerdere kanten bekijken. Of, zoals een campagneleider het ooit samenvatte na een proef-debat: ‘U heeft een tien voor de spreekbeurt, maar nul stemmen gewonnen.’
En dat zijn de anekdotes die de lezer het meest zullen bijblijven na het lezen van ‘A promised land’: de zelfspot waarmee Obama deze voorvallen opschrijft. Dat, en de fragmenten waarin hij over zijn dochters schrijft, maken ‘A promised land’ meer dan alleen politieke memoires. Toch is het dat bovenal: een dikke pil over politiek. Over campagnevoeren, over het nemen van beslissingen, over puinruimen tijdens een economische recessie waar de vorige president je mee heeft opgezadeld, over een oorlog die je ook hebt geërfd en waar je nooit vóór was maar waar je nu het beste van moet zien te maken en over senator Mitch McConnell die eruit ziet als een meer dan 100 jaar oude schildpad maar zich gedraagt als een slang (mijn woorden, niet die van Obama) en alles maar dan ook àlles dwarsboomt wat Obama door de senaat wil krijgen.
Wie een easy read á la ‘Becoming’ (het boek van mevrouw Obama) verwacht komt bedrogen uit. A promised land is bij tijd en wijle pittige kost en alleen aan te raden aan mensen die geïnteresseerd zijn in politiek. Of zoals iemand op GoodReads het samenvatte: ‘Well, that was…thorough.
En dat is het, doordacht en gedegen en goed onder woorden gebracht met af en toe wat kurkdroge humor. Precies zoals Obama zelf.

Het is een bekend gegeven in de wereld van televisie en film genaamd bury the gays: zodra duidelijk wordt dat een belangrijk personage gay is, gaat deze dood. Want scenarioschrijvers weten niet zo goed wat ze aanmoeten met gay personages. Net zoals ze niet weten wat ze aanmoeten met vrouwen van boven de 35 die geen kinderen hebben (spoiler alert: meestal krijgen ze uiteindelijk toch kinderen).
Nog steeds zijn er tv-series die om een homoseksuele relatie van twee main characters heen dansen en talloze niet-zo-subtiele verwijzingen in afleveringen stoppen die de goede verstaander moeiteloos oppikt, maar het niet aandurven om expliciet in beeld te brengen. En vele kijkers zijn het een beetje zat.
Wellicht had Young Adult-auteur Adam Silvera deze bury the gays-trope en het groeiend protest ertegen in gedachten toen hij een titel verzon voor zijn roman, misschien wilde hij zichzelf gewoon uitdagen door een roman te schrijven waarvan het einde alvast verklapt wordt in de titel. Feit blijft dat het een lekker opvallende titel is; toen ik ‘m ergens op Facebook tegenkwam in antwoord op een vraag over mooie boeken met lgbtq+ -thematiek.
‘They both die at die end’ speelt zich af in de zeer nabije toekomst, of eigenlijk in een alternatief 2017, waarin er een dienst bestaat die je een telefoontje geeft als je laatste dag op aarde is ingegaan. Mateo Torrez is alleen thuis als hij het telefoontje krijgt. Zijn vader ligt in coma in het ziekenhuis en zijn moeder is jaren geleden overleden. Iedereen weet dat je het meeste moet zien te maken van je laatste 24 uur (er zijn speciale plekken waar je naartoe kan gaan om zo veel mogelijk experiences in je laatste dag te stoppen), maar het lukt Mateo maar niet om zijn flat uit te komen. Gelukkig is er een app, genaamd Last Friend, waar mensen die doodgaan contact kunnen leggen met iemand die die dag met hen door wil brengen.
Mateo’s Last Friend is Rufus, ook hij heeft het telefoontje gekregen en kan door omstandigheden zijn laatste dag niet doorbrengen met zijn vrienden. Samen gaan ze op pad, twee jongens met een heel andere achtergrond die steeds dichter tot elkaar komen. Maar we weten hoe het afloopt…toch?

‘They both die at the end’ geeft een kijkje in een wereld waar ik nog veel vragen over heb. Waarom worden mensen die doodgaan eigenlijk Deckers genoemd? Hoe komt het dat Death-Cast weet dat ze doodgaan? En waarom gaan er zo veel jonge mensen dood?
Daar krijgen we geen antwoord op. Wat we wel krijgen is een mooi verhaal over vriendschap, over je open stellen, jezelf durven zijn en je eigen weg kiezen. Een aanrader voor iedereen die van Young Adult novels houdt.

Nieuw jaar, nieuwe (groene) uitdagingen. Welke ga jij aan? De leukste challenges vind je in deze blogpost voor EcoGoodies