Feeds:
Berichten
Reacties

Als er ooit een romantitel ironisch bedoeld is, dan is het deze wel want het is al snel duidelijk dat er maar één volwassene in deze familie is, en dat is de adolescente Cecilia. Na een voorval op school wordt ze uitgekotst door haar ‘vriendinnen’ en besluiten haar ouders dat ze maar een poosje bij haar oma moet gaan wonen en daar naar school moet gaan, in een klein stadje in de staat New York.
Oma Astrid is niet het touchy feely granny type maar ze raakt al snel gesteld op de beleefde en aardige Cecilia, ook al is ze nog erg bezig met een verongelukte vriendin van vroeger en haar nieuwe relatie waar haar kinderen (Elliot(m), Porter (v) en Nick (m, vader van Cecilia)) nog niet op de hoogte zijn. Maar ze is niet de enige die geheimen heeft, Porter is in verwachting maar heeft nog niemand daar van op de hoogte gesteld, Elliot heeft een aankoop gedaan die hij verborgen houdt en de eerste vriendin die Cecilia maakt heeft haar net zo nodig als vice versa. Want ja, Cecila is eerlijk en betrouwbaar.
Het mag duidelijk zijn dat zij mijn favoriete gezinslid is van de familie Strick, maar dat wil niet zeggen dat ik de anderen niet interessant vind. Iedereen heeft zo zijn of haar eigenaardigheden en ook als ze niet per se lief of leuk zijn zijn ze nog steeds interessant om over te lezen. Ook omdat iedereen een geheim of lijken in de kast heeft is het erg leuk om te lezen hoe zich dat allemaal gaat ontvouwen.
In een interview met O magazine zei de auteur dat ze de sfeer wilde scheppen van het stadje Stars Hollow, het decor van de serie Gilmore Girls. En dat is absoluut gelukt. Cecilia is inderdaad een beetje een Rory: verstandig, eerlijk en niet snel van haar stuk gebracht als mensen een beetje anders zijn of als dingen anders gaan.
Aanrader voor liefhebbers van het werk van Ann Patchett en voor iedereen die zich even onder wil dompelen in small town life.

Sorry

Sorry, vandaag geen blogpost want ik ben ziek. Om het goed te maken daarom een foto van Roemer.

kort verhaal-rijbewijs

Twee boeken in de kast

Als mensen in de zeventiende eeuw meer dan één boek in huis hadden, dan was dat tweede boek zonder twijfel ‘Houwelick’ (1625) van Jacob Cats. Dat eerste boek was natuurlijk de bijbel en dat tweede was al even belerend: een bundel vol gedichten die bol staan van de misogyne rommel. Maar hij had gelukkig niet alleen een hekel aan vrouwen, maar ook aan kinderen, getuige zijn beroemdste dichtregel kinderen zijn hinderen.
Dat zijn dan de twee boeken die je wereldbeeld vormen. Boeken die je vertellen dat je, als god het van je vraagt, je kind moet offeren en dat vrouwen minderwaardig zijn en naar hun man moeten luisteren. En dan was het in de Nederlandse Gouden Eeuw nog relatief goed gesteld met de positie van de vrouw.
Het mag dan ook geen verrassing zijn dat ik tijdens mijn studie Historische Letterkunde (en daarna) een gezonde hekel aan ‘vadertje Cats’ had.
Gelukkig zijn de tijden veranderd en hebben de meeste mensen hele andere dingen in de kast staan (en kinderen op een voetstuk, maar dat is weer een ander verhaal), maar als er slechts twee boeken in die kast mogen staan, laat ‘Maar waar kom je ècht vandaan?’ er dan één van zijn. ‘Maar waar kom je ècht vandaan?’ is een bundeling van 100 interviews met Nederlanders, afgenomen en gebundeld door Robert Vuijsje. Een deel van deze interviews was al te lezen in ‘Kaaskoppen’ (2016), maar in deze nieuwe bundel staan er veel meer en ook van veel recenter datum. Het gaat in op de Black Lives Matter beweging, over de verandering van ‘blank’ naar ‘wit’ en over wat de tweede (of eerste) identiteit van de geïnterviewde voor hen betekent.
100 verhalen over de Nederlandse identiteit die een genuanceerder en gevarieerder beeld geven dan ‘één koekje bij de thee’. Een aanrader voor iedereen die in een witte bubbel leeft. Ik kende het grootste deel van de geïnterviewden, maar lang niet allemaal. Van Karin Amatmoekrim had ik bijvoorbeeld nog nooit gehoord (maar het volgende boek dat ik ga lezen is door haar geschreven), van Sandra Reemer natuurlijk wel. Van Sinan Çankaya en Murat Isik had ik al een boek in de kast staan, maar Bokoesam en Dopebwoy waren me geheel vreemd. En ze hadden allemaal iets interessants te vertellen.
Dus als er slechts twee boeken in je kast staan: zorg dan dat ‘Maar waar kom je ècht vandaan?’ er één van is (en stel die vraag nooit meer). En dat andere boek? Daar ga ik even over nadenken. Otje, misschien?

Er zijn mensen die uitsluitend thrillers lezen. Ik vraag me weleens af wat dat met je wereldbeeld doet en hoop dat er iemand is die daar eens onderzoek naar wil doen. Zelf probeer ik om iets meer afwisseling aan te brengen in mijn leeslijst: ik lees non-fictie, fantasy en romans van binnen- en buitenlandse auteurs. Maar ook ik heb een favoriet genre: historical fiction. En dan het liefst fact-based historical fiction. En dan het aller-liefst fact based historical fiction die een half-vergeten vrouw uit de door mannelijke geschiedschrijvers onder het tapijt gemoffeld is daar weer onder vandaan trekt.
‘Remarkable Creatures’ is zo’n boek. Ik wist al wie Mary Anning was omdat zij, net als Mary Treat (personage in ‘Unsheltered‘ van Barbara Kingsolver) gelieerd is aan Charles Darwin. Darwin correspondeerde met verscheidene vrouwelijke wetenschappers. Mary Anning was daar één van. Dit is des te opvallender omdat Mary maar een ‘gewoon’ working class meisje uit het kustdorpje Lyme Regis was. Haar vader was meubelmaker en Mary had ‘the eye’: oog voor het ontdekken van ‘curies’ op het strand. Curies kennen wij onder de naam fossielen.
De roman begint met de verhuizing van Elizabeth Philpot en haar twee (eveneens ongehuwde) zussen naar een cottage in Lyme Regis. Hun broer is getrouwd en daarom kunnen zij niet bij hem in Londen blijven wonen. Deze situatie deed me sterk denken aan die van de zussen in Jane Austens Sense and Sensibility en dat was geen toeval want dit verhaal speelt zich in dezelfde tijd af. Eén van de Philpot-zussen is groot fan van het werk van Jane Austen: ‘whom Margaret was sure she’d met long ago at the Assembly Rooms the first time we visited Lyme Regis, but I did not read fiction and could not be persuaded to try it.’ Het dikgedrukte woord is ongetwijfeld een grapje van Tracy Chevalier want Persuasion, voor velen het beste boek van Jane Austen, speelt zich deels af in Lyme Regis.
Remarkable Creatures is dus niet alleen een aanrader voor iedereen die van historical fiction houdt maar ook voor liefhebbers van het werk van Jane Austen. En voor mensen die dol zijn op het rustieke Engelse landschap of graag boeken lezen over vrouwenlevens. Kortom, een aanrader voor bijna iedereen.

Dierenpraktijken zomer 2020

Vele huisdieren zijn al maanden in de zevende hemel. Je leest er alles over in mijn column voor Dierenpraktijken: 2020-08-24-134525

kort verhaal-pakket

He pensado en ella

Ik wilde eigenlijk wel weer naar Engeland dit jaar, maar Engeland is gesloten en ik ben niet van plan om zwanen te gaan vangen om de sleutel te pakken te krijgen. Ik wacht wel een jaartje en hoop Old Blighty volgend jaar weer terug te zien.
Weet je trouwens hoe je een dom blondje met corona noemt? Boris Johnson.
Dus besloten we om maar een huisje te zoeken ergens in Spanje. Na het boeken installeerde ik de app Duolingo weer op mijn telefoon en begon op intermediate level aan een cursus Spaans. Ook diepte ik alle Spaanstalige cd’s die ik in de loop der jaren heb verzameld weer op, want dat is toch de leukste manier om een taal te leren: luisteren, de woorden die je kent meezingen en de rest opzoeken in het cd-boekje.
Toevalligerwijs werd Pablo Alborán op de dag dat ik zijn album ‘Tanto’ in de cd-speler van de auto duwde ineens wereldnieuws (ok, hij domineerde social media en dat is bijna hetzelfde). In het kader van Pride-week had hij namelijk op Instagram geschreven dat hij gay is. En dat verbaasde me nogal.
Ik ging ervan uit dat dat algemeen bekend was. Toen ik hem een jaar of 7 geleden voor het eerst tegen kwam in de rekken van de Fnack (boek- en cd winkel in Frankrijk en Spanje) gaf hij mij al gay vibes, maar dat kan aan mij hebben gelegen. Wie weet hebben vele Spaanse meisjes van teleurstelling in hun kussen liggen wenen, geen idee. De reacties op Instagram waren in ieder geval positief.
Waar ik me met terugwerkende kracht wèl over verbaas zijn sommige songteksten: ‘He pensado en ella toda la noche’. Ik heb de hele nacht aan haar gedacht. Waarom dan, jongen? Had je een goed gesprek met haar, heb je ruzie gehad met je zus of is ‘ella’ je moeder en gaat het niet goed met haar gezondheid? Maar nee, uit de volgende regels blijkt dat hij toch echt betoverd is door haar uiterlijk. Vooral door haar huid…? Misschien is hij benieuwd welke dagcrème ze gebruikt.
En van mij mag het hè, homoseksuele mannen die liefdesliedjes zingen over vrouwen, maar wordt het niet eens tijd, zoals Annie M. G. Schmidt al zei, voor een mooi liedje over Romeo en Julius?
Nu zag ik op (daar heb je ‘m weer) Instagram dat de beste jongen bezig is aan een nieuw album. Ik ben benieuwd of daar ook uitsluitend heteronormatieve liefdesliedjes op staan of dat we ons kunnen verheugen op songteksten over ‘zijn gespierde dijen’ of ‘zijn stoppels die over mijn wang schuren’. Ik ben er in ieder geval klaar voor. Vamos a la Fnac.

Paulien Cornelisse en de auteur van het boek ‘Stuff white people like’ weten het al lang: witte mensen hebben een fascinatie voor Japan. Het begon met de introductie van sushi rond de eeuwwisseling (huh, koude rijst met vìs, is dat lekker?) en inmiddels beginnen steeds meer Japanse auteurs voet aan de grond te krijgen in de westerse wereld.
De nieuwste ontdekking is Toshikazu Kawaguchi, wiens ‘Before the coffee gets cold’ wordt aangeprezen als ‘the Japanese bestseller’. 
Het verhaal draait om een piepklein cafeetje in Tokyo waar de tijd niet stil lijkt te hebben gestaan: het interieur lijkt al een eeuw niet veranderd te zijn. Maar dat de tijd stilstaat is volgens de legende allesbehalve waar: het schijnt dat bezoekers van het café de mogelijkheid hebben terug te gaan in de tijd. Maar er zijn regels: het ‘nu’ zal niet veranderen, je kunt alleen mensen ontmoeten die al eens in het café zijn geweest, de tijdreis heeft de duur van een kopje koffie en dat kopje moet leeggedronken zijn voordat het koud is geworden.
Oh ja, er is slechts één stoel in de zaak die de mogelijkheid van tijdreizen biedt en die mag je niet verlaten. En het grootste deel van de tijd is ie bezet.
‘Before the koffie gets cold’ schetst vier portretten van mensen die de reis willen maken en heeft daarmee een originele opzet (die, goed nieuws voor fans, is herhaald in twee opvolgende romans die ongetwijfeld ook vertaald zullen worden).
Een mooi, sfeervol uitstapje naar Tokyo dat me toch niet ècht raakte, wellicht was het daarvoor te kort of bleven de personages wat te veel op de vlakte. Daardoor haalde het het voor mij niet bij het even sprookjesachtige ‘De huishoudster en de professor’ van Yoko Ogawa.

Extra fijnstof de lucht in blazen tijdens een hittegolf? Niet alleen heel asociaal, het is nog dom ook. In mijn nieuwe blogpost voor EcoGoodies lees je waarom de barbecue in de ban moet.