Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘#leesvrouwen’

Omdat ik deze weken op vakantie ben in Engeland, deze woensdag een roman van een Britse auteur

In 2021 op de Shortlist van de Women’s Prize for Fiction én winnaar van de Costa Book Award, dat moet dus wel wat zijn…en dat is het ook, maar lichte kost is het niet.
Jeanie en Julius zijn een 51-jarige tweeling die samen met hun moeder in een cottage woont op het land van de man voor wie hun vader ooit werkte. Hun vader is overleden toen ze nog jong waren, en het is de schuld van die man, zoveel weten ze zeker. Moeder Dot en dochter Jeanie onderhouden de tuin die bij de cottage hoort. Alles wat ze zelf niet nodig hebben verkopen ze in het dorp. Deze zelfredzaamheid komt op de helling te staan als Dot plotseling overlijdt. Broer en zus weten niet goed wat ze aanmoeten met alle kosten die een begrafenis met zich meebrengt en worden geconfronteerd met beslissingen die hun moeder had genomen zonder hen op te hoogte te brengen.

Ik houd heel veel van Engelse dorpjes, cottages en cottagetuinen dus voor mij is het lezen van Unsettled Ground als een balsem voor mijn anglofiele ziel en tegelijkertijd werd ik er verdrietig van. Verdrietig omdat er zulke schrijnende armoede bestaat. Omdat er mensen zijn die alles hebben en dan toch anderen iets af willen nemen omdat ze denken dat ze er recht op hebben, of uit jaloezie. Gelukkig is er vriendschap en zijn er honden (spoiler: de hond gaat niet dood). Een verhaal dat je bijblijft. Verplichte kost voor iedereen die denkt dat armoede niet meer bestaat en dat iedereen gelijke kansen krijgt in het leven.


Read Full Post »

Ik kocht het boek omdat het op een tafel lag, omringd door andere Young Adult Novels die ik met veel plezier gelezen had. De lokatie en het omslag waren voor mij genoeg reden om het te kopen. Pas toen ik het van mijn ‘nog te lezen-stapel’ pakte, realiseerde ik me dat ik de auteur al kende: Elizabeth Acevedo schreef eerder ‘With the fire on high’
In ‘Clap when you land’ volgen we niet één taaie en veerkrachtige adolescent van wie het leven niet over rozen gaat, maar twéé. Camino woont samen met haar tante in de Dominicaanse Republiek. Haar moeder is jong overleden, maar ze heeft nog wel een vader. Die ziet ze echter alleen een paar maanden in de zomer, de rest van het jaar werkt hij in New York.
Yahaira woont met haar ouders in New York en gaat naar een goede school omdat ze een schaaktalent is. Daarin had ze niet echt een keuze: haar vader heeft haar getraind vanaf dat ze drie jaar oud was. Als ze, na een incident, besluit om niet meer deel te nemen aan grote toernooien, is haar vader dan ook niet bepaald begripvol. Maar als snel verandert Yahaira’s leven op veel ingrijpender wijze.

Mocht je dit boek willen lezen, en ik kan me niet voorstellen waarom je dat niet zou willen, lees dan vooral niet de achterkant want die bevat een enorme spoiler. Ik vind het als lezer veel leuker om een vermoeden te hebben over waar het verhaal naartoe gaat en dat dan bevestigd te zien, dan alles voorgekauwd te krijgen door de achterflap.
De roman is geschreven in ‘flowing verse’, zoals The Black Famingo, en het leest net zo vloeiend. Ik zou het ook aanraden aan jongeren die ‘moeten’ lezen voor hun lijst: de jonge hoofdpersonen zijn sympathiek en hebben een sterke persoonlijkheid, het boek brengt je op plekken waar je wellicht nooit eerder geweest bent en het laat je een leven leven dat je niet kent. En dat alles terwijl de taal stroomt als een rivier die je rustig voortduwt.

Read Full Post »

Als je net zo dol bent op de romans ‘Circe’ en ‘The song of Achilles’ (geschreven door Madeleine Miller) als ik ben, dan komt de naam ‘Jennifer Saint’ vroeg of laat op je pad. Net als Madeleine Miller schrijft ze romans waarin een bijfiguur uit de Griekse Mythologie die hoofdrol speelt: de welbekende (of iets minder bekende) verhalen gezien door de ogen van een vrouw van wie we tot dan toe meestal niet meer wisten dan wie haar vader, haar broer of haar geliefde was.
Hoofdpersoon van haar debuutroman is Ariadne, een naam die ik als kind kende omdat het de titel was van een tijdschrift voor ‘zelfmaakmode’ (als ik het Google kom ik tijdschriftomslagen tegen van mensen in truien die ik ook had). Later, waarschijnlijk tijdens het kijken van een aflevering van Twee voor Twaalf, leerde ik dat dat een goedgekozen naam was omdat Ariadne een Griekse heldin was die iets had gedaan met een bolletje draad en dat het iets met de minotaurus van doen had. Die minotaurus speelde ook al een klein rolletje in Circe (net als uitvinder Daedalus die het labyrinth maakte).
Ariadne is de dochter van de arrogante en hardvochtige koning Minos die door Poseidon wordt gestraft met de minotaurus. Een straf die Minos weet om te buigen tot een middel om zijn vijanden mee te straffen: elk jaar moet Athene zeven jongens en zeven meisjes naar Kreta sturen die het labyrinth in zullen worden gestuurd om als voedsel voor de minotaurus te dienen.
Ariadne en haar zusje Paedra houden zich verre van deze praktijken tot het jaar waarop ze de jongeren van Athene aan ziet komen. Eén van hen valt haar op: een onverschrokken jonge man met een vastberaden blik in zijn groene ogen: Theseus, prins van Athene.
Als ze hem helpt gaat ze tegen haar familie in…welke keuze maakt ze…?

Tijdens het lezen van ‘Ariadne’ kwam Griekenland weer voor me tot leven. De eilanden, de blauwe zee, de rotspartijen, het was alsof ik er pas nog was geweest in plaats van jaren geleden. Het verhaal verliep vloeiend en de personages waren goed uitgewerkt, zij het niet zo goed als die in de romans van Madeleine Miller. Een raar detail dat me steeds uit het verhaal haalde: de auteur heeft zo’n beetje alle personages blond gemaakt. Ariadne, Phaedra en Dionysos, allemaal blond. Heel raar want ik heb nog nooit een afbeelding van Ariadne gezien waarop ze blond was. Ik nam het dan ook niet van de auteur aan en schiep mijn eigen beeld, dus elke keer als het genoemd werd dacht ik ‘blond, wie is er blond?’. Ariadne wat mij betreft niet, en Dionysos zag er in mijn hoofd uit als Oscar Isaac in de film ‘Agora’. Jennifer Saint kan me nog meer vertellen.

Read Full Post »

Omdat het nog steeds hoogzomer is, deze week een luchtig strand-of vakantieboek
Als ik boeken lees van een mij tot dan toe onbekende auteur, is dat meestal omdat er iets op het omslag staat in de trant van ‘nominated for the Man Booker Prize’ of ‘shortlisted for the Women’s Prize for Fiction’. Op het omslag van dit boek staat iets heel anders: The TikTok sensation! En ‘The New York Times bestseller. Niet mijn gebruikelijke leesvoer dus, maar het werd zo bejubeld dat ik er nieuwsgierig naar werd.
Het begint met een leugentje om bestwil: Olive heeft tegen haar beste vriendin Ahn gezegd dat ze een afspraakje heeft (terwijl ze in werkelijkheid nog wat in het laboratorium van de universiteit aan haar onderzoek gaat werken). Dit alles in de hoop dat Ahn er dan eindelijk van overtuigd raakt dat Olive het ècht niet erg vindt als Ahn iets zou krijgen met Olive’s ex-vriendje. Maar dan ziet Olive Ahn in het lab. Op het moment dat ze een date zou hebben…en vraagt Olive snel aan de dichtstbijzijnde man of ze hem mag zoenen. En die man blijkt Adam Carlsen te zijn, de intimiderende, nurkse en hyperintelligente Dr. Carlsen. Die er tot Olive’s verbazing in toestemt om te fake-daten tot het moment dat Ahn en Jeremy eindelijk een setje zijn.
We weten allemaal hoe dit verhaal af gaat lopen, maar de weg ernaartoe is een leuke wandeling. De achtergrond: jonge vrouwen in STEM (Science, Technology, Engineering and Mathematics) is verfrissend. Als Nederlandse lezer heb ik alleen wel wat irritatie-puntjes: waarom heeft een Nederlands personage een Zweedse achternaam? Dat kan op zich, maar dat moet dan wel even uitgelegd worden. Nu heb ik het vermoeden dat de auteur gewoon lukraak een Noord-Europese naam heeft genomen en heeft gedacht ‘ik maak ‘m Nederlands!’, het is toch allemaal één pot nat. En geschreven Nederlands lijkt voor geen meter op geschreven Duits. Het Duits geeft alle zelfstandige naamwoorden een hoofdletter, strooit met ümlauts en heeft zelfs de ß die wij niet hebben. Het geschreven Nederlands lijkt het meest op Deens, maar dan zonder ö en ø. Op Engels, dus, eigenlijk…

Read Full Post »

Omdat bijna heel Nederland op vakantie is, deze week een populair vakantieboek

De titels van boeken die door Emily Henry zijn geschreven vliegen je van alle kanten om de oren: in Facebookgroepen voor lezers en op Instagram. Ik had eerst niet eens door dat ‘Beach Read’, ‘People we meet on vacation’ en ‘Book Lovers’ allemaal van dezelfde auteur waren.
Normaalgesproken is ‘luchtige romantiek’ niet mijn genre, maar het waren warme dagen dus ik had zin in iets makkelijks. En makkelijk was het, maar dat wil niet zeggen dat het een niemendalletje was. En natuurlijk weet je vanaf het begin hoe het boek gaat eindigen, maar de weg ernaartoe is zeer onderhoudend en de opbouw is zodanig dat je dóór wil lezen om erachter te komen wat er een paar jaar geleden is gebeurd.
De kleine extraverte Poppy leert Alex (kakhi broek, zegt dat genoeg?) kennen op hun eerste dag op de University van Chicago. Ze hebben niets met elkaar gemeen, behalve dan dat ze beiden uit Ohio komen. Dit detail zorgt ervoor dat ze maanden later samen naar huis rijden om vakantie te vieren bij hun ouders. Ze komen tot de ontdekking dat samen reizen ze best goed af gaat. En zo ontstaat een traditie: elk jaar gaan Poppy en Alex samen op vakantie. Naar Canada, naar New Orleans…en intussen dromen ze van Parijs, want dat kunnen ze zich nog niet veroorloven. Dat verandert als Poppy gaat werken voor een reis-glossy en ze op kosten van het blad de halve wereld over kan reizen-met Alex.
Maar twee jaar geleden is er iets gebeurd waardoor ze elkaar al een hele poos niet gesproken hebben. Poppy mist haar beste vriend. Ze besluit om hem te vragen nog een keer samen op reis te gaan. Hij stemt toe.

‘People we meet on vacation’ is een bundeling van hoogte- en dieptepunten van twaalf zomers waarin een vriendschap en liefde groeit. Waarin de voorraad in-crowd-grapjes groeit. Zomers waarin Poppy en Alex volwassen worden (maar niet tè). Waarin vriendjes en vriendinnetjes komen en gaan. Waarin Poppy in New York gaat wonen en Alex gaat werken op hun oude middelbare school. En dat ene jaar waarin dat ène gebeurt waardoor ze meer dan een jaar geen contact hebben.
Zoals verwacht: een heel fijn vakantieboek, ook als je thuis blijft en in je hoofd wil reizen.

Read Full Post »

Op basis van alleen de titel dacht ik dat dit een boek zou zijn in het genre ‘boekwinkel/café aan het strand/op het idyllische eiland’. Een zomers feelgood niemendalletje dus. Maar het omslag maakt al snel duidelijk dat de setting iets minder schilderachtig is: deze boekwinkel staat in het Londen van de Blitzkrieg (de Tweede Wereldoorlog). Grappig detail is dat het omslag van ‘De laatste boekwinkel van Londen’ nogal uit de toon valt tussen de andere boeken van dezelfde auteur: die hebben namelijk vaak een mijnheer op het omslag die broeierig kijkt en zijn shirt kwijt is geraakt. Afgaande op de titels is dit waarschijnlijk gebeurd in The Highlands of in het Dukedom van de mijnheer in kwestie. Maar dat mag je allemaal vergeten (tenzij je juist op zoek bent naar zulke boeken, kijk dan even op de GoodReads pagina van Madeline Martin).
Ik wist dus niet zo goed wat me te wachten stond met dit boek, ik was een beetje bang voor een geromantiseerde Disney versie van een oorlogsverhaal (zoals The Nightingale), maar ik werd aangenaam verrast. Madeline Martin is erg goed in het scheppen van een beeld: het dagelijks leven tijdens de Blitzkrieg is zelden beter beschreven: een doos met daarin een gasmasker om je schouder, ballonnen boven je hoofd in de lucht die de bommenwerpers tegen moeten houden en je handen voor je uitgestrekt in een poging om te voelen waar je bent tijdens de verduistering.
Na het overlijden van haar moeder vertrekt Grace samen met haar beste vriendin Viv naar Londen om bij een vriendin van haar moeder in te gaan wonen en werk te zoeken. Zonder aanbevelingsbrief kan ze echter niet, zoals haar vriendin, terecht bij warenhuis Harrods, maar de vriendin van haar moeder regelt voor haar een baantje in een boekhandel. De boekhandel is rommelig en stoffig, de eigenaar is nukkig en Grace houdt helemaal niet van lezen. Maar dan wordt het oorlog en krijgt ze een beduimeld exemplaar van Le Conte de Monte Christo cadeau.

‘De laatste boekwinkel van Londen’ is een verhaal van vriendschap en wilskracht dat een goed beeld geeft van het dagelijks leven tijdens de Blitzkrieg in Londen. Een tijd waarin van de ene op de andere dag de kinderen verdwenen uit de stad en er ballonnen in de lucht hingen. Aanrader voor iedereen die De oogstmeisjes met plezier heeft gelezen.
De vertaling is ook goed, ik zou er alleen voor gekozen hebben om de titels van klassieke romans niet te vertalen. Nu moest ik opzoeken of ‘In Londen en Parijs’ inderdaad ‘A tale of two cities’ was, ‘Woeste Hoogten’ deed me gniffelen en van ‘Kermis der IJdelheid’ had ik echt geen flauw benul wat het moest zijn (Vanity Fair, dus).
Wat me ook met regelmaat uit het verhaal haalde was de vlees-obsessie van de auteur. In bijna elk hoofdstuk wordt wel vermeld dat er een ‘heerlijke geur’ was van bradende lichaamsdelen… En dan zeggen ze dat vegans drammerig zijn… Nee, de lucht van bakkende en bradende dieren is niet lekker, ook al schrijf je het zes keer op.
Op pagina 196 schemert de nationaliteit van de auteur even door: ‘Per slot van rekening had er niemand ter wereld zoveel levenskracht als de Britten’. Dat klinkt toch meer als Amerikaanse borstklopperij dan een Keep calm and Carry on stiff upper lip. Ze heeft overduidelijk ‘De meeste mensen deugen’, nog niet gelezen.

Read Full Post »

Alleen op basis van het omslag wilde ik deze roman, door Reese Witherspoon geselecteerd als de Mei-titel van haar leesclub, al hebben. Toen wist ik nog niet dat het geschiedenis en een liefde voor woorden tot onderwerp had (ok, dat had ik aan de hand van de titel wel kunnen raden) en zich af zou spelen in een Engelse stad die ik ooit bezocht heb.
De moeder van hoofdpersoon Esme is overleden toen ze nog heel jong was (beiden waren jong, maar ik bedoel Esme). Ze leeft samen met haar vader, die haar vaak mee neemt naar zijn werk. Het dienstmeisje van zijn werkgever fungeert vaak als nanny voor Esme. Het is de fin de siècle en Esme’s vader werkt mee aan de samenstelling van The Oxford Dictionary of the English language. Zittend onder het bureau waaraan haar vader werkt merkt Esme dat sommige woorden afgekeurd. Ze zijn niet goed genoeg om deel uit te maken van het grote woordenboek dat de mannen samenstellen. Ze koestert die woorden in een oude koffer die ze van dienstmeisje Lizzy mag gebruiken. Terwijl de wereld om haar heen verandert, er dreigt een oorlog, vrouwen (en een enkele man) strijden voor algemeen stemrecht, koestert Esme de woorden die deel uitmaken van het leven van vrouwen, van een wereld die ze niet kent.
De Australische auteur van ‘The Dictionary of Lost Words’ dook in de geschiedenis van de Oxford Dictionary toen ze tot de ontdekking kwam dat het woord ‘bondmaid’ niet in de eerste editie stond. Dat was het begin van uitgebreid onderzoek. Het resultaat mag er zijn. Het is een verhaal geworden met een spanwijdte die doet denken aan die van ‘The signature of all things’. Lezers die genoten hebben van ‘A discovery of Witches’ omdat ze het dwalen door Oxford zo heerlijk vonden kunnen met dit boek ook hun hart ophalen. En iedere lezer die van woorden houdt, en welke lezer doet dat nou niet, kan zich vereenzelvigen met Esme. Ik zal niet zeggen dat het leest als een trein want het komt wat langzaam op gang, maar iedereen die net als ik geïnteresseerd is in de periode waarin de 19e eeuw over gaat in de 20e, zal het met veel interesse lezen.

Read Full Post »

Ik zag het omslag op de website van ‘mijn’ boekhandel en toen zat het ineens in mijn digitale winkelmandje. Geen idee waar het over ging, ik viel voor het omslag. Toen ik het op ging halen bleek er een handgemaakt buikbandje omheen te zitten: ‘Sisterhood’ werd aangeraden door één van de medewerkers van de boekhandel. ‘Witchcraft, folklore and trans visibility ❤️’. Zo zie ik mijn folklore graag: met een portie trans visibility.
Koning Cador heeft drie dochters: de oudste heeft helende krachten maar is niet in staat de brandwonden aan haar hand te genezen. De middelste voelt zich niet thuis in de vrouwenverblijven en kan niet de dochter zijn die haar moeder wil dat ze is. De jongste loopt met haar hoofd in de wolken en wil het liefst elke man die ze ontmoet glamouren zodat hij verliefd op haar wordt. Op zich is dat genoeg om een man bezig te houden, maar Cador heeft zijn handen vol aan de oprukkende Saksen die steeds meer koningkrijken op het eiland in hun macht krijgen. Eerst waren er de Romeinen, maar nu die weg zijn vormen de Saksen een nieuwe bedreiging. Onder invloed van zijn vrouw laat Cador steeds vaker zijn oren hangen naar wat de priester zegt. Maar vooral zijn middelste kind is daar niet zo blij mee want het christendom is wel erg gebrand op het inperken van de invloed van vrouwen. Keyne heeft meer vertrouwen in Myrdhin, de verhalenverteller die altijd op lijkt te duiken als hij het hardst nodig is.

Voordat ik begon met lezen wist ik niet dat deze roman gebaseerd is op het lied ‘Twa Sisters’, dat mij bekend is onder de titel ‘Two Sisters’ van Clannad. Hoewel ik bepaald niet snel door dit boek heen ging, vond ik het wel erg mooi en zeer de moeite waard. Britse geschiedenis interesseert me en ik probeer het dan ook in de tijd te plaatsen en vroeg me af of de personages Celten zijn (ik denk het wel, Boudicca wordt genoemd als voorbeeld van vrouwelijke held uit de geschiedenis). De sfeer deed me denken aan de serie van Marion Zimmer Bradley die begint met The Mists of Avalon. Aanrader voor lezers die houden van magie en geschiedenis.

Read Full Post »

Met deze titel heb ik de gehele shortlist van de Women’s Prize for fiction gelezen en heb ik dus recht op een mening (onderaan deze blogpost kun je mijn niet-willekeurige volgorde zien). Ik zal niet zeggen dat ik met ‘Sorrow and Bliss’ het beste voor het laast heb bewaard, maar ik was aangenaam verrast door Meg Mason, een auteur die me tot dan toe onbekend was.
Waar ‘Great Circle’ (nog steeds mijn favoriet van de short list) het groots aanpakt (niet verrassend, gezien de titel) qua vorm en afgelegde tijd en kilometers, houdt ‘Sorrow and Bliss’ het dicht bij huis. De hoofdpersoon verhuist alleen van Londen naar Oxford. En na haar scheiding weer terug.
Vlak na haar veertigste verjaardag gaan Martha en haar man Patrick uit elkaar. De roman begint met wat flashbacks uit de tijd dat ze nog samen waren en fragmenten uit het heden waarin Martha en haar zus elkaar GIF-jes sturen. Een mannier van communiceren die me aanspreekt: de love language hier in huis is elkaar GIFs sturen terwijl de één boven zit te werken en de ander beneden. Die van prince William kende ik nog niet, maar ga ik zeker een keer gebruiken.
Martha is de volwassen dochter van een dichter met potentie die nooit meer is geworden dan dat (denk aan het wonderkind van 50 uit het liedje van Boudewijn de Groot) en een beeldend kunstenaar ‘van enige invloed’ die nauwelijks enige emotionele band lijkt te hebben met haar twee dochters. Het is duidelijk dat Martha wel degelijk talent heeft, voor schrijven, maar ze doet niet veel meer dan het schrijven van een column voor het blad van supermarkt Waitrose (toevallig wel de meest posh supermarkt van de UK). Iets wat beter te begrijpen valt als je weet dat Martha al sinds haar jeugd anti-depressiva slikt. En soms ook een periode niet.
Maar wat is er precies aan de hand en waarom is haar huwelijk met de man die al van haar houdt sinds ze tieners waren, gestrand? Dat raadsel ontvouwt zich langzaam gedurende 340 pagina’s in een tempo dat perfect is. Je wil namelijk niet dat dit boek stopt. Het leest als een goede BBC drama-serie en ik hoop dat het een groot lezerspubliek zal bereiken. Een gedeelde tweede plaats op de shortlist van de Women’s Prize for Fiction, wat mij betreft.

1. Great Circle
2. The Sentence
2. Sorrow and Bliss
4. The Island of Missing Trees
5. The Book of Form and Emptiness
6. The Bread the Devil Knead

Read Full Post »

Op de shortlist van de Man Booker Prize, staat er op het omslag, maar ik kan het op de site van de Man Booker Prize niet terugvinden (wellicht heeft de uitgever informatie die de rest van de wereld nog niet heeft…). Wat wèl zeker is, is dat ‘The Book of Form & Emptiness’ de Women’s Prize for Fiction heeft gewonnen.
Toen ik aan ‘The Book of Form & Emptiness’ begon had ik nog niet de gehele shortlist gelezen (Sorrow and Bliss ligt nog op mijn stapel) en was ‘Great Circle’ mijn favoriet. Dat is na het lezen van de prijswinnaar nog steeds zo. Maar ik snap wel wat er bijzonder is aan dit boek.
Het boek is aan het woord. Letterlijk. Het boek vertelt het verhaal van de jonge Benny, af en toe onderbroken door Benny zelf die iets niet in het boek wil hebben of een passage verduidelijkt, die jong zijn vader verloor. Sindsdien is de eenheid in het gezin zoek. Zijn moeder heeft het druk het haar werk waarvoor ze door steeds nieuwe hoepels moet springen, en Benny hoort de dingen praten. Alle dingen. En in zijn huis zijn er steeds meer dingen.
Op school kan hij zijn rust ook niet vinden dus kiest hij ervoor om zijn dagen in de bibliotheek door te brengen, omringd door kleurrijke figuren die ook niet in het hokje ‘normaal’ passen.
Het omslag bevat blurbs van Matt Haig (auteur van The Midnight Library) en David Mitchell (Cloud Atlas) en dat is geen toeval: de vorm van de roman van Ozeki doet denken aan de romans van deze auteurs. Maar dat iets toegankelijker. Het zit onbetwist mooi in elkaar en is overduidelijk literatuur met een grote L, maar voor mij ontbrak er net dat beetje aan dat het een lievelingsboek maakt. Misschien leefde ik net niet genoeg mee met de personages. Misschien was het juist de knappe vorm of het feit dat het een ideeënroman is, dat me van een afstandje deed kijken in plaats van echt mee te leven. Niets mis mee. Voor mij een terechte shortlister maar niet mijn persoonlijke winnaar.

Read Full Post »

Older Posts »