Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘Women’s Prize for Fiction’

De mijnheer die hier in huis woont wist het eerder dan ik: ‘Susanne Clarke heeft de Women’s Prize for Fiction gekregen voor haar roman Piranesi’. Ik dacht nog nooit van haar gehoord te hebben, maar nader onderzoek wees uit dat ik een eerdere titel van haar weleens voorbij had zien komen, maar nog nooit gelezen.
Susanna Clarke was voor mij dus een nieuwe auteur en voordat ik begon aan haar bekroonde roman had ik geen idee wat ik moest verwachten. Er stond een blurb voorop van Madeline Miller en ook het omslag, met een satir die over een dorintische zuil huppelt met een fluitje in zijn mond, lijkt te wijzen op een mythologische thematiek. Maar zeker weten doe ik het niet en ik ga ook niet op zoek naar antwoorden. Ik heb afgeleerd om achterflappen met samenvattingen te lezen want die geven tegenwoordig naar mijn smaak veel te veel weg (dieptepunt: De kathedraal van de zee waar de tekst achterop de dwarsligger 80% van het boek samenvatte…).

Maar wat ze ook achterop dit boek zouden hebben gezet, niets kan je voorbereiden op de trip die ‘Piranesi’ is. Ik zal mijn best doen om er iets over te zeggen zonder al te veel te verklappen. Piranesi, nou ja, hij weet dat hij niet zo heet maar hoe hij wel heet weet hij niet (meer) en ‘de Ander’ noemt hem Piranesi, dus noemt hij zichzelf nu ook maar zo, woont in het Huis. Het Huis is prachtig. Er zijn vestibules en hallen en ze zijn gevuld met klassieke beelden. Soms loopt er een hal onder water en kan Piranesi vissen vangen en zeewier oogsten, zijn belangrijkste voedselbron. Twee keer per week komt De Ander en bespreken ze filosofische onderwerpen. Er zijn ook andere mensen, maar die leven niet meer dus is Piranesi de rest van de tijd alleen met zijn dagboeken. Daarin houdt hij bij wat er gebeurt volgens een zelfbedacht kalendersysteem.
Ongelukkig of eenzaam is hij niet: het Huis zorgt voor hem en hij houdt van de schoonheid van het huis waar elk beeld een goede vriend van hem is.

Er zit zoveel in dit verhaal dat me sterk deed denken aan de allegorie van Plato over de grot en tegen het einde de spanning kreeg van de film Momento. Het roept vragen op over de queeste naar kennis en hoe ver die mag gaan en het is een detectiveroman. Tenminste, een beetje dan.
En meer wil ik er niet over verklappen. Behalve dan dat ik voor een verfilming mooie rollen zie voor Henry Ian Cusick en Kit Harrington.

Read Full Post »

Na het lezen van een aantal fijne Young Adult novels (‘What if it’s us’ en deel vier van ‘The Raven Cycle’) en een paar boeken van Eden Finley, was het weer even wennen: literatuur met een grote L. ‘The Tiger’s Wife’ werd in 2011 bekroond met de Orange Prize for Fiction (ook bekend als de Women’s Prize for Fiction).
Jonge dokter Natalia zoekt haar weg, nu het land waarin ze is opgegroeid na een oorlog is opgedeeld in stukken: moslims wonen nu dáár aan de andere kant van de grens, het vliegveld is vernoemd naar die excentrieke uitvinder die nu ‘van hen’ is en niet meer van ‘de anderen’.
Als Natalia met een collega op weg is naar een weeshuis om kinderen te vaccineren, krijgt ze bericht dat haar grootvader is overleden. Haar grootvader die ‘de dokter’ was, voordat zij dat was. De man die haar altijd meenam naar de dierentuin om naar de tijger te kijken. De man die altijd een oud exemplaar van ‘Jungle Book’ bij zich droeg en haar twee verhalen vertelde: het verhaal van ‘the deathless man’ en dat van ‘the tiger’s wife’.
Hij overleed op reis aan de gevolgen van een slopende ziekte waarvan alleen Natalia op de hoogte was. Waarom was hij op reis? En waar is het boek gebleven dat hij altijd bij zich droeg?
Het duurde heel even voordat ik in het verhaal kwam (literatuur met een grote L…), maar daarna liet ik me graag meevoeren. Langs een wereld van legenden over een man die niet sterven kan, de jeugd van een intelligente jongeman die geen herder werd zoals zijn oma bedacht had, over een vrouw die één keer te veel geslagen werd, over de duivel die een gestreepte pyjama draagt en over Natalia en haar opa. Vooral dat laatste spreekt uit elke bladzijde: de band tussen opa en kleindochter. Iedereen die een legendarische opa heeft gehad herkent dat.
Een mooie roman met wat elementen van magisch realisme die me soms wat deed denken aan ‘Life of Pi’ (maar dat kan dus aan de tijger hebben gelegen.

Read Full Post »

Als er een prijs zou bestaan voor de meest memorabele romantitel dan zou de debuutroman van Oyinkan Braithwaite grote kans maken. Ook stond ‘My sister, the serial killer’ dit jaar op de shortlist van de Women’s Prize for fiction (samen met The Silence of the girls-die ik nog moet lezen-,Normal People, Milkman, Circe, en de uiteindelijke winnaar An American Marriage).
Hoofdpersoon Korede is een hardwerkende verpleegkundige in een ziekenhuis in Lagos (een stad in Nigeria), ze woont samen met haar moeder en haar jongere zus. Haar vader, die tien jaar geleden overleden is, was een gewelddadige en gewetenloze man. En ze heeft het vermoeden dat haar zus een seriemoordenaar is.
Het gebeurt namelijk opvallend vaak dat zusje Ayoola zich moet verdedigen tegen vriendjes die ‘ineens’ agressief werden en vervolgens in haar mes liepen. Drie keer, om precies te zijn. En de trouwe Korede komt weer opdagen met een fles bleek om alle sporen uit te wissen.

Voordat ik aan deze roman begon was ik stellig van plan om de kant van het zusje te kiezen dat afrekent met agressieve mannen, Towanda! Maar Braithwaite heeft een heel ander verhaal gesponnen dan ik van tevoren verwachtte. Zusjelief is eerder een vrouwelijke Blauwbaard die alles en iedereen om haar vinger weet te winden en alles een draai geeft waardoor iedereen behalve zijzelf in een kwaad daglicht komt te staan. Grote zus vervult met verve de rol van Assepoester: ze kookt en bakt terwijl zusje met de eer gaat strijken en lucht haar hart alleen bij de comapatiënt die geen bezoek meer krijgt (Doornroosje?).
En dan laat zusje Ayoola haar oog vallen op de man waar Korede heimelijk verliefd op is. Zal deze Prince Charming de betovering weten te verbreken of zal hij het volgende slachtoffer worden?

Oyinkan Braithwaite heeft een heel prettige vertelstijl en de roman is opgebouwd uit korte hoofdstukjes zodat het boek ook voor minder geoefende lezers een aanrader is. Het is spannend en geestig en ik hoop in de komende jaren nog meer van haar te lezen.

Read Full Post »

Ik dacht dat ik al een heel eind was met het lezen van de shortlist van de Women’s Prize for fiction, maar ik had Normal People (stond wel op de longlist én op de longlist van de Man Booker Prize) verward met Ordinary People. Niet zo vreemd, toch? Deze week maak ik dat snel goed en lees ik na Milkman, Circe en An American Marriage de vierde titel van de shortlist.

Wie bij het lezen van de titel van deze roman meteen John Legend hoort zingen heeft de juiste sfeer te pakken. In het eerste hoofdstuk bereiden twee mannen in Londen een feest voor ter ere van de verkiezing van Obama, de gastenlijst bestaat uit hip and black London. Op het feestje leren we M&M kennen: Michael en Melissa. Ze hebben twee kleine kinderen en dit is één van hun weinige avonden samen. Als ze aan het einde van de avond naar huis rijdt is Melissa teleurgesteld dat ze eigenlijk geen moment tijd en oog voor elkaar hebben gehad.
Michael’s beste vriend Damian woont het met zijn vrouw en drie kinderen buiten Londen (in Surrey als ik me niet vergis) en heeft het gevoel dat zijn leven hem min of meer is overkomen. Past het wel bij hem of vervult hij gewoon de rol die zijn vrouw en haar ouders hem hebben aangemeten? Zijn eigen vader, die autoritair en afstandelijk was, is onlangs overleden. Dit heeft hem meer geraakt dan hij wil toegeven en zijn vrouw denkt zelfs dat hij depressief is.

De blurb van The Times noemt het ‘ruthlessly funny’, maar dat ben ik niet met ze eens, of ik moet iets gemist hebben. Als je iets luchtigs en geestigs zoekt zou ik je eerder ‘die andere met bijna dezelfde titel’ aanraden (Normal People dus), maar als je een diepgravende roman zoekt die een beeld schetst van langdurige relaties. Van hoe het mis kan gaan en hoe het weer goed kan komen. Een boek dat de beklemming schetst van thuis zijn met twee kleine kinderen (de opluchting toen ik het boek dicht deed!) met tegen het einde wat suspense-elementen.
Een roman die prima als basis zou kunnen dienen voor een Harts and Bones-achtige serie maar dan met een overwegend black cast (graag Sterling K. Brown als Michael, pretty please). Wie dat allemaal zoekt in een boek, leze Ordinary People (wedden dat je John Legend op gaat zoeken op Spotify?)

Read Full Post »

Net als ‘Milkman’ en de uiteindelijke winnaar An American Marriage ,stond ‘Circe’ van professor Klassieke Talen Madeline Miller op de shortlist voor de Women’s Prize for Fiction van dit jaar.
Het duurde even voordat ik deze roman in huis had want ik wilde per sé de Engelstalige versie mét het gezicht op het omslag. Uiteindelijk vond ik ergens een prachtige hardcover uitvoering uit de eerste druk. Dan kán het bijna niet anders of de inhoud is minder mooi dan de uitvoering. Maar niets was minder waar.
‘Circe’ vertelt het verhaal van een dochter van Helios, de zonnegod. Ze is één van de vele nymphen die als voetnoten in de Griekse Mythologie zo af en toe een bijrol mogen spelen. Als Circe een kind was dan zou je hopen dat een buurvrouw jeugdzorg zou bellen want ze wordt geminacht door haar moeder omdat ze niet mooi genoeg is en een lelijke stem zou hebben en haar vader heeft ook nauwelijks aandacht voor haar.
Als ze verliefd wordt op een jonge visser hoopt ze dat ze nu eindelijk iemand gevonden heeft die echt van haar houdt, maar het is slechts de eerste les die ze zal leren over de menselijke aard. Een les die niet zonder consequenties is: ze wordt verbannen uit de hal van haar grootvader. Toch leeft Circe een rijk leven waarin ze diverse helden uit de Griekse  geschiedenis zal leren kennen en in een ander daglicht zal stellen dan de epiek heeft gedaan.
Zonder al te veel te willen verklappen over de loop van het verhaal (ik weet zelf altijd het liefst zo min mogelijk over een boek voordat ik het ga lezen) kan ik er nog dit over zeggen:
℘ Het eiland Aiaia zal altijd mijn ‘happy place’ zijn
℘ Helden zijn niet altijd wat de geschiedenis van ze maakt
℘ Ik vond het heel handig dat ik net Mythos van Stephen Fry had gelezen, maar als je dat niet hebt dan staat er achterin het boek een lijst met personages (dat zag ik dus pas toen ik het uit had)
℘ Ik vond het zó verschrikkelijk mooi dat het mijn favoriete boek van dit jaar tot nu toe is.

Read Full Post »

Zodra de uitslag van de Women’s Prize for Fiction bekend was heb ik het boek besteld. Toen het eenmaal binnen was was ik een beetje teleurgesteld: ik vond het omslag niet zo mooi, met dat geel en rood, en het boek was vrij dun. I love big books and I cannot lie…

Maar die teleurstelling verdween snel. Nog voordat ik de eerste bladzijde helemaal gelezen had. Want dit is goed. Heel goed. De roman begint met een scène bij de douane. Isma mist de vlucht die haar naar de Amerikaanse stad zal brengen waar ze (na jarenlang voor haar broertje en zusje te hebben gezorgd) zal kunnen studeren en haar eigen leven beginnen. De inhoud van haar koffer (waaronder haar ondergoed) ligt verspreid over de tafel en ze moet vragen beantwoorden als ‘Do you consider yourself British’, terwijl ze gewoon een Brits paspoort heeft.
Een indringende passage die gedurende het boek door je hoofd blijft spoken. In Massachusetts leert ze een mede-Londenaar kennen van wie ze weet dat ze een hekel aan hem moet hebben: hij is de zoon van Home Secretary, zelf van moslim-afkomst maar onverbiddelijk als het om Syriëgangers gaat. Bovendien kent haar familie hem al veel langer en is niet bepaald te spreken over zijn karakter. Toch worden ze vrienden, tot het moment dat Aemonn weer teruggaat naar Londen.
Na twee hoofdstukken met Isma te hebben meegekeken verschuift het perspectief naar Aemonn, daarna naar Parvaiz, Isma’s broertje, vervolgens naar Aneeka, Parvaiz’ tweelingzus enten slotte naar Karamat, Eamonns vader.
Normaal gesproken vind ik dat een beetje vervelend, mijn loyaliteit ligt namelijk bij mijn eerste hoofdpersoon dus daar blijf ik dan naar terug verlangen, maar omdat de personages in deze roman zo met elkaar verweven zijn had ik daar veel minder last van. 

‘Home Fires’ is een meesterlijk uitgewerkte moderne versie van Sophocles’ toneelstuk Antigone. Wie het klassieke verhaal kent zal veel paralellen en verwijzingen herkennen, maar enige voorkennis is totaal niet nodig. Voor degenen die niet thuis zijn in de mythologie is dit een hartverscheurend verhaal dat hun (politieke) overtuigingen op losse schroeven kan zetten of op z’n minst een beter inzicht zal geven in het ‘waarom’ van een groot maatschappelijk probleem.
Dit boek komt ongetwijfeld in mijn top 10 van beste boeken van 2018

Read Full Post »

Ik heb het mijn missie gemaakt om alle boeken te lezen die zijn bekroond met de ‘Women’s Prize for Fiction‘, dus toen ik ‘A girl is a half-formed thing’ ‘tegenkwam’ op Bookdepository, heb ik het besteld. Groot was mijn verrassing toen ik zag hoe dun het was: slechts 203 pagina’s. Blijkbaar heeft het idee dat dikkere boeken beter zijn bij mij ook post gevat.
Toen ik begon met lezen was ik echter maar wát blij dat het bekroonde werk gering van omvang was… Het boek is één lange gedachtenstoom (of: stream of consciousness) die begint als de ik-persoon nog maar een dreumes is en doorgaat tot het laatste hoofdstuk waarin ze een jaar of 20 is. Gelukkig is de novelle wel ingedeeld in hoofdstukken en worden de gedachten iets meer uitgesponnen naarmate het personage ouder wordt, toch voelt het lezen van deze roman als het lezen van een lang gedicht.
Een gedicht dat bij vlagen mooi van vorm, maar rauw en lelijk van inhoud is.
De hoofdpersoon is de jongere zus van een broer die op zeer jonge leeftijd een hersentumor heeft gehad en als gevolg daarvan intellectueel beperkt is. Hun moeder is streng gelovig en gelooft in lijfstraffen. De vader is overleden.
De ziekte van de zoon drukt zwaar op het gezin. Een, zoals ik tussen de regels door lees, ‘sociaal zwak’ gezin, waarin de dochter ten prooi valt aan een ouder familielid en uiteindelijk verdrinkt in verdriet.
Een bijzondere novelle in een geheel eigen stijl die niet iedereen zal bevallen. Als je The Luminaries een ingewikkeld boek vond, dan raad ik je niet aan je hier aan te wagen. In dat geval kun je beter The Power van Naomi Alderman gaan lezen.

Read Full Post »