Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘historische roman’

Zolang we collectief in lockdown zitten komt er weinig van reizen. Dan is het fijn dat het boeken zijn als ‘De verborgen apotheek’ van Sarah Penner, zij weet namelijk twee manieren van reizen met elkaar te combineren: reizen over de aardbol en in de tijd.
Er was eens, in het Londen van het einde van de 18e eeuw, een apotheek, verstopt in een steegje. De argeloze bezoeker zou kunnen denken dat de winkel al jaren geleden in ongebruik is geraakt, maar achter de bestofte kastenwand houdt zich een gifmengster schuil. Deze vrouw geeft vrouwen op verzoek poeders en tincturen mee die hen zullen verlossen van de mannen in hun leven. Elk vergif is maatwerk, speciaal samengesteld voor de man die het naar de andere wereld zal helpen.
Er is nu, in Londen een teleurgestelde vrouw uit de Verenigde Staten die in haar eentje de reis maakt die bedoeld was om haar tienjarig huwelijk te vieren. Caroline’s man bleek een verhouding te hebben met zijn collega, reden voor Caroline om letterlijk en figuurlijk afstand te nemen en de balans van haar leven op te maken. Is ze zelf eigenlijk wel zo tevreden of heeft ze de afgelopen jaren keuzes gemaakt op basis van wat hìj wilde?
Eenmaal aangekomen op wat haar droombestemming had moeten zijn, Londen, weet Caroline niet zo goed wat ze moet gaan doen. Alle attracties die ze van tevoren had opgeschreven in haar notitieboek trekken haar niet. Op uitnodiging van een vreemde besluit ze mee te gaan op een jutterstocht langs de Thames.
Tijdens deze tocht vindt ze een klein glazen flesje in de rivierbedding. Een vondst die haar op het spoor zet van een beruchte gifmengster uit de rijke Londense geschiedenis.

Het lezen van een onbekend woord is één van de geneugten van de boekenworm, maar het woord ‘fiool’ geeft mijn hersenen eerst het signaal af ‘dat moet met een v worden geschreven’ voordat de informatie ‘dat is een vertaling van het Engelse woord vial‘ doorkomt. En als dat woord zo’n beetje in elk hoofdstuk meerdere malen voorkomt is dat wat vermoeiend. Bovendien is het een nogal ongebruikelijk woord, als vertaler zou ik zelf hebben gekozen voor flacon, ampul, stopflesje of zelfs reageerbuisje. Of hebben afgewisseld tussen alle opties.
Verder is ‘De verborgen apotheek’ een toegankelijke historische roman, ideaal voor iedereen die wel even op reis zou willen maar de bank niet af kan. Of bewaar ‘m voor de vakantie, als er ooit weer zoiets komt.

Read Full Post »

Voor liefhebbers van historische romans van eigen bodem zal het omslag van ‘De erfenis van Mozart’ er vertrouwd uitzien: de boeken van Simone van der Vlugt (De lege stad, Nachtblauw) hebben een soortgelijke, aantrekkelijke, vormgeving.
Slim van de uitgever, en liefhebbers van het werk van Van der Vlugt zullen aan ‘De erfenis van Mozart’ ook een soepel leesbare roman hebben die hen ruim 400 bladzijden lang onderdompelt in een andere tijd. Verwacht alleen niet de spanning die van der Vlugt in haar romans weet te stoppen. ‘De erfenis van Mozart’ kabbelt een beetje voort en het eerste deel deed wel erg denken aan het verhaal van Assepoester: hoofdpersoon Constanze is de voetveeg van haar moeder en draait voor een groot deel van de huishoudelijke taken op terwijl haar zus als een prinses wordt behandeld.
Constanze Weber groeit op in een muzikale familie met drie zussen. Haar vader neemt op een dag het jonge muzikale talent Wolfgang Mozart mee naar huis, die vervolgens niet bij de familie weg te slaan is, voornamelijk vanwege Constanze’s zus Luise.
Als zij hem afwijst denkt Constanze dat ze die jongensachtige, vrolijke Mozart die altijd grapjes met haar maakt, nooit meer te zien. Maar dan komt ze hem in Wenen toch weer tegen…

De bedillerige moeder van Constanze en haar obsessie met het ‘onder de pannen brengen’ van haar dochters, deed me met regelmaat denken aan een typetje dat uit de pen van Jane Austen was ontsproten, maar Constanze zelf was sympathiek en intelligent, alleen wat weinig mondig. Verwacht van ‘De erfenis van Mozart’ geen page turner maar eerder een geromantiseerde rehabilitatie van een vrouw die door menig biograaf onsympathiek en dom is afgeschilderd. Een aanrader voor echte geschiedenisliefhebbers en iedereen die vindt dat de geschiedenis wel wat meer aandacht aan vrouwen mag besteden.

Read Full Post »

Ik krijg steeds vaker het idee dat we in een spoiler-samenleving leven: filmtrailers laten een soort samenvatting van de gehele film zien- en kijk ik dus maar zelden- en de achterflap van een boek mijd ik tegenwoordig als de pest. Ik ben blij dat ik dat bij de roman ‘De meid’ van Marlies Allewijn ook gedaan heb en zou iedereen willen adviseren hetzelfde te doen.
Ga zitten, op de bank of in je favoriete stoel, kijk even naar het mooie omslag, weersta de verleiding om het boek om te draaien en de achterkant te lezen, sla het open en laat de auteur langzaamaan de tikken uitdelen.
‘De meid’ vertelt het verhaal van Neeltje Lokerse die in 1868 werd geboren in Yerseke in een gezin dat werd getekend door verlies. Neeltje verloor niet alleen een broertje en een zusje, ook haar vader overleed toen ze nog jong was. Neeltje kon goed leren maar ging al jong ‘in betrekking’ als dienstmeisje. Eerst in Zeeland, maar later in ‘Holland’ (een verzamelnaam voor wat we nu ‘de Randstad’ zouden noemen) waar dienstbodes in Zeeuwse klederdracht erg in trek zijn.
Het beroep van dienstbode is niet zonder gevaar: jonge vrouwen zijn overgeleverd aan de grillen van hun ‘mevrouw’, en, erger nog, hun ‘mijnheer’ of de zoon des huizes.
Zodra de reputatie van zo’n jonge vrouw is geschonden, bijvoorbeeld door een ongewenste zwangerschap, staat ze op straat. En waar kan ze dan nog naartoe? Een ander gezin zal haar niet meer opnemen en dan is er eigenlijk nog maar één beroep dat ze kan uitoefenen.
Door één van haar mevrouwen wordt Neeltje meegenomen naar een bijeenkomst waar een activiste uit gegoede kring spreekt over de gevaren waar een dienstmeisje aan kan worden blootgesteld en wat daaraan gedaan kan worden (haar oplossing: een verbod op prostitutie). Neeltje zit zich in stilte op te vreten en realiseert zich dat zij zélf de aangewezen persoon is om vrouwen in die positie te helpen. Door naar hen te luisteren en hun verhalen op te schrijven.

Deze fact-based-fiction-roman is een aanrader voor iedereen die graag de historische romans van Simone van der Vlugt leest of wie graag méér wil weten over één van de 1001 vrouwen uit de bundel van Els Kloek (ja, daar staat ze in, nummer 813, maar: spoilers! Wel leuk: daar kun je een foto van haar zien in klederdracht). De roman is opgebouwd uit korte, zeer toegankelijke hoofdstukken die brieven, gesprekken en flashbacks bevatten (die laatste zijn niet altijd even gemakkelijk herkenbaar).
Ik hoop van harte dat Marlies Allewijn nog meer historische vrouwen aan de vergetelheid zal onttrekken want met ‘De meid’ heeft ze bewezen iets te vertellen te hebben (net als Neeltje Lokerse).

Read Full Post »

Sinds een aantal weken heb ik een nieuwe Netflix-verslaving: Reign. Vriendin S. omschreef het als een soort auto-ongeluk ‘het is verschrikkelijk maar je kunt niet stoppen met kijken’.  Nu heb ik daar met ongelukken niet zo’n last van, van niet kunnen stoppen met kijken (ik begin gewoon niet), maar ik kan niet meer zonder Reign.
De serie speelt zich af aan het hof van de Franse koning Henry II (*1519-1559) en zijn echtgenote Catherine de Medici (inderdaad een lid van de invloedrijke Italiaanse familie). Zijn grote liefde was echter zijn maîtresse Diane de Poitiers, die 20 jaar ouder was dan hij. In de serie is ze echter van dezelfde leeftijd als de acteur die Henry II speelt en slechts drie jaar ouder dan de acteur die hun zoon speelt (?!?), maar goed, die de opmerking van vriendin S. Je blijft kijken.
Toen ik op een website las dat er een roman was over Diane en Henry werd ik gelijk nieuwsgierig (niet in de laatste plaats omdat hun zoon mijn favoriete personage uit de serie is).
Diane de Poitiers blijkt namelijk een bijzonder invloedrijke vrouw te zijn geweest. Niet alleen voor Henry, die zonder moeder opgroeide en al vanaf zijn tienerjaren van haar hield, als van een moeder, dachten velen, maar dat bleek anders te liggen, maar ook aan het hof. Gedurende de 25 jaar dat Henry II aan de macht was, was Diane de Poitiers de machtigste vrouw van Frankrijk. Vele officiële documenten uit zijn regeerperiode zijn opgesteld en mede-ondertekend door Diane die beschikte over een scherp intellect en politiek inzicht.
Als het verhaal begint is Francois I nog aan de macht, een koning die hield van dansen en het vieren van feesten terwijl zijn favoriete Anne d’Heilly zo’n beetje het hele hof tegen elkaar (en vooral tegen Diane, die ze als een grote bedreiging zag) opzette. Een aflevering Reign is er niets bij.
De opbloeiende liefde tussen twee mensen die zich geen van beiden thuis voelen in de slangenkuil wordt mooi beschreven door de auteur die een voornaam deelt met haar hoofdpersoon.  ‘Courtesan’ is een absolute aanrader voor liefhebbers van de romans van Philippa Gregory en van de serie Reign. En ik heb vanaf nu een bezoek aan chateau d’Anet, het paleis dat Henry voor zijn geliefde heeft restaureren, op mijn emmer-lijst staan! 

Read Full Post »

Een volgend boek in een geliefde serie lezen is voor mij altijd een beetje als het aantrekken van je lievelingslaarzen nadat je ze een zomerseizoen niet hebt aangehad: het voelt gelijk lekker. Dat was ook zo met het vierde deel in de cousin’s wars-serie van Philippa Gregory (na 1800 werd deze tijdsperiode ook bekend als The Wars of the Roses) na De Rozenkoningin (in het Nederlands, verkrijgbaar in dwarsligger-formaat) the Red Queen en the lady of rivers (die chronologisch vóór het eerste deel komt) was nu The Kingmaker’s daughter aan de beurt.
Net als in de vorige delen heeft ook The Kingmaker’s daughter een vrouwelijke hoofdpersoon (wat de titel natuurlijk al doet vermoeden) die meer is dan een willoze pion van een ambitieuze vader of echtgenoot. Hoewel ze wel zo wordt opgevoed: vader (the Earl of Warwick) wil een kleinkind van hem op de troon van Engeland zien en aangezien hij slechts twee dochters heeft en geen zonen zal één van hen (Isabel of Anne) koningin van Engeland moeten worden. Zijn bijnaam the Kingmaker dankt hij aan het feit dat hij het brein was achter het afzetten van de Lancaster koning Henry met als doel Edward IV van the house of York (echtgenote van de hoofdpersoon uit ‘De Rozenkoningin/The White queen’) op de troon te zetten. Later doet hij de truc ook nog eens andersom overigens.
Na een eerste, door haar vader gearrangeerd huwelijk kiest hoofdpersoon Anne, die min of meer de gevangene is van haar zus en zwager, voor de ware liefde. Voor een man die, zoals dat in ridderverhalen wel maar in het echte leven zelden gaat, tegen haar zegt ‘Let my be your champion and fight for your cause, my lady.’
Philippa Gregory heeft met dit deel niet alleen weer een heerlijke historische roman geschreven maar ook iets heel bijzonders voor elkaar gekregen: de hoofdpersonen van dit deel zijn de vijanden van de hoofdpersonen van de eerdere delen. En net zoals je als lezer sympathie hebt voor Elizabeth Woodville als je the White Queen leest, heb je dat nu met Anne, die doodsbang is voor haar en haar vermeende magie. Door het veranderde perspectief staan gebeurtenissen nu ineens in een ander daglicht en zijn personages die eerst heel laf leken (prince George bijvoorbeeld) nu ineens veel sympathieker. Zoals de auteur zelf in een nawoord schrijft: ‘Part of the joy of writing this series based on rivalsand enimies is turning the page upside down (as it were) and seeking a totally different picture. As an historian the known facts looked very different when I changed the viewpoint from my favourite, Elizabeth Woodville, to my new heroine, Anne Neville.’
En dat heeft ze fantastisch goed gedaan. Deze serie is van harte aan te bevelen voor geschiedenisfreaks en ook voor fans van Game of Thrones die in deze verhalen heel veel parallellen zullen ontdekken. In dit deel bijvoorbeeld: we were living as kings in the northIMG_20160716_163955

Read Full Post »

Ben je een zeventiende-eeuwer en kennen we je nog steeds, mede dankzij kinderliedjes? Grote kans dat je een zeeheld was. Nu ben ik dol op de zeventiende eeuw en hou ik wel van een beetje spanning, sensatie en kanongebulder, dus ik kon ‘Michiel de Ruyter’ niet laten liggen (wederom bedankt, Sabien van Staal Haarlem) ook al vind ik het hele fenomeen ‘het boek van de film’ vrij stom. Dat boeken worden verfilmd vind ik vrij logisch maar dat sommige films worden ‘verboekt’, daar moet ik nog wat aan wennen.
Zodra ik begin te lezen is dat echter snel vergeten; hier is iemand aan het woord die gewend is filmscripts te schrijven en hij neemt mij aan het handje mee terug de tijd in, heerlijk. Ze komen allemaal weer tot leven, zeehelden Tromp en De Ruyter en de staatslieden De Witt. ‘Michien de Ruyter’ is een heerlijk weglezende geschiedenisles met een einde ‘right in the feels’ , zoals broertje zou zeggen. Door de vlotte schrijfstijl zou ik het boek zeker ook aanraden aan jongeren met een interesse in geschiedenis en aan liefhebbers van de historische romans van Simone van der Vlugt, ‘Michiel de Ruyter’ is net zo toegankelijk. En dat is wel zo passend voor een roman over een ‘man van het volk’ die een volksheld werd.
En zo her en der vind je er een levensles in die we in deze tijd soms vergeten lijken te zijn: ‘We kunnen onze vrijheid alleen beschermen als we ook willen vechten voor die van een ander’, herinnert Johan de Witt ons.20160105_120801
Direct nadat ik het boek uit had heb ik de film gekeken, die is net zo onderhoudend (met hier en daar pijnlijke momenten, we weten allemaal hoe het met de heren de Witt is afgelopen…) en toegankelijk en de zeeslagen zijn prachtig in beeld gebracht maar toch moet ik zeggen dat het boek beter is: de verhalen van de vrouwelijke personages zijn in de roman beter uitgewerkt waardoor het verhaal meer diepgang krijgt. Dus, vond je de film mooi? Lees dan ook het boek!

Read Full Post »

Collega Petra schreef ooit eens in een blogpost dat ze, toen ze net bevallen was van een zoon en een heel vreemde kraamhulp had, op het idee kwam om een thriller te schrijven over een enge kraamhulp. Helaas heeft ze het verhaal nooit afgemaakt want wat schetste haar verbazing: onlangs kwam Esther Verhoef met een nieuwe thriller met de titel ‘De Kraamhulp’.
Wat ze precies dacht of zei toen ze dat zag weet ik niet maar ik kan me wel goed indenken wat ze op dat moment voelde. Toen ik in de geschiedenis van mijn stad dook voor het schrijven van ‘De canon van Haarlem’ kwam ik namelijk een aantal illustere oud-inwoners tegen en aangezien ik altijd al historische romans heb willen schrijven kreeg één van hen steeds meer gestalte in mijn hoofd. Over háár wilde ik schrijven. En toen las ik het bericht dat Tessa de Loo dat al ging doen. Shit.
Het boek is gebaseerd op de film die dit jaar in première ging (en die ik nog steeds niet gezien heb) en is daarmee dus al anders dan de opzet die ik in mijn hoofd had. Zelf zou ik een verhaal hebben willen schrijven dat op historische feiten gebaseerd was, of in ieder geval op alles wat er over Kenau bekend is. en dat is, voor iemand die zo lang geleden leefde best nog een boel. Het houdt namelijk niet op na het beleg van Haarlem: ze werkte ook nog als waagmeester in Arnemuiden en schijnt te zijn vermoord door zeerovers in de buurt van Noorwegen.  Kenau
Dat alles is dus níet te lezen in ‘Kenau’ en misschien heeft De Loo daar juist wel goed aan gedaan: het is geen kroniek over een veelbewogen vrouwenleven geworden zoals ‘The signature of all things‘ maar een toegankelijke avonturenroman. En daarmee bereikt ze ongetwijfeld een veel groter publiek. Want hoewel geschiedeniskenners zullen gruwelen van de verzonnen aantrekkingskracht tussen Ripperda en ‘vrouw Hasselaar’ (in sommige scènes beginnen ze verdacht veel te lijken op dat rare beeld op het Stationsplein) is ‘Kenau’ en fijne historische roman en een aanrader voor de liefhebbers van die van Simone van der Vlugt. Bovendien illustreert het ook nog eens waarom Haarlemmers het niet pikken als hun stad wordt gezien als een soort achtertuin van Amsterdam (die klootzakken hebben ons verraden).
Op Goodreads las ik in een beoordeling dat iemand het ‘een beetje té feministisch’ vond, nu is er in mijn woordenboek no such thing, maar ik ben met haar eens dat er wel erg de nadruk lag op het ‘ja maar u bent een vrouw-ja maar ik doe het toch’-conflict. Het lijkt mij namelijk niet erg aannemelijk. Als stad in oorlog sla je geen hulp af en zeker niet als die komt van een invloedrijke dochter van een voormalig burgemeester. Bovendien hadden er al vrouwen op de muren van de stad gestaan toen deze werd belegerd door Jacoba van Beieren dus zo ongebruikelijk was het niet. Of zou de Groningse Ripperda dat niet hebben geweten?
Mocht je dat zelf ook allemaal niet weten en gewoon een spannend historisch boek willen lezen dan is Kenau een aanrader en dat is het ook voor jongeren die graag de jeugdromans van The Beckmann en Simone van der Vlugt lazen en de overstap moeten/willen maken naar literatuur voor volwassenen.

Read Full Post »

Het jaar is 1664, voorjaar, en voor het eerst in meer dan 20 jaar zal er in Amsterdam weer een vrouw ter dood worden gebracht. De zoon van de beroemdste schilder van de stad ziet de terechtstelling en vertelt er zijn vader over. De oude man, nog treurend om de pas overleden vrouw met wie hij ‘in zonde leefde’, zoekt het jonge Deense meisje op op het galgenveld in Volewijck en tekent haar.
De naam van het meisje luidt Elsje Christiaens, de naam van de schilder wordt nergens genoemd maar is eenvoudig in te vullen: één van de twee motto’s van het boek is een uitspraak van Vincent van Gogh: Doch die Jodenbruid-wat een oneindig sympathiek schilderij… Het verwijst naar Rembrandt’s meest geliefde schilderij, het dubbelportret waar hij inkopen voor doet op de ochtend van de terechtstelling van het meisje.

De schilder en het meisje

De schilder en het meisje

Het meisje, net 18 jaar oud is ze en nog maar twee weken eerder vanaf Jutland naar Amsterdam gereisd, heeft haar hospita vermoord met een bijl. Het hoe en waarom, en ook de reis die ze maakte worden door AKO-Literatuurprijs-winnares Margriet de Moor mooi beschreven. Ook de liefde van de vader voor de zoon en zijn ontreddering na het overlijden van zijn vrouw (en de zorgzame pleegmoeder van zijn zoon) raken de lezer. Rembrandt was een dwarse lastpak, maar na het lezen van ‘De schilder en het meisje’ wel jóuw lastpak.
‘De schilder en het meisje’ is een mooi opgebouwde, teder verhaal dat zeer in de smaak zal vallen bij liefhebbers van het historische genre en lezers die geïnteresseerd zijn in kunst. Wat voor mij persoonlijk niet had gehoeven zijn de vooruitwijzingen: ik wéét dat zoon Titus niet oud zal worden, daar hoeft de auteur mij niet op te wijzen. en ook het volgende fragment komt op mij wat bevreemdend over: ‘De groep die de eindscène voor zijn rekening had genomen, het meisje, de beul en de knechten, bevroor in een soort acute bewegingloosheid die in films van later eeuwen een still zou worden genoemd’. 
Waarom het woord still gebruiken terwijl een tableau vivant hetzelfde is en bovendien in de tijd van de schilder een heel bekende en populaire manier om in één opstelling (vaak op een kar) een heel verhaal te vertellen. Wellicht wil De moor hiermee aantonen dat kunst vele eeuwen van verandering kan overleven en daarmee tijdlozer is dan al het andere wat de mens kan creëren, maar voor mij had dat dus niet gehoeven.  Maar dat neemt niet weg dat het een roman is die heerlijk wegleest.

Volgende week op literaire woensdag een man, en nog wel een foute.

Read Full Post »