Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘Engels’

Tijdens de essentrics-les op maandagochtend dwalen mijn gedachten meestal af, ze zijn het van me gewend, dus ze laten me meestal maar. Deze week kwamen er Sinterklaasgedicht-zinnen bij me bovendrijven. and het flauwste soort (e beste dus). Wat gedichten schrijven betreft ben ik net mijn moeder: hoe flauwer hoe beter en ik heb er zelf de grootste lol om. Weken van tevoren al.
En dat doet me weer denken aan een van de leukste woorden uit de Nederlandse taal: voorpret. Bijna net zo leuk als binnenpret. En net zo onvertaalbaar.
Menigeen beweert dat het Nederlands niet mooi en poëtisch is, maar probeer voorpret maar eens te vertalen. Ik kan zelf zo snel niets mooiers verzinnen dan ‘the joy of anticipation’. Al snel weer een mond vol die niet zo luchtig en frivool klinkt als voorpret.
En een binnenpretje? Wat is dat dan? ‘An inner giggle’? Dat klinkt toch wel iets dichterbij het gekkenhuis dan gewoon een binnenpretje.
En wat dacht je van jeugdsentiment? Nostalgia klinkt weemoediger dan jeugdsentiment. Wat zou het dan moeten zijn? ‘Memory Bliss’? Dat klinkt wel erg zweverig voor het licht uitgelaten gevoel dat ik krijg bij het zien van een Popple of de begintune van The Flying Doctors.
Misschien moeten we het er maar gewoon op houden dat het Nederlands een aantal hele mooie onvertaalbare woorden in zijn schat heeft.

Advertenties

Read Full Post »

Taalpuristen worden nogal eens gezien als arrogante muggenzifters, en dat zijn we misschien ook wel, maar vaak vind ik taalgebruik van anderen gewoon verwarrend. Zoals laatst. Ik had een doos vol boeken te verloten en ik wilde van potentiële winnaars weten of ze ook Engelstalige boeken lazen. Zo niet, dan zou ik die uit de doos halen en vervangen voor Nederlandstalige boeken.
Sommigen reageerden daarop door te schrijven ‘ik lees geen Engelse boeken’. Dat lijkt een duidelijke zin, maar bij mij zorgde het voor verwarring. Het éne boek in de doos was namelijk geschreven door een New-Zeelandse en het andere door een Amerikaanse met een Franse naam. Ik zou dus geen van beide ‘Engelse boeken’ noemen. Ook weet ik niet of de exemplaren die ik had afkomstig waren van een Engelse uitgeverij. Ze waren wél Engelstalig, dat wel.
En nu zullen de mensen die dat geschreven hebben ongetwijfeld heel diep zuchten en zeggen ‘dat bedóel ik toch…’, maar ze zéggen het niet. En daarom duurt het bij mij best een poosje voordat tot mij doordringt wat ze dan eigenlijk bedoelen.
Inmiddels heb ik in een andere kartonnen doos alweer een aantal boeken verzameld die weggegeven gaan worden. Daar zit tot nu toe nog geen ‘Engelse’ bij, maar wel een Engelstalig boek, geschreven door een Italiaanse auteur, dat ik heb meegenomen uit een ruilbibliotheek op Vlieland. Dus dat is dan meer een Vlie’s boek. Als dat bestaat…. 

Read Full Post »

Toen de echtgenoot en ik laatst gingen eten bij de Bokkedoorns om ons half-jaar-getrouwd te vieren bestelde ik na het dessert een potje White Monkey thee. Die thee heet zo omdat ie wit is (dùh) en de blaadjes een beetje ‘harig’ zijn en de vorm hebben van een apenstaartje. ‘Ah’, dacht ik, dat is een mooi ezelsbruggetje voor het verschil tussen de Engelse woorden ape en monkey.
witte-thee-white-silver-needle-jasmine
In het Nederland hebben we dat verschil niet, wij kennen alleen het woord aap. Op bordjes in dierentuinen zien we nog wel de aanduidingen ‘halfaap’ (zoals ringstaartmaki’s, bij kinderen ook bekend onder de naam I like to move it, move it-aap) of ‘mensapen’ (hieronder vallen onder meer de Bonobo’s, chimpansees, gibbons, Gorilla’s, Orang Oetans en de mensen), maar een apart woord hebben we er niet voor.
Het verschil tussen ape en monkey , en dan kom ik weer bij de thee, zit ‘m in de staart. De monkey heeft een apenstaartje waar hij aan kan hangen (en die dus op theeblaadjes lijkt) en een ape, of mensaap, heeft die niet.
Moet je dus het woord ‘aap’ vertalen in het Engels, bedenk dan even of de aap in kwestie een staart heeft of niet voordat je monkey opschrijft.
Een recent voorbeeld van het gebruik van het woord ape lees je hier. De ‘mevrouw’ die de Firts Lady zo noemde heeft overigens na een korte schorsing gewoon haar baan weer terug. Monkey Business.

Read Full Post »

Nadat ik The Goldfinch had uitgelezen vond ik het een mooi moment om eens aan ‘The Catcher in the Rye’ te beginnen. Niet alleen omdat ik me heb voorgenomen om dit jaar een aantal klassiekers te lezen, maar ook omdat ik ergens het vermoeden had dat er wat overeenkomsten zouden zijn tussen Theo Decker (uit the Goldfinch) en Holden Caufield: New Yorkers, enigszins verloren en zwervend. En al op bladzijde 3 blijkt er nog een overeenkomst te zijn: ze hebben beiden ooit een camel’s-hair coat gehad die ze niet meer kunnen dragen. Die van Theo is weggegooid vanwege de vlekken die er in zaten (nee, ik verklap niet welke, ga het zelf maar lezen) en die van Holden is gestolen, uit zijn kamer op Pency Prep. Een verwijzing van Tartt naar het klassieke werk van ‘de grote meester’? Heel goed mogelijk. Maar als ik beide boeken met elkaar vergelijk dan komt Tartt toch als de échte meester uit de bus.
Misschien komt het omdat ik geen 16 meer ben (dat schijnt dé leeftijd te zijn waarop je ‘The Catcher in the Rye’ moet lezen), of omdat het voor het eerst in 1945 verscheen, maar ik kan niet zeggen dat ik het een meesterwerk vond. Tartt weet de lezer beter te bespelen, te betrekken bij het leven van de hoofdpersoon. Het kan je schélen wat er met Theo gebeurt. Holden begon me een beetje te irriteren. Dat kan ook komen door het taalgebruik, and all. Bijna elke zin sluit namelijk af met, and all. And that got on my nerves and all. En geld wordt steevast dough genoemd. Volgens mij is in het hele boek het woord money niet te vinden, terwijl Caufield het er wel vaak over heeft, maar dan noemt hij het dus dough. And all.catcher
De enige keren waarop Salinger me echt weet te raken met zijn verhaal is als Holden terugdenkt aan zijn overleden broertje Allie. Als hij voor een schoolopdracht (die hij voor een ander maakt) schrijft over Allie’s baseball mitt waar gedichten op geschreven staan. In groene inkt. Zodat hij iets te lezen had als hij in het veld stond en niets te doen had. Salinger laat zijn hoofdpersoon op een niet-sentimentele manier praten over de dood, een manier die me aanspreekt. Dus van alle quotes uit ‘The Catcher in the Rye’ die je regelmatig tegenkomt, zal dit mijn favoriet blijven: I know he’s dead! Don’t you think I know that? I can still like him, though, can’t I? Just because somebody’s dead, you don’t just stop liking them, for God’s sake.’
Ondanks dat het een klein en dun boekje is (wel met hele kleine lettertjes) zou ik een 16-jarige niet zo aanraden om ‘The Catcher in the Rye’ te gaan lezen, ik heb er best een poosje over gedaan om er doorheen te komen. ‘The wild things’ van Dave Eggers zou eerder mijn advies zijn, dat heb ik namelijk in twee dagen uitgelezen.

Volgende week een gastblog over The Circle van diezelfde Dave Eggers.

Read Full Post »