Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘bookface’

Collega Petra schreef ooit eens in een blogpost dat ze, toen ze net bevallen was van een zoon en een heel vreemde kraamhulp had, op het idee kwam om een thriller te schrijven over een enge kraamhulp. Helaas heeft ze het verhaal nooit afgemaakt want wat schetste haar verbazing: onlangs kwam Esther Verhoef met een nieuwe thriller met de titel ‘De Kraamhulp’.
Wat ze precies dacht of zei toen ze dat zag weet ik niet maar ik kan me wel goed indenken wat ze op dat moment voelde. Toen ik in de geschiedenis van mijn stad dook voor het schrijven van ‘De canon van Haarlem’ kwam ik namelijk een aantal illustere oud-inwoners tegen en aangezien ik altijd al historische romans heb willen schrijven kreeg één van hen steeds meer gestalte in mijn hoofd. Over háár wilde ik schrijven. En toen las ik het bericht dat Tessa de Loo dat al ging doen. Shit.
Het boek is gebaseerd op de film die dit jaar in première ging (en die ik nog steeds niet gezien heb) en is daarmee dus al anders dan de opzet die ik in mijn hoofd had. Zelf zou ik een verhaal hebben willen schrijven dat op historische feiten gebaseerd was, of in ieder geval op alles wat er over Kenau bekend is. en dat is, voor iemand die zo lang geleden leefde best nog een boel. Het houdt namelijk niet op na het beleg van Haarlem: ze werkte ook nog als waagmeester in Arnemuiden en schijnt te zijn vermoord door zeerovers in de buurt van Noorwegen.  Kenau
Dat alles is dus níet te lezen in ‘Kenau’ en misschien heeft De Loo daar juist wel goed aan gedaan: het is geen kroniek over een veelbewogen vrouwenleven geworden zoals ‘The signature of all things‘ maar een toegankelijke avonturenroman. En daarmee bereikt ze ongetwijfeld een veel groter publiek. Want hoewel geschiedeniskenners zullen gruwelen van de verzonnen aantrekkingskracht tussen Ripperda en ‘vrouw Hasselaar’ (in sommige scènes beginnen ze verdacht veel te lijken op dat rare beeld op het Stationsplein) is ‘Kenau’ en fijne historische roman en een aanrader voor de liefhebbers van die van Simone van der Vlugt. Bovendien illustreert het ook nog eens waarom Haarlemmers het niet pikken als hun stad wordt gezien als een soort achtertuin van Amsterdam (die klootzakken hebben ons verraden).
Op Goodreads las ik in een beoordeling dat iemand het ‘een beetje té feministisch’ vond, nu is er in mijn woordenboek no such thing, maar ik ben met haar eens dat er wel erg de nadruk lag op het ‘ja maar u bent een vrouw-ja maar ik doe het toch’-conflict. Het lijkt mij namelijk niet erg aannemelijk. Als stad in oorlog sla je geen hulp af en zeker niet als die komt van een invloedrijke dochter van een voormalig burgemeester. Bovendien hadden er al vrouwen op de muren van de stad gestaan toen deze werd belegerd door Jacoba van Beieren dus zo ongebruikelijk was het niet. Of zou de Groningse Ripperda dat niet hebben geweten?
Mocht je dat zelf ook allemaal niet weten en gewoon een spannend historisch boek willen lezen dan is Kenau een aanrader en dat is het ook voor jongeren die graag de jeugdromans van The Beckmann en Simone van der Vlugt lazen en de overstap moeten/willen maken naar literatuur voor volwassenen.

Read Full Post »

Het jaar is 1664, voorjaar, en voor het eerst in meer dan 20 jaar zal er in Amsterdam weer een vrouw ter dood worden gebracht. De zoon van de beroemdste schilder van de stad ziet de terechtstelling en vertelt er zijn vader over. De oude man, nog treurend om de pas overleden vrouw met wie hij ‘in zonde leefde’, zoekt het jonge Deense meisje op op het galgenveld in Volewijck en tekent haar.
De naam van het meisje luidt Elsje Christiaens, de naam van de schilder wordt nergens genoemd maar is eenvoudig in te vullen: één van de twee motto’s van het boek is een uitspraak van Vincent van Gogh: Doch die Jodenbruid-wat een oneindig sympathiek schilderij… Het verwijst naar Rembrandt’s meest geliefde schilderij, het dubbelportret waar hij inkopen voor doet op de ochtend van de terechtstelling van het meisje.

De schilder en het meisje

De schilder en het meisje

Het meisje, net 18 jaar oud is ze en nog maar twee weken eerder vanaf Jutland naar Amsterdam gereisd, heeft haar hospita vermoord met een bijl. Het hoe en waarom, en ook de reis die ze maakte worden door AKO-Literatuurprijs-winnares Margriet de Moor mooi beschreven. Ook de liefde van de vader voor de zoon en zijn ontreddering na het overlijden van zijn vrouw (en de zorgzame pleegmoeder van zijn zoon) raken de lezer. Rembrandt was een dwarse lastpak, maar na het lezen van ‘De schilder en het meisje’ wel jóuw lastpak.
‘De schilder en het meisje’ is een mooi opgebouwde, teder verhaal dat zeer in de smaak zal vallen bij liefhebbers van het historische genre en lezers die geïnteresseerd zijn in kunst. Wat voor mij persoonlijk niet had gehoeven zijn de vooruitwijzingen: ik wéét dat zoon Titus niet oud zal worden, daar hoeft de auteur mij niet op te wijzen. en ook het volgende fragment komt op mij wat bevreemdend over: ‘De groep die de eindscène voor zijn rekening had genomen, het meisje, de beul en de knechten, bevroor in een soort acute bewegingloosheid die in films van later eeuwen een still zou worden genoemd’. 
Waarom het woord still gebruiken terwijl een tableau vivant hetzelfde is en bovendien in de tijd van de schilder een heel bekende en populaire manier om in één opstelling (vaak op een kar) een heel verhaal te vertellen. Wellicht wil De moor hiermee aantonen dat kunst vele eeuwen van verandering kan overleven en daarmee tijdlozer is dan al het andere wat de mens kan creëren, maar voor mij had dat dus niet gehoeven.  Maar dat neemt niet weg dat het een roman is die heerlijk wegleest.

Volgende week op literaire woensdag een man, en nog wel een foute.

Read Full Post »