Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘Apserger’

Van ’t weekend zei de mijnheer hier in huis ‘Ik wil dinsdag even met een vriend uit eten, kan dat?’
Ja, dat kon. Het leek wel zo’n rijvaardigheids-theorie-vraag want het kon op het nippertje, een dag later werd van hogerhand de horeca gesloten. Maar dat was natuurlijk niet de reden dat hij het vroeg, de vraag was ‘schikt het en vind je het ok als ik weg ben?’
En ook daarop was de vraag ‘ja’. Een aantal jaar geleden zou ik nog de drang hebben gevoeld om die avond ook per sè ‘iets’ te moeten doen. Ook uit eten met iemand. Of naar de film. Om te bewijzen, al was het maar voor mezelf, dat ik ook heus een sociaal leven heb.
Maar sinds ik sinds maart van dit jaar niet meer dagenlang ‘alleen’ (met hond) thuis zit vind ik het veel minder erg om ’s avonds wel alleen te zijn. Mijn ‘sociaal’ is al behoorlijk gevuld met dagelijks samen met de mijnheer die boven werkt lunchen.
Het is niet dat ik helemaal geen behoefte heb aan contact met andere mensen, toen de scholen nog gesloten waren had ik wekelijks via videobellen contact met een vriendin en las ik haar kinderen voor. En een paar weken geleden ben ik bij hen op bezoek geweest.
En mijn avond alleen ben ik begonnen met het schrijven van een lange brief aan een vriendin (tja, ze vroeg om leestips dus dan vraag je gewoon om 3 vellen A4…). Ik ben heel sociaal, op afstand.
De rest van de avond bestond uit het kijken van The Daily Show met de hond op schoot, alle vegan sushi in m’n eentje opeten en de laatste drie hoofdstukken van een boek ongestoord in één keer uitlezen.
Morgen weer lunchen met de mijnheer die hier ook woont.

Read Full Post »

Omdat ik niet van verrassingen houd had vriend mij verrast zónder het van tevoren aan te kondigen (dat werkt stukken beter) en kwam thuis met de blueray-box van ‘Bron/Broen/the Bridge’ seizoen 2. Dus zitten wij dagelijks te kijken naar die fijne serie die zich in Malmo en Kopenhagen afspeelt; een feest der herkenning. Voor vriend houdt het feest der herkenning niet op bij de locatie. Regelmatig hoor ik hem gniffelen en zegt hij ‘Dat ben jij!’. Nu deel ik met de Deense acteur die de gezellige babbelkous Martin speelt een voornaam, maar het is toch echt de Zweedse rechercheur die in beeld is als hij dat zegt. Juist ja, die met Asperger.
Het meest memorabele moment van het vorige seizoen was de scène waarin ze mee-at bij Martin en zijn vrouw en haar na het eten werd gevraagd of ze het recept wilde hebben: ‘Nee, want het was niet lekker’, was het antwoord.
Ik kan dus ook niet liegen. En al haal ik mijn kennis omtrent relaties niet púúr uit boeken ( Saga is gaan samenwonen en heeft boeken uit de bibliotheek gehaald over hoe dat moet), ik vind het soms best lastig om met mensen om te gaan. Om ze te snappen en om in te zien wat ze van mij willen. Zo hebben wij hier thuis en terugkerend fenomeen wat ik ‘de vraag achter de vraag’ noem. Geliefde stelt mij een vraag en ik wéét dat hij met die vraag eigenlijk iets anders bedoelt. Tenminste, dat weet ik nú; vroeger gaf ik hem gewoon het letterlijke antwoord op zijn vraag en kreeg een diepe zucht als antwoord. Tegenwoordig voel ik vaak wel aan dat er een vraag achter zijn vraag zit maar weet ik niet welke dat dan is.
Er zijn talloze voorbeelden waarvan me er op het moment slechts eentje te binnen wil schieten. Vriend ziet een foto voorbij komen op mijn screensaver (voor de mensen die mij ook op Facebook volgen: ja, de beruchte screensaver) en vraagt ‘Wie is dat?’
Ik, blij dat dit een duidelijke vraag is waarop ik een duidelijk antwoord kan geven: ‘Pedro Pascal’.Still-2-576x335
Vriend: ‘Maar wie is dat dan?’
Ik, aanvoelend dat dit misschien niet is wat hij wil, wijs naar het scherm en zeg licht aarzelend: ‘Nou…., dat.’
Toen zei vriend woorden die hij van de Here Jezus niet zeggen mag. En al helemaal niet hardop.
Het verschil tussen mij en Saga is dat ik ‘blokkeer’ als ik niet weet wat er van me verwacht wordt. Zoals wanneer vrouwen van een jaar of 60 een wandelwagen naar me toe draaien of met een stapel foto’s aan komen zetten en dan zeggen dat is de baby van die en die (vul hier de naam in van hun zoon of dochter die bij me in de klas of op tennisles heeft gezeten) en ik weet niet hoe ik moet reageren. Ik weet wel hoe ik níet moet reageren; vooral niet zeggen ‘dat interesseert me geen reet’, want dat is niet aardig.
Saga lost het zo op: als ze denkt dat iemand een grapje maakt dan lacht ze geforceerd waarna iedereen zich ongemakkelijk voelt. ‘Het was toch een grapje?’, vraagt ze dan aan collega Martin. Als die dan bevestigend antwoordt zegt ze ‘dan is het toch beleefd om te lachen?’ Dus zeg ik tegen de blije oma’s maar zoiets als ‘goh, gefeliciteerd’. Maar blijkbaar is het net zo gemaakt als de lach van Saga want de foto’s van het tweede kleinkind van de buurvrouw zijn me al bespaard.

 

Read Full Post »