Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘12 years a slave’

Naomi Alderman is naar mijn mening één van de beste auteurs van dit moment. Dus toen ze tijdens een interview een aantal namen noemde van auteurs die haar geïnspireerd hebben, heb ik die ergens op een verlanglijstje genoteerd gelijk aangeschaft.
De eerste naam uit het lijstje was die van Octavia E. Butler (1947-2006), auteur van science-fiction romans en winnaar van diverse awards en de MacArthur Fellowship Genius Grant. Ik moet eerlijk toegeven dat ik nog nooit van haar had gehoord, maar na het lezen van ‘Kindred’ zal ik haar nooit meer vergeten. Als ik de roman samen zou moeten vatten zonder spoilers te geven zou ik zeggen: een mengelmoes van ‘Outlander’ en ‘Twelve years a slave’ met de ‘kruipt onder je huid-schrijfstijl’ van ‘The handmaid’s tale’.

Het verhaal speelt zich af in 1976 (de roman kwam voor het eerst uit in 1979), de Afro-Amerikaanse Dana gaat samenwonen met haar vriend. Op het moment dat ze samen hun boekenkasten inrichten (beiden zijn auteur) voelt ze zich duizelig worden en voordat ze weet wat er precies gaande is ziet ze een kind verdrinken in een meer. Zonder verder na te denken haalt ze het kind uit het water en eenmaal op de kant past ze mond-op-mond-beademing op hem toe.
Zodra ze opkijkt ziet ze de loop van een geweer dat op haar gericht is en de man die het vasthoudt schreeuwt het n-woord naar haar.
Het volgende moment ligt ze, gekleed in drijfnatte kleren op de vloer van haar huis waar ze in eerste instantie haar eigen man niet herkent.
Niet veel later gebeurt het weer: Dana is weg uit haar eigen omgeving en terug bij de jongen, die nu enkele jaren ouder is. Dana komt tot de ontdekking dat de wereld van de jongen een hele andere is dan de hare: hij leeft in het eerste kwart van de 19e eeuw.
‘Nineteen seventy-six’, said the boy slowly. He shook his head and closed his eyes. I wondered why I had bothered to try to convince him. After all, how accepting would I be if I met a man who claimed to be from eighteen nineteen-or two thousand nineteen, for that matter.’

Ik ben benieuwd wat de auteur zou hebben gezegd als ze zou weten dat haar boek in 2019 nog gelezen zou worden en het nog niets aan actualiteit zou hebben ingeboet. Over het algemeen blijven dikkere boeken me beter bij omdat ik langer over het lezen heb gedaan en het idee heb dat ik de karakters beter ken, maar Octavia Butler slaat daar moeiteloos in met een niet-zo-heel-dik boek. Ongetwijfeld één van de beste boeken die ik dit jaar heb gelezen.
Oh ja, lees vooral het voorwoord niet, dat zit vol met spoilers.

Read Full Post »

Ik kan me niet herinneren dat er de laatste tijd een boek is geweest dat zoveel stof heeft doen opwaaien als ‘Hallo witte mensen’ van Anousha Nzume vorige week. Het zou gehuil zijn en product van een ‘giffabriekje’. Als ik het woord giffabriekje hoor denk ik niet gelijk aan Anousha Nzume, maar degene die het schreef heeft wel vaker moeite met stukken die zijn geschreven door mensen met een kleurtje, dus misschien is zij niet zo representatief voor ‘de lezer’.
Ik ken Anousha Nzume als cabaretier en ooit maakte ze deel uit van een praatprogramma door en voor vrouwen (ik weet nog dat Daphne Bunskoek daar ook in zat) waar behalve ik vrij weinig mensen naar keken. Ook toen al zei ze soms dingen waar ik even over na moest denken en die mijn ogen openden. Zo vertelde ze een keer over de historische achtergrond van het woord ‘neger’ en dat die bijsmaak altijd aan dat woord zal blijven kleven, ook al is het gebruikt op een manier die positief bedoeld is. Ik heb het woord daarna nooit meer gebruikt.
Anousha Nzume kan mijn blik verruimen, zoals ze dat ook deed in de Pietendiscussie. Daarom was ik benieuwd naar haar boek, ik vind het namelijk helemaal niet erg om iets bij te leren. Want ook al hebben we hier in huis de Novib-kalender hangen, rol ik wekelijks een yogamatje uit, heb ik een tas met een handje van Fatima erop, kijken we naar tv-series die geproduceerd zijn door Oprah Winfrey (Greenleaf en Queen Sugar) en staan in de boekenkast werken van Maya Angelou , Zadie Smith en Colson Whitehead, toch zijn we wit. Als we op straat lopen, een tijdschrift openslaan of televisiekijken lijken de meeste mensen die we zien op ons. Behalve dus bij die series van Oprah, maar dat zijn uitzonderingen. In de meeste films of tv-series spelen mensen met een niet-witte huidskleur ‘zwakke, ondersteunende karakters’. En dan schrijft ze er nog niet eens bij dat ze vaak ook nog als eerste dood gaan (ja, daar is onderzoek naar gedaan). Ik weet niet hoe het is om aan de andere kant te staan, om de uitzondering te zijn.
Als kind ervaarde Nzume dan ook een gebrek aan ‘gewone’ gekleurde mensen om zich aan te spiegelen. Ze leek wel op een zangeres, maar dat wilde ze niet. Ze wilde niet lijken op een ‘exotische’ vrouw die zong over New York, daar zag ze zichzelf niet in. Ze wilde ‘gewone’ mensen. Ze is blij dat haar zoon nu met regelmaat Humberto Tan op televisie ziet. Ik hoop van harte dat die rolmodellen meer en meer te zien zullen zijn op televisie, vooral ook omdat de Tweede Kamer sinds de laatste verkiezingen schrikbarend wit is.
Ik kan me voorstellen dat ‘Hallo witte mensen’ voor sommigen confronterend is, en dat bleek ook wel uit de reacties die op het boek kwamen. We houden in Nederland nu eenmaal graag vast aan het beeld dat we hebben van ons vaderland als tolerant, kneuterig en vooruitstrevend. Maar dit beeld klopt niet helemaal: Nederland had een aandeel in de slavenhandel en dat verleden wordt stelselmatig onder het tapijt gemoffeld. Het moet wel ‘gezellig blijven’. Critici die dit boek ‘gezeur’ vonden hebben het naar mijn mening gewoon níet begrepen. De verhoudingen zijn scheef, wit is hier de norm en daar mogen best wat vraagtekens bij worden gesteld. Je kunt dan wel roepen ‘dat heb ik niet gedaan’, maar dat zegt Nzume ook niet, ze zegt alleen dat je er wel iets tégen kan doen. En als wit persoon beweren dat iemand met een andere huidskleur niet moet zeuren vind ik een gotspe. Dat is net zo dom als wanneer een man beweert dat een vrouw niet zo overgevoelig moet zijn als ze een seksistische opmerking niet leuk vind. Hoe zei Atticus Finch het ook alweer in  To kill a mockingbird?You never really understand a person until you consider things from his point of view … until you climb into his skin and walk around in it.”
Misschien zijn sommige mensen nog niet toe aan ‘Hallo witte mensen’, ik zou hen adviseren eerst bovenstaande klassieker te lezen en daarna 12 years a slave. Dan praten we daarna verder. 

Read Full Post »

12 Years A Slave was dé film van het afgelopen jaar, en ik had ‘m nog niet gezien. Maar toen ik hoorde dat het was gebaseerd op een boek had ik gelijk een goede smoes: ik wilde eerst het boek lezen. Dus die heb ik een aantal weken geleden maar gereserveerd bij de bibliotheek. Het duurde even voordat het er was want er moest een Engelstalig exemplaar uit Alkmaar komen en toen ik het op ging halen was het niet wat ik ervan had verwacht.
Ik had een moderne roman verwacht die een bestseller was geworden en daarom was verfilmd maar het lag heel anders las ik in het voorwoord van regisseur Steve Mc Queen. De Britse regisseur was op zoek naar een verhaal en een hoofdpersoon voor een nieuwe film, het enige idee dat hij had was ‘iets over een vrij man die wordt gekidnapt en slaaf wordt’ maar het lukte hem maar niet om een goed verhaal op te bouwen rond dit gegeven. Totdat zijn partner, historicus Bianca Stigter, hem wees op het verhaal van Solomon Northup: ”I think I got it’, she said. If ever there was an understatement.” 12 years a slave
En inderdaad, mevrouw Stigter heeft niet zomaar een verslagje gevonden maar een prachtig geschreven roman uit 1853 die, zoals Mc Queen zelf ook zegt in zijn voorwoord, leest als een filmscript. Het taalgebruik is zo netjes en toegankelijk dat je met regelmaat vergeet dat het boek meer dan 150 jaar geleden geschreven is. Je merkt het af en toe omdat woorden als hell en damned niet worden uitgeschreven maar als h-l  in het boek staan. Blijkbaar vond mijnheer Northup het lastering (die ook steevast door anderen dan hemzelf is uitgesproken) die hij niet uit zijn eigen pen wilde laten komen.
Tijdens het lezen heb ik met regelmaat tegen mezelf gezegd ‘dit is echt’ en ‘dit is geschreven door de man wie dit is overkomen’. Voor wie het verhaal nog niet kent: Solomon Northup is een Afro-Amerikaanse man die met zijn vrouw en drie kinderen in de staat New York woont. In New York is slavernij verboden en hij is een vrij man. Hij stamt wel af van een slaaf (ik meen zijn grootvader) maar die is door zijn laatste eigenaar (mijnheer Northup, wiens naam hij bleef dragen) vrijgelaten. Solomon is een begenadigd vioolspeler en timmerman, zijn vrouw een kok met geweldige reputatie. Op zoek naar een baan komt hij in contact met twee mannen die hem vervolgens meenemen naar Washington en hem daar als slaaf verkopen.
Twaalf jaar lang werkt hij als slaaf voor verschillende eigenaren. En verschillend zijn ze. Als eerste komt hij terecht op de plantage van Master Ford, een man die op zondag zijn slaven voorleest uit de Bijbel en hen zelfs toestaat er één te hebben als ze dat willen terwijl de buren zeggen dat ‘een man die zijn neger toestaat een Bijbel te hebben niet geschikt is om een neger te hebben’. Northup schrijft met warmte en genegenheid over Ford en achteraf is hij van mening dat hij hem had moeten vertellen dat hij een vrij man was omdat hij er van overtuigd is dat hij hem geholpen zou hebben.
En juist dat vond ik nog wel het bijzonderst van het boek: zijn dankbaarheid, niet alleen voor de man die hem uiteindelijk bevrijdt (en daar nog veel meer moeite voor moet doen dan in de film) maar ook voor de mensen die hem redelijk en vriendelijk behandelen ook al zijn ze zijn ‘meester’. Hij kent geen wrok tegenover goede mensen die toch het systeem in stand houden door slaven te kopen. En dat is knap.
Dat mis ik een beetje in de film, waar de verkniptheid en wreedheid van zijn laatste eigenaar wel duidelijk wordt overgebracht maar Ford wordt neergezet als een vriendelijke en meelevende man maar toch een beetje een lafbek. En dat is niet helemaal terecht, ga het boek maar lezen.

Read Full Post »